site teller
site teller
site teller
gran-canaria-actueel.jouwweb.nl
'GRAN CANARIA ACTUEEL'... » GESCHIEDENIS » AANVAL PIETER VAN DER DOES

aaaaLOGOMETBANNERGranCanariaActueel-121.jpg

6-65.jpg

Listener-4-1.png


PosterdeslagomdeVolmolendefinitief29juni2017-1.jpg


Tentoonstelling in het Leiderdorps Museum
over
het officiële bezoek van de Burgemeester
aan Gran Canaria in 2016

Expositie: van 17 september 2017 t/m  28 februari 2018

LEIDERDORP - maandag 11 septembere 2017 - In de gemeente Leiderdorp zal op zaterdagmiddag 16 september om 13:30 uur de tentoonstelling geopend worden:
“Officieel Bezoek in 2016 van Burgemeester Laila M. Driessen-Jansen aan Gran Canaria.”
Momenteel staat op de internetpagina van het Leiderdorps Museum te lezen:
                                     logoLMnieuw3-1.png

“Het Leiderdorps Museum is gesloten
 vanaf donderdag 15 juni tot zaterdag 16 september 2017
op zondag 17 september 2017 zijn we weer open met een nieuwe tentoonstelling”

DE HERDENKING VAN DE SLAG BIJ DE VOLMOLEN IN 1599 OP GRAN CANARIA
Het treffen tussen de troepen van viceadmiraal Pieter van der Does en de lokale strijdkrachten o.l.v. gouverneur Alonso Alvarado.
In juli 2016 herdacht, in aanwezigheid van de burgemeester van Leiderdorp, mw. L. Driessen.

Het betreft dan de tentoonstelling over de, in juli 2016, officiële aanwezigheid van de Burgemeester van Leiderdorp bij de jaarlijkse militaire en civiele herdenkingsplechtigheden en evenementen ter herdenking van:
- de Aanval van Admiraal Pieter van der Does op El Real de Las Palmas, tegenwoordig Las Palmas de Gran Canaria; en de ‘Batalla del Batán’ (‘Slag bij de Volmolen), in La Villa de Santa Brígida in 1599:  het grootste wapenfeit uit de gehele geschiedenis van de Canarische Eilanden.
2016-06-30080BezoekBurgemeesterLeiderdorpdag3.jpg

360-1.jpg
Elders op ‘Gran Canaria Actueel’ kunt u alles lezen over het officiële bezoek van de Burgemeester van Leiderdorp, dat de Edelachtbare Mevrouw Laila M. Driessen-Jansen - samen met haar echgenoot León - in 2016 heeft gebracht aan Gran Canaria als eregaste op uitnodiging van het Cabildo (Eilandbestuur) van Gran Canaria, het Gemeentebestuur van Las Palmas de Gran Canaria, in samenwerking met  het Gemeentebestuur van La Villa de Santa Brígida, en het Regiment Lichte Infanterie  Canarias-50, ‘Dat van El Batán’, zie:
http://gran-canaria-actueel.jouwweb.nl/geschiedenis/vice-admiraal-pieter-van-der-does/2016-417e-jaar-herdenking-v-d-does

                                2016-06-30003BezoekBurgemeesterLeiderdorpdag2-3.jpg
          In de Kathedrale Basiliek van Santa Ana, in Las Palmas de Gran Canaria, juli 2016.
2013-07-03-006-114e-herdenking-van-der-does-large_large-4.jpg

thumbnail_2017-07-25001VoorbereidingexpositieLeiderdorp16-9.jpg
Voorbereidingswerkzaamheden voor de tentoonstelling die plaatsvindt in het Leiderdorps Museum van zondag 17 september 2017 t/m woensdag 28 februari 2018.
thumbnail_2017-07-25002VoorbereidingexpositieLeiderdorp16-9.jpg
In januari van 2017 heeft burgemeester Laila Driessen de redactie van ‘Gran Canaria actueel’ persoonlijk laten weten, dat het Gemeentebestuur van Leiderdorp - samen met de directeur van het Leiderdorps Museum, de heer Bob Reidsma; zijn secretaresse mevrouw Myrna Dop; en de vrijwillige museummedewerkers, een tentoonstelling zal organiseren over het genoemde offiicële bezoek aan Gran Canaria.
entree2.jpg
Wij delen geïnteresseerden hierbij mede, dat - voor genodigden - de vernissage van de tentoonstelling in het Leiderdorps Museum plaats zal vinden op:
- zaterdag 16 september 2017, om 13.30 uur.

De tentoonstelling kan bezocht worden gedurende de reguliere openingstijden van het Leiderdorps Museum, namelijk op:   
-
woensdag.... 14.00 - 17.00 uur
- zaterdag.......10.30 - 12.30 uur
- zondag .........14.00 - 16.00 uur
- Op feestdagen is het museum gesloten.
logoLMnieuw3.png

Contact:
Leiderdorps Museum
De Sterrentuin
Van Diepeningenlaan 110
Leiderdorp
Telefoon (+31) (0)71 5820381
E-Mail: info@leiderdorpsmuseum.nl
Web Site: http://www.leiderdorpsmuseum.nl

Geïnteresseerden en de Persmedia kunnen voor meer informatie contact opnemen via de internetpagina van de Gemeente Leiderdorp, met de secretaresse Communicatie, mevrouw Carola Visser:
http://gran-canaria-actueel.jouwweb.nl/geschiedenis/vice-admiraal-pieter-van-der-does/2016-417e-jaar-herdenking-v-d-does 
of met de redactie van Gran Canaria actueel via het reactieformulier, helemaal onderaan op de hoofdpagina:
http://gran-canaria-actueel.jouwweb.nl
0000AAAAIslas-canariaslogo-158.jpg


De Día Grande van Valverde de Mérida,
in 2017
met officieel Nederlands/Canarisch bezoek

VALVERDE DE MÉRIDA - vrijdag 21 juli 2017 - Nederlands/Canarisch bezoek, als onderdeel van ‘La Mesa del Batán’ en als zodanig Nederlandse vertegenwoordiging bij de herdenking, ter versterking in vredestijd  van de banden tussen het Koninkrijk Spanje en het Koninkrijk der Nederlanden; uiteraard ook van de Spaanse zuster-steden:
Valverde de Mérida (Provincie Badajoz - Deelstaat Extremadura) en La Villa de Santa Brígida (Gran Canaria - Deelstaat Canarias).

La Mesa del Batán’  (het Herdenkingscomité van de ‘Slag bij de Watermolen’),  en als zodanig officieel als Nederlandse vertegenwoordiging in vredestijd, hebben we ook in 2017-  na 418 jaar - de historische banden aangehaald en versterkt door met deelname aan de dorpsfeesten van Valverde de Mérida  hulde te bewijzen aan  de aldaar geboren Don Alonso de Alvarado y Ulloa, in 1599 Militair Kapitein/Gouverneur van El Real de Gran Canaria,  en  aan zijn plaatsgenoot militair-plaatsvervanger destijds, luitenant-generaal Don Antonio Pamo Chamoso.

BA-Valverde_de_Mrida-_29-1.jpg

IMG_0422.jpg     Buitenmuur van de Sint Antonius-kapel van de Sint Marina-kerk in Valverde de Mérida.

IMG_0415.jpg
IMG_0447-1.jpg
Een - tijdens de dagenlange hittegolf (van ruim 43º Celsius!) - letterlijk en figuurlijke warme ontvangst door Burgemeester Don Francisco José Vizcaïno Pantoja, samen met zijn wethouders van Hacienda (Financiën)  (op de foto uiterst links,) en wethouder van Feesten (jawél!) (op de foto uiterst rechts), alle drie van de Partido Popular( PP), samen met Hans Camps die het programmaboek toont met daarin de officiële uitnodiging:
Scan_20170721.jpg

Bekijk hier het foto-videoverslag
van het officiële bezoek in 2017
aan
Valverde de Mérida:

https://youtu.be/Coao-x2aFAo

DSCN5658.jpg DSCN5656.jpgHans Camps tekent - samen met Wim Roxs - onder toeziend oog van Burgemeester Don Francisco José Vizcaïno Pantoja, het Ere-Boek van de Gemeente Valverde de Mérida.

IMG_1157.jpg

IMG_1160.jpg↑ Op de linkerbladzijde staat  de opdracht van een Canarische delegatie,
geschreven op 16 oktober 2016.
IMG_1161-1.jpg

                                                  ↑   18 de Julio de 2017

                                 En el Gran Día de Valverde de
                                 Merida es un honor para
                                 dar los saludos de los
                                 autoridades de Gran Canaria
                                 en honor de sus Heroes
                                 Don Alonso de Alvarado y Ulloa
                                  y su teniente Don Antonio
                                  Pamo Chamoso, nosotros
                                  Guillermo Roxs y yo Hans Camps
                                  como representantes holandeses
                                  para enforzar el lazo
                                  que tenemos en estos tiempos
                                  de Paz dentro el Reino de España
                                  y el Reino de Los Países Bajos

                            HCamps  WRoxs 
VIDEOFRAGMENTEN: 
Met onderstaande videofragmenten geven wij een beeld van de indrukwekkende plechtigheden, zoals die hebben plaatsgevonden op 18 juli: De Feestdag van de Santa Virgen y Martires Santa Marina (de Heilige Maagd en Martelares Sint Marina), de patrones/beschermheilige van Valverde de Mérida…

IMG_0897-5.jpg

9 VIDEOFRAGMENTEN
HOOGMIS:

- VIDEO 1: 2017-07-16 001 Klokkengelui
   https://youtu.be/apa3alfQkBY

- VIDEO 2: 2017-07-18 002  Hoogmis deel 1
   https://youtu.be/AL2vELvdsW0
                    - VIDEO 3: 2017-07-18 003 Hoogmis deel 2                    https://youtu.be/B4mbVdD9U4A

- VIDEO 4: 2017-07-18 004 Hoogmis deel 3
  https://youtu.be/judr4-qARds

- VIDEO 5: 2017-07-18 005 Hoogmis deel 4     https://youtu.be/J2yMzndWWcE

-VIDEO 6: 2017-07-18 006 Hoogmis deel 5
   https://youtu.be/HRW2bj1Kkh8

- VIDEO 7: 2017-07-18 006  Hoogmis deel 6 
 
https://youtu.be/tRY3fKcFuZ4

- VIDEO 8: 2017-07-18 007 Hoogmis deel 7
  https://youtu.be/sSsFG7TFgOc

- VIDEO 9: 2017-07-18 008  Hoogmis deel 8
  https://youtu.be/uas5IbpLWDA

- VIDEO 10: 2017-07-18 009 Hoogmis deel 9

https://youtu.be/boMZKiAhJ6A

IMG_0952.jpg
14 VIDEOFRAGMENTEN
PROCESSIE STª MARINA:

- VIDEO 11: 2017-07-18 010 Processie Stª Marina deel 1
   
https://youtu.be/-Vl7H_6ORFs

- VIDEO 12: 2017-07-18 011 Processie Stª Marina deel 2
    https://youtu.be/hWkA-T4cH_A
 
- VIDEO 13: 2017-07-18 012 Processie Stª Marina deel 3
   https://youtu.be/mIZ2tTJVKjs
- VIDEO 14: 2017-07-18 013 Processie Stª Marina deel 4
   
https://youtu.be/h_toGgmIuxE

- VIDEO 15: 2017-07-18 014 Processie Stª Marina deel 5
   
 https://youtu.be/ZFz4EodtJHY

- VIDEO 16: 2017-07-18 015  Processie Stª Marina deel 6

https://youtu.be/sS4G-zRxtVA

- VIDEO 17: 2017-07-18 016 Processie Stª Marina deel 7
https://youtu.be/c8Ap6Sc4P_0

- VIDEO 18: 2017-07-18 017 Processie Stª Marina deel 8
https://youtu.be/sAqbfTmR0k4

- VIDEO 19: 2017-07-18 018  Processie Stª Marina deel 9
https://youtu.be/uPkvHYS7Lc4

- VIDEO 20: 2017-07-18 019 Processie Stª Marina deel 10
https://youtu.be/ZHoiuri60_o

   - VIDEO 21: 2017-07-18 020  Processie Stª Marina deel 11
  https://youtu.be/P7XKI8OSUvU

- VIDEO 22: 2017-07-18 021 Processie Stª Marina deel 12
 https://youtu.be/JbwLFxxkBf8

- VIDEO 23: 2017-07-18 022 Processie Stª Marina deel 13

 https://youtu.be/sdfKv20PK4I

- VIDEO 24: 2017-07-18 022 Processie Stª Marina deel 14
https://youtu.be/sdfKv20PK4I
IMG_1149.jpg
 Tijdens de receptie na afloop van de processie van Stª Mariana;op de foto v.l.n.r.:: Wim Roxs, samen met  de consejal de Hacienda (Wethouder van Financiën;el alcalde, de burgemeester; en de consejal van Obras Públicas (wethouder van Openbare Werken); drie van het in totaal negen leden tellende  gemeentebestuur van Valverde de Mérida.

VIDEO 25: 2017-07-18 023
Receptie na processie Stª Marina:
https://youtu.be/xstL_gFAgyY

IMG_0422.jpg      Buitenmuur van de Sint Antonius-kapel van de Sint Marina-kerk in Valverde de Mérida.
DSCN5585.jpg

IMG_0412-1.jpg
IMG_0413-2.jpg

TEKST VAN DE PLAQUETTE WELKE IS AANGEBRACHT OP DE BUITENMUUR VAN DE SINT ANTONIUS-KAPEL, VAN DE KERK VAN SANTA MARINA IN VALVERDE DE MÉRIDA, WAARIN LUITENANT ANTONIO PAMO CHAMOSO IS BEGRAVEN:

ALONSO ALVARADO ULLOA EN ANTONIO  PAMO CHAMOSO
NATIONALE HELDEN

Alonso Alvarado en Pamo Chamoso geboren in Valverde de Mérida, hebben heldhaftig Gran Canaria verdedigd, tot aan het punt van het geven van hun leven voor de eenheid van Spanje tegen de indringers. Valverde heeft in dat tijdperk - met twee vooraanstaande mannen die zijn gerespecteerd met een speciale waardering voor hun kwaliteiten van hun beroepsklasse - bijgedragen aan de Geschiedenis van ons Vaderland.

Op 6 oktober 1599 heeft de Engelse piraat Sir Francis Drake de stad Las Palmas de Gran Canaria aangevallen, waarbij hij heldhaftig is teruggewezen door de Canarische milities (tegenwoordig het Regiment Lichte Infanterie Canarias 50 ‘Dat van de Slagmolen’) onder leiding van de Kapitein Gouverneur Alonso Alvarado.

Op 26 juni 1599 heeft het Hollandse eskader ondere leiding van de Admiraal Pieter van der Does de stad Las Palmas de Gran Canaria aangevallen, waarbij Alonso Alvarado dodelijk gewond is geraakt. Na zijn overlijden is hij met alle eer begraven in de de Kathedraal van Santa Ana (Gran Canaria), en is het commando overgenomen door zijn plaatvervangende luitenant Pamo Chamoso.

Op 3 juli 1599 zijn op de locatie van de Volmolen, in La Villa de Santa Brígida, de Hollanders verslagen; door ons leger, miliciens en plaatsbewoners, waarbij de Holllanders van het eiland verdreven zijn. Deze slag werd geleid door Pamo Chamoso en staat bekend als ‘De Slag om de Volmolen’.

Ter herinnering aan deze gebeurtenis staat in het stadswapen van La Villa de Santa Brígida: ‘Voor Spanje en voor het geloof hebben we de Hollander overwonnen’. Vanuit dit  glorieuze feit is de huidige naam afkomstig van het Regiment Lichte Infanterie Canarias 50, dat men heeft onderscheiden met ‘Dat van de volmolen’.

Toen hij terugkwam uit Amerika, is deze Sint Antonius-kapel gebouwd in opdracht van Antonio Pamo Chamoso en na zijn overlijden is hij  hierin in begraven.

Ook gedenkt men deze Slag om Las Palmas de Gran Canaria met een monument voor Kapitein Alonso Alvarado en met straten die de namen dragen van deze hooggeplaatste Valverderiaanse militairen.

De gemeenten Valverde de Merida (30 april 2007) en Santa Brígida (12 mei 2007) hebben zich verbroederd vanwege de historische banden die hen verenigen.

De Hollandese aanval was het belangrijkste wapenfeit uit de gehele geschiedenis van de Archipel.

De Grancanario’s willen de waarde van deze twee onderscheiden Militaren erkennen, en hen danken, en eren.

Eilandbestuur van Gran Canaria en Gemeentebesturen van
Las Palmas de Gran Canaria en Santa Brígida.

ZZZZZZIslas-canariaslogo-kopie-133.jpg

 


En zo is de overwinning behaald

Bartolomé Cairasco de Figueroa, de chroniqueur/monnik van destijds, heeft het in zijn historisch verslag
uiteraard ook over: 
Alonso Alvarado y Ulloa
De Militaire Gouverneur Van Gran Canaria 1595 - 1599

alo.jpg
Alonso Alvarado y Ulloa
 Militair Gouverneur van Gran Canaria 1595 -1599

Leven en strijd:

Jaar 1536:
Alonso de Alvarado y Ulloa is geboren in het kleine dorp Villa de Valverde de Mérida, Provincie Badajoz, in de Deelstaat Extremadura. Sinds zijn jeugd omhelsde hij een carrière onder de wapenen. Zijn staat van dienst kan niet briljanter zijn, eerst streed hij als kapitein in de zware en moeilijke campagnes in Italië en Vlaanderen.

7 de februari 1570:
Als persoonlijke luitenant beschermer van don Juan de Austria (Jan van Oostenrijk), vecht hij tegen de opstandige moriscos (moslim Arabieren) van La Vega (de Grote Vlakte) van Granada. Hij is de eerste die bij  de aanval van de stad Galera de de muur van het fort beklimt en het koninklijke vaandel ontrolt, omringd door vijanden en verwond geraakt door een boogschutter. Deze keer heeft hij zijn leven op wonderbaarlijke wijze gered, in het gevecht met een Moorse leider die zich aan hem vastklampt heeft hij het geluk zich om te laten vallen en zijn tegenstander te doden toen die  boven op hem viel.

7 oktober 1571:
Hij neemt deel aan de strijd tegen de Turken, eveneens in opdracht van don Juan de Austria (Jan van Oostenrijk), hij had de eer het vuur te openen in de beroemde Slag van Lepanto, die zo beslissend was voor de westerse wereld. Alvarado is aanwezig als militair bij de bezetting van Aragon als kapitein van de twaalfde compagnie; als veldheer neemt hij deel aan deze bloedige operatie.
Koning Filips II beloond zijn diensten door hem als dank een jaarinkomen toe te kennen van 36.000 Maravedíes (antieke Middeleeuwse munten die tussen de 11e en 14e Eeuw in omloop waren op het Iberische Schiereiland die een waarde vertegenwoordigden van 22 gram zilver; zie: https://nl.wikipedia.org/wiki/Maraved%C3%AD).
Alonso Alvarado is in Medellin gehuwd met Doña Mariana Camargo y Soto, en krijgt uit dit huwelijk vier kinderen: Alonso, Juan, Estefania en Ana.

3 december 1594:
Koning  Filips II benoemd hem tot Militair Gouverneur van Gran Canaria, een titel die verleend is in Madrid, ondertekend door de Koning en aanbevolen door Luis de Molina, zijn kamerheer. Op deze datum is hij in Mérida, vanwege de doop van zijn dochter Ana.
Hij gaat de bevoegdheden van nieuwe gouverneur aan met de benoeming van zijn luitenant raadsheer, Antonio Pamo Chamoso, een inwoner van Valverde de Mérida, zijn stadsgenoot. Alonso de Alvarado gaat met zijn luitenant, zonder zijn familie, naar Sevilla om scheep te gaan op de Mexicaanse vloot die een tussenstop op Gran Canaria maakt. Steeds kiest men als gouverneur van dienst op de eilanden, veteranen die als opmerkelijke soldaten werden geselecteerd

3  april 1595:
Hij neemt zijn positie als gouverneur en algemeen eilandkapitein in, in El Real de Las Palmas op Gran Canaria, na de nacht doorgebracht te hebben in de fortificatie van La Isleta, op vriendelijke uitnodiging van de burgemeester, Serafín Cairasco de Figueroa. Hij overhandigt hem de staf van de vertrekkende ex-gouverneur Melchior de Morales, en ze gaan al snel over tot de ‘oorlogszaken’, vanwege de bedreigingen en de gevaren van de Engelsen, Hollanders, en moros (moslim Arabieren) tegen de Archipel.

6 oktober  1595:
Alonso Alvarado, Militair Gouverneur van het Real de Las Palmas, verslaat met militairen, miliciens, en plaatsbewoners, het Engelse Eskader onder commando van Francis Drake met 27 schepen en 3.000 ontschepende manschappen. De kustartillerie verhindert dat de Engelsen voet aan wal zetten, en men zo de overwinning behaalt.

26  juni 1599:
Het Hollandse eskader valt het Real de Las Palmas aan met 12.000 manschappen, vervoerd met 74 schepen onder het commando van Admiraal Pieter van der Does. De rol van de dodelijk gewond geraakte Kapitein Gouverneur Alonso Alvarado, wordt overgenomen door zijn  plaatsvervangende luitenant Antonio Pamo Chamoso,.

 27 juni 1599:
Alonso Alvarado, duidelijk gewond geraakt, wordt overgebracht naar La Vega (Santa Brígida) naar het huis van Burgemeester Pedáneo Andrés de la Nuez.

3 juli 1599:
Antonio Pamo Chamoso, Militair interim Gouverneur, leidt de Batalla del Batán’ (‘Slag bij de Volmolen’), die met militairen, miliciens, en plaatsbewoners, de Hollanders verslaat in Santa Brígida en hen terugdrijft in zee. Op deze dag deelt Pamo Chamoso de Overwinning mee aan zijn Gouverneur Alvarado  die zwaar gewond  in Santa Brígida verblijft.
DIT IS HET GROOTSTE WAPENFEIT UIT DE GEHELE GESCHIEDENIS VAN DE CANARISCHE EILANDEN.

17 augustus 1599:
Alvarado maakt zijn testament op in het bijzijn van de notaris Francisco Casares, “...gouverneur en kapitein-generaal van het eiland Gran Canaria door koning Filips II, liggend in bed, gewond in het been door een kogel van de Hollandse vijand die naar dit eiland kwam..."

20 augustus 1599:
Overlijdt Alonso Alvarado, Kapitein Gouverneur van Gran Canaria, en wordt met alle eer begraven in de Kathedrale Basiliek van Sana Ana, Real de las Palmas. In zijn testament heeft hij opgenomen, begraven te worden in  het habijt van Sint Franciscus.

Erkentelijkheid voor de feiten

Organisatie: 
- Cabildo de Gran Canaria;
- Ayuntamiento del Real de Las Palmas de Gran Canaria;
- Ayuntamiento de Santa Brígida;
- Regimiento de Infantería Ligero CANARIAS-50, "El del Batán";
- Real Sociedad Económico de Amigos del País de Gran Canaria; RSEAPGC
- La Mesa del Batán.
De hier genoemde instanties gedenken jaarlijks deze efeméride (gebeurtenis) met culturele activiteiten: discussiegroepen, en conferenties over de geschiedenis en uiteraard de jaarlijkse militaire en civiele plechtigheden op 2 en 3 juli. Daartoe kan men de diverse programma’s raadplegen.

8 december 1962:
Op het Plaza del Pino, bij het Castillo de Casa Mata (Kazemat-Kasteel), plaatst het Cabildo (Eilandbestuur) van Gran Canaria op een bevoorrechte plaats een monument van rood gesteente,  in de vorm van een vierkante pilaar, ter ere van de Militaire Gouverneur Alonso Alvarado en de overige 59 gevallen helden bij de aanval van de Hollanders in 1599. Autoriteiten bij de inhuldiging aanwezig,  zijn de president van het Cabildo (Eilandbestuur) van Gran Canaria, Don Federico Díaz Bertrana; en de Generaal Gouverneur van het Plein, Don Alfonso Pérez Viñeta Lucio. En o.a. alle burgemeesters van de Gemeenten van Gran Canaria, en het Korps Consulair, geaccrediteerd op het Eiland.

2 november 1973:
Een vriendengroep in  Santa Brígida (niet politiek ) richt 'Los Amigos del Batán' ;  die in 1984 het comité "Mesa del Batán" werd. Het doel is geen ander, dan eer te bewijzen aan de 60 helden die hun leven gaven voor  Gran Canaria (Spanje), tegen de Hollandse aanval in 1599. ter  herinnering aan het historische feit van de 'Batalla del Batán' ('Slag bij de Volmolen'), samen met het  Regimiento de Infantería Ligera Canarias-50 .

3 juli 1999:
400 Aniversario de la Gesta del ataque holandés a Gran Canaria. de Asociación Neerlandesa en Canarias (Nederlandse Vereniging Canarias - NVC) schenkt een 90 cm hoge en 900 kilo zware luidklok aan de het Bestuur van de Kathedraal van Santa Ana, ter vervanging van de luidklokken welke de Hollanders in 1599 hebben meegenomen als oorlogsbuit.
Militaire parade op het Plaza Mayor de Santa Ana met troepen van beide naties (Spanje en Nederland), eerbetoon aan de gevallenen, President van het Cabildo (Eilandbestuur) van  Gran Canaria; en  Jan, Graaf de Marchant et d'Ansembourg, Nederlands Ambassadeur in Spanje; en Don Manuel Borra Gutiérrez  de Tovar,  General Stafchef van BRILCAN-XVI.
Defilé van de Nederlandse en Spaanse troepen door dezelfde straten als destijds in 1599.

1 juli 2000:
Gouden medaille: toegekend door het Gemeentebestuur van  La Villa de Santa Brígida, aan het Regimiento de Infantería Ligera, CANARIAS- 50, "El del Batán". In ontvangst genomen door de Kolonel Stafchef van CANARIAS-50, Don Benito Jodar Morales, tijdens het evenement Jura de Bandera in la Villa de Santa Brígida, waarbij 102 rekruten en 55 burgers. Aanwezige autoriteiten:: Burgemeester Don Carmelo Vega Santana, en de hoogste militaire autoriteit Don Manuel Borra Gutiérrez de Továr, General Jefe del Gobierno Militar van Las Palmas.

30 april 2007:
de Stad die hem geboren zag worden, Valverde de Mérida, Badajoz, gaat het zusterschap aan met La Villa de Santa Brígida, Gran Canaria, vanaf dat moment hebben de Valverdianen een straat met de naam: 'Alonso Alvarado, Capitán Gobernador de Gran Canaria, (1595-1599)', geboren in Valverde de Mérida". En ook een straat met de naam  Antonio Pamo Chamoso, zijn plaatsvervangende officier. In een openbaar park plant men twee Canarische palmbomen, die de Valverdianen respectievelijk dopen met de namen  Alonso Alvarado, en Pamo Chamoso. Bij de plechtigheid zijn aanwezig Doña Ángeles Frutos Gama (burgemeester van La Villa de Valverde de Mérida) en Don  Antonio Díaz Hernández, (burgemeester van La Villa de Santa Brígida).

IMG_0411a.jpg

12 mei 2007:
Santa Brígida tooit zich feestelijk voor de viering van  het zusterschap met de gemeente Valverde de  Mérida. Don Antonio Díaz, burgemeester van Santa Brígida overhandigt aan Doña Ángeles Frutos Gama, burgemeester van Valverde de Mérida, een schilderij van Alonso Alvarado, en  zij overhandigt een  plaquette van kurkeik en een van steeneik, als plaatselijke bomen van hun grond. Het woord wordt gevoerd door Don Francisco Marín Lloris, voorzitter van de  Real Sociedad Económico de Amigos del País de Gran Canaria (RSEAPGC); door Don Pedro Vizcaíno Ramírez, wethouder van de Valverde; door Don Juan Eusebio olís Parra, wethouder van Valverde, en door Don Jacobo González Velázquez, oprichter/voorzitter (in 1973) van  'La Mesa del Batán'.

25 september 2010:
El Cabildo van Gran Canaria, en de Gemeenten Las Palmas de Gran Canaria en La Villa de Santa Brígida, brengen op initiatief van het comité 'Mesa del Batán', een plaquette aan op de buitenmuur van de kapel van  San Antonio, van de Santa Marina-kerk, in la Villa de Valverde de Mérida,(Badajoz), als eerbetoon aan de Valverdiaanse helden die streden voor de verdediging van Gran Canaria en het van de Overwinning tegen de Engelsen in 1595, en tegen de Hollandse indringers in 1599.

27 juni 2012:
Eerbetoon in La Villa de Santa Brígida, men heeft een plaquette aangebracht op de buitenmuur van de hoofdkerk, met de 60 namen van de gevallenen bij de aanval van de Hollanders in 1599. Onder hen Alonso Alvarado y Ulloa.
De plechtigheid is geleid door: Don Lucas Bravo de Laguna (Burgemeester van La Villa de Santa Brígida); Don Alfonso García-Vaquero Pradal (Generaal Stafchef van BRILCAN XVI) en Don Luis Molina González (Gedelegeerde van de Spaanse Regering op Canarias)

26  juli 2015:
Het Regiment Lichte Infanterie CANARIAS-50, "El del Batán",bevestigt een plaquette op hun kazerne, met de 60 namen van de gevallenen in de strijd tegen de Hollanders, die hun leven gaven voor Gran  Canaria, voor het Geloof en voor de Eenheid van Spanje. De plaquette is geschonken door de burgemeester van Santa Brígida, Doña Beatriz Santana Sosa, op 29 januari  2015, toen Don Federico Méndez Díaz. Kolonel Stafchef was van het Regimiento de Infantería Ligera CANARIAS-50.

2016-06-30012BezoekBurgemeesterLeiderdorpdag1.jpgAankomst op 30 juni 2016 op de luchthaven van Gran Canaria, als eregaste (samen met haar echtgenoot León), Mevrouw Laila Mathilde Driessen-Jansen, burgemeester van de gemeente Leiderdorp, Nederland, de geboorteplaats van  Pieter Van der Does, admiraal van de Hollandse Vloot, die Gran Canaria aanviel in 1599.
30 juni 2016:

Aankomst op de luchthaven van Gran Canaria, als eregaste (samen met haar echtgenoot León), Mevrouw Laila Mathilde Driessen-Jansen, burgemeester van de gemeente Leiderdorp, Nederland, de geboorteplaats van  Pieter Van der Does, admiraal van de Hollandse Vloot, die Gran Canaria aanviel in 1599.
De Gemeente van de Ciudad Real de Las Palmas de Gran Canaria heeft de reis van de eregasten betaald. Het Cabildo (Eilandbestuur) van Gran Canaria heeft de kosten van eten en vervoer op het eiland betaald. De eigenaar/directeur van Hotel 'Fataga', heeft het logies van de eregasten gedoneerd.

1 juli 2016:
Overbrenging van de plaquette met de 60 namen van  de gevallenen in de strijd van de Hollandse aanval, van de oude kazerne van het Regiment CANARIAS-50 naar de nieuwe Basis (La Isleta). Onthulling van de plaquette door  Don Venancio Aguado de Diego, Generaal Stafchef van  BRILCAN-XVI; Mevrouw  Laila Mathilde Driessen-Jansen en Don Jacobo González Velázquez, in 1973 stichter/voorzitter van het comité  'La Mesa del Batán'.

2 juli 2016:
De burgemeester van Leiderdorp tekent het Ere-boek van de Stad Las Palmas de Gran Canaria, en van het Cabildo (Eilandbestuur) van Gran Canaria. Vervolgens is de plechtigheid bij het Monument van Alonso Alvarado, in Las Palmas de Gran Canaria ter Ere van de Gevallenen in de Slag van 1599, voor hen die hun leven gaven voor Gran Canaria. Sprekers zijn Don Antonio Morales Méndez, President van het Cabildo (Eilandbestuur) van Gran Canaria; Don Augusto Hidalgo Macario, burgemeester van  Las Palmas de Gran  Canaria; Don Pedro Galán García, Luitenant Generaal Stafchef van het Mando Militar de Canarias , en de edelachtbare mevrouw Laila Mathilde Driessen-Jansen, burgemeester van Leiderdorp, in het Castillo de Casa Mata, waar de traditionele "Lección Histórica" Over de Gesta (Slaggehouden is door de Luitenant Generaal.  Aan het eind van de bijeenkomst is de prospectus uitgereikt met de 'Historische Lezing' welke in 2015 is gehouden door  Don Agustín Manrique de Lara y Benítez de Lugo; en afgesloten met een 'Vino Canario' met biscuits (welke in 1599 aan de Canarische manschappen werd aangeboden door Bisschop  Cenicero bij de aanval van de Hollanders).

3 juli 2016:
In de Kathedraal van  Santa Ana  blaast de trompettist van het Regiment CANARIAS-50, de Oproep tot Gebed voor de Gevallenen, en de burgemeester van Leiderdorp laat de luidklok klinken met veertien klokslagen, een voor elke dag dat het Real de Las Palmas en de baai bezet waren. Daarna is vanuit de Marquesina (Overkapping) op Santa Catalina-kade een lauwerkrans in zee gedeponeerd, voorzien van de nationale Spaanse en Nederlandse kleuren, als eerbetoon aan hen die hun leven hebben gegeven in de Slag om het Real de Las Palmas, een civiel/militaire plechtigheid, met defilé van de vlaggen van beide steden en gemeenten die verliezen hebben geleden in de miliciens-compagnieën tijdens de Hollandse aanval; eerbetoon aan de gevallenen, ook voor de Hollanders, met een laurierkrans; korte toespraak door de burgemeester van Leiderdorp, en de plechtigheid is afgesloten door de burgemeester van de stad.

Wandeling van El Batán vanaf de Kathedraal van Santa Ana naar  La Villa de Santa Brígida (14 km.) door de barranco (het ravijn) van  Guiniguada. Ondertekening door de burgemeester van  Leiderdorp van het Libro de Honor (Ere-boek ) van de Gemeente Santa Brígida. Om 13:00 uur, op het kerkplein van Santa Brígida, voor de plaquette van de gevallenen bij de Gesta (Slag) om de Hollandse aanval op Gran Canaria en afsluiting van de civiel/militaire plechtigheid door de burgemeester van de Stad, Don  José A. Armengol Martín; met tot slot het spelen van het Spaanse volkslied en defilé van de troepen die hebben deelgenomen aan de 'Caminata del Batán'. Het Regimiento Canarias-50 heeft rijkelijk paella aangeboden als lunch.
Om 20:00 uur: Retreta Militar Floreada (militaire muziekparade) voor de ingang van het Gemeentehuis ter herinnering aan de gevallenen van de  Slag van 1599 tegen de Hollanders.

mon.png                  Monument voor de Militaire Kapitein -Gouverneur Alonso Alvarado y Ulloa.

20 augustus 2016:
Voor het monument van  Alonso Alvarado y Ulloa, in Las Palmas de Gran Canaria, heeft men de sinds de  jaren '60 vergeten plechtigheid hervat, ter herdenking van diens overlijden. Dat was op 20 augustus 1599 toen hij het leven liet ten gevolge van de verwondingen waaraan hij leed welke hij had opgelopen bij de scheepsaanval van de Hollanders. Autoriteiten, sociale verenigingen, de Mesa del Batán, en metgezellen, hebben de 417e verjaardag van het overlijden herdacht. De plechtigheid is geleid door Don Jorge Alberto Rodríguez Pérez, Canarisch Parlementslid voor Gran Canaria, en door Don Bienvenido Conesa Mayoral, Hoofd-Onderofficier van het Regiment Infanterie, die  aanwezig was als militaire parachutist toen men in 1962 het monument onthuld heeft.

In Las Palmas de Gran Canaria, Arucas en Santa Brígida, hebben straten de namen van helden die streden voor Gran Canaria, voor het Geloof , en voor de Eenheid van Spanje.

Men kan in de hoofdstad van Gran Canaria plaquettes zien die herinneren aan de historische Gesta (Slag) van 1599.

Jaarlijks met de komst van de datums van de Hollandse aanval (2 en 3 juli), herdenken de Grancanario's de Victorie van 'La Batalla del Batán' ('De Slag om de Volmolen');sinds 1973 herdenkt 'La Mesa del Batán' (het comité ononderbroken 'La Batalla del Batán')

Voor de jaarlijkse herdenkingen (van de bovengenoemde jaren 2010 tot en met 2016, en de daaropvolgende jaren) verwijzen wij u naar de speciale, uitvoerige foto- en video-artikelen per jaar, zoals die geplaatst zijn - en worden - op:
‘Gran Canaria actueel’:
http://gran-canaria-actueel.jouwweb.nl
in  de rubriek:
‘GESCHIEDENIS’:
http://gran-canaria-actueel.jouwweb.nl/geschiedenis
‘AANVAL  PIETER VAN DER DOES :
http://gran-canaria-actueel.jouwweb.nl/geschiedenis/vice-admiraal-pieter-van-der-does
2010-411e jaar Herdenking v.d. Does:
http://gran-canaria-actueel.jouwweb.nl/geschiedenis/vice-admiraal-pieter-van-der-does/2010-411e-jaar-herdenking-v-d-does

2011-412e jaar Herdenking v.d. Does:
http://gran-canaria-actueel.jouwweb.nl/geschiedenis/vice-admiraal-pieter-van-der-does/2011-412e-jaar-herdenking-v-d-does
2012-413e jaar Herdenking v.d. Does:
http://gran-canaria-actueel.jouwweb.nl/geschiedenis/vice-admiraal-pieter-van-der-does/2012-413e-jaar-herdenking-v-d-does
2013-414e jaar Herdenking v.d. Does:
http://gran-canaria-actueel.jouwweb.nl/geschiedenis/vice-admiraal-pieter-van-der-does/2013-414e-jaar-herdenking-v-d-does
2014-415e jaar Herdenking v.d. Does:
http://gran-canaria-actueel.jouwweb.nl/geschiedenis/vice-admiraal-pieter-van-der-does/2014-415e-jaar-herdenking-v-d-does
2015-416e jaar Herdenking v.d. Does:
http://gran-canaria-actueel.jouwweb.nl/geschiedenis/vice-admiraal-pieter-van-der-does/2015-416e-jaar-herdenking-v-d-does
2016-417e jaar Herdenking v.d. Does:
http://gran-canaria-actueel.jouwweb.nl/geschiedenis/vice-admiraal-pieter-van-der-does/2016-417e-jaar-herdenking-v-d-does
2017-418e jaar Herdenking v.d. Does:
http://gran-canaria-actueel.jouwweb.nl/geschiedenis/vice-admiraal-pieter-van-der-does/2017-418e-jaar-herdenking-v-d-does
0000AAAAIslas-canariaslogo-67.jpg


Vijf feiten die u moet weten
over de Slag om Las Palmas tegen Van der Does

GRAN CANARIA - dinsdag 4 april 2017 - De luitenant generaal Pedro Agustín Galán García, van het Canarias Commando, beschrijft - in de juli-augustus editie, No.  904, van het Revista Ejército Canarias, gepubliceerd op  4 augustus 2016 in het dagblad ‘Canarias7’ en op dezelfde datum  op de internetpagina El Digital de Canarias.net - en overgenomen door  het dagblad ‘ABC-Canarias' op 3 april 2017 - hoe de Canario’s een glorieuze overwinning wegsleepten uit de kaken van  de nederlaag. Een van de meest gedenkwaardige oorlogshandelingen op de eilanden om het moederland te verdedigen.
(Zie:
http://www.abc.es/espana/canarias/abci-5-datos-batalla-palmas-contra-does-debes-conocer-201703301005_noticia.html

en:
http://amigos25julio.com/index.php?option=com_content&view=article&id=1968:la-batalla-de-las-palmas-en-el-gozne-de-dos-siglos&catid=37:de-otros-autores&Itemid=100

De strategische waarde van Gran  Canaria
gran-canaria-defensa2-U10108049103AdF--510x287abc.jpg
                                                De Hollandse aanval op Las Palmas.
                                            
geschilderd door Carlos Morón Cabrera in 1959
                                                      olieverf op linnen 137 x 231 cm
                      Geschonken door het Cabildo (Eilandbestuur) van  Gran Canaria aan:
                       het  Capitanía General de Canarias (Canarische Legerhoofdkwartier).
                                                             in Santa Cruz de Tenerife
                                              waar het zich bevindt in de  Salón Contiguo 
                                                  Información histórica, Mesa del Batán.

Het belang van de ligging van de Canarische Eilanden, de laatste stop voor de oversteek naar Amerika, was zonneklaar, meer nog in een tijd waarin geen Suezkanaal bestond en de  specerijenhandel met de eilanden bedreven werd via de moeilijke routes van Kaap de Goede Hoop en de Straat van Magellaan.

De eilanden oefenden ook de functie uit van verdedigende enclave tegen de pirateninvallen,  Daarvoor had Filips de Tweede al zijn fortificatie ter beschikking, die nooit helemaal voltooid was wegens gebrek aan fondsen.

Deze aanvallen van zeerovers waren soms bedoeld voor het plunderen van een bevolking, soms werden de eilanden schuilplaats, met de komst van het overvallen, en veroverde Amerikaanse goud en zilver; en uiteindelijk maakte de conquista (Spaanse verovering) het enkele van hen mogelijk de eilanden te gebruiken als een  vooruitgeschoven steunpunt naar Amerika, of Afrika.

Gran Canaria vormde een kruispunt van de eerste orde in de Atlantische scheepvaart en was het ontmoetingspunt tussen Europa en Amerika. Deze bevoorrechte positie werd begeerd door Engelsen, Afrikanen en Hollanders die herhaaldelijk geprobeerd hadden zich er meester van te maken. Het eiland had meer dan de helft van de bevolking van de Archipel en de hoofdstad was een bloeiende plek die suiker, Canarische wijnen en koloniale producten naar de Europese markten stuurde, die textiel en gefabriceerde goederen importeerde voor de handel of proviandering. Van de gehele Archipel kon men alleen in de haven van La Luz al deze commerciële havenactiviteiten bedrijven,  in tegenstelling tot La Orotava en La Laguna die beschermd waren in het binnenland, is Las Palmas een stad open naar de zee.

De verdedigingsstaat
Met de benoeming van Don Luis de la Cueva y Benavides in 1589 tot opperbevelhebber van de eilanden werd op Gran Canaria een legioen opgericht van zeshonderd soldaten, werden gedetailleerde verdedigingsstudies gedaan en probeerde men de vestingwerken te verbeteren.

Bovendien omhelsde De la Cueva het idee van het vormen van een kleine vloot die projectie van krachten tussen de eilanden mogelijk zou maken, maar dit dynamische verdedigingsproject heeft men nooit gerealiseerd. De fortificaties bereikten een elementaire ontwikkeling, zodanig dat de stad Las Palmas muren had in het noorden en zuiden en twee forten, Santa Ana en Santa Isabel, plus het kasteel van La Luz dat de haven beschermde.

De militaire gouverneur, Alonso de Alvarado, was een veteraan uit Badajoz van de veldslagen van Argón, Italië en Vlaanderen, die als secondant Antonio Pamochamoso had, die ook een ervaren soldaat was en net als hij uit Badajoz kwam. Voor de verdediging van de bevolking kon hij rekenen op het Legioen van  Las Palmas, bestaande uit vier compagnieën lansiers en boogschutters, plus enige cavalerie en een kleine hoeveelheid artillerie met kort bereik. Bij deze troepen moest men de veertien compagnieën miliciens optellen van Las Palmas, Telde, Agüimes, La Vega, Teror, Arucas, Gáldar en Guía. De leden van het Bestuur van de Kathedraal vormden een andere eenheid. Onze soldaten hadden schutsbogen waarmee ze zich blootgesteld zagen aan het vuur van de vijandelijke musketten die een dubbel zo groot bereik hadden. Kortom duizend slecht bewapende mannen, met een weinig bestendige verdediging, om zich te verzetten tegen achtduizend Hollanders en hun krachtige artillerie.

De militaire gouverneur van Las Palmas,
don Alonso de Alvarado

alonso-alvarado-canairas-kSTG--510x287abc.jpg
                                                             Alonso Alvarado.
Twee documentaire- bronnen stellen ons in staat om het doel van de Staten-Generaal af te leiden om deze grote vloot te bewapenen. Op de eerste plaats de  instructies gegeven aan de admiraal: die moest alle eilanden, gebieden en afhankelijke bevolking van de koning van Spanje en al zijn  goederen en schepen beoordelen en ertegen ondernemen wat winstgevend was in dienst van de Vlaamse natie; de Spanjaarden aanpakken in hun eigen wateren, de communicatie afsnijden tussen Spanje en haar overzeese gebiedsdelen, de schepen aanhouden die zijn weg kruisten, bovendien adequate plaatsen bezetten en fortificeren voor het ankeren en beschermen van de vaartuigen; in een poging, hun  bevolkingen op te zetten tegen Spanje.

Het doel van economisch gewin was duidelijk, zoals de poging was om zoveel mogelijk de Spaanse economie te beschadigen en zich meester te maken van elk nuttig deel van het land om er een steunpunt voor de handel van te maken. Dat idee werd gesteund met het feit dat de schepen geladen waren met bouwmaterialen, en de voorziening kon rekenen op bouwmeesters.

Het tweede document is de brief waarmee men een losgeld voor Las Palmas eiste: "... De schatplichtige bewoners van het Canarische eiland en de stad werden vervolgens ingeschat op de redding van hun mensen, goederen en landerijen, voor een waarde van 400.000 dukaten van elf realen per stuk. Bovendien moest men jaarlijks 10.000 dukaten betalen, terwijl de Staatsheren  de andere zes Canarische eilanden zouden bezitten, of wat dies zij….”
De autoriteiten van het eiland waren perplex bij het lezen van deze respectloze brief waarin het voorkomt dat de intentie wordt uitgesproken de Archipel, of ten minste enkele eilanden, over te
nemen.

De Slag
26 juni, in de baai van La Luz presenteert zich een imposante buitenlandse vloot, 74 schepen waarop de kleuren van Holland wapperen en die van het Huis van Oranje. De 150 landingsvaartuigen lieten geen twijfel bestaan over hun aanvallende houding. Gouverneur Alvarado zette zijn verdediging in met zijn belangrijkste inspanning om te proberen de landing van de vijand te voorkomen.

De verdediging van  Gran Canaria tegen Hollandse troepen

Pieter van der Does.
(Wat men over het algemeen op Canarias niet weet, is, dat deze ets - volgens de Nederlandse Willem Hovestreijdt, medewerker aan de Universiteit van Leiden, evenals volgens de directrice van de Nationale Bibliotheek in Den Haag-   niet het portret is van Pieter van der Does, maar, een stukje knip- en plakwerk  van een onbekend fröbelaar.)
De eilandstrijdkrachten trokken zich terug, de Spaanse achterhoede vocht langzaam terugtrekkend tot het verbreken van het contact en verdedigde de stad zodat de autoriteiten zich ondertussen met documenten en waardevolle spullen konden terugtrekken in  het binnenland.

Na een voorbereiding van vijf uur durende artillerie, trok de Hollandse infanterie op met het front terwijl men de stad probeerde te veroveren en de terugtrekking van de verdedigers probeerde af te snijden. Wederom was het slagveld bezaaid met vijandelijke lijken maar met de muren en borstweringen vernield en, tegen de enorme Hollandse kracht, zagen de miliciens zich verplicht de stad te verlaten, maar met eerder dan de tijd gewonnen te hebben die nodig was zodat de bewoners die konden verlaten met hun bezittingen.

Eenmaal de stad ingenomen hebbend, probeerde Van der Does een grote som losgeld te innen in ruil voor het vrijlaten van alle eilandbewoner die jaarlijks een geldbedrag aan Holland moesten  betalen. De  eilandautoriteiten, bijeen in Santa Brígida, wezen het Hollandse voorstel af, en waren klaar om weer te vechten. Op dinsdag 29 juni stuurden ze een brief aan de Koning waarin ze er rekenschap van gaven dat de vijand de stad had ingenomen, “maar dat ze aangemoedigd waren de rest te verdedigen, zelfs met het verlies van levens.”

Op zaterdagochtend 3 juli ging een colonne van 4.000 aanvallers naar Monte Lentiscal, waar Pamochamoso, met niet meer dan 400 manschappen, bereid was het gevecht aan te gaan.  De Spanjaarden hadden bevloeiingskanalen en bronnen afgesloten. De zon brandde, de hitte was verstikkend. De Hollandse troepen, zwaar beladen met uitrusting en bewapening, en helemaal niet gewend aan dit terrein, leden grote dorst terwijl ze probeerden verder op te trekken.

Pamochamoso koos uiteindelijk voor terugtrekking in het weelderige bos, om hun schamele krachten te verbergen en met de list, dat ze in de gedachten van de indringer met een veel grotere strijdkracht waren, en nam het vaste besluit om de vijand –  die dacht met een veel sterkere strijdkracht geconfronteerd te worden - te stoppen,  door hem vanuit de dichte vegetatie aan te  vallen. Onze mannen zaten gehurkt aan beide zijden van de weg op een overheersend punt El Batán genoemd, wat de kolonne verplichtte van onder naar boven  aan te vallen en zonder de mogelijkheid het voordeel van hun bewapening te kunnen gebruiken in het dichte struikgewas. Het grootste deel van de strijdmacht wachtte terwijl dertig of veertig eilanders de Holanders in hun flanken en van achteren bestookten. De onzen donderden met hun trommels en vliegende vaandels de berg af  zodoende talrijker lijkend. De aanval bevelend, braken zij met zoveel woede naar beneden stormend de opmars van de Hollanders, die compleet verrast waren, en in wanorde gedesoriënteerd begonnen zich naar beneden van de berg terug te trekken naar de rand van de stad.

Ze kwamen niet alleen Alvarado tegen, onmiddellijk schoten de stadsbestuurders te hulp, de mensen van de Kerk, en de gewone mensen die,  samen met duizend man van de militie-eskaders, klaar waren om de stad en het eiland te verdedigen.

Er volgden artillerie-duels tussen de schepen en de krachten die de stad verdedigden.De schade veroorzaakt aan diverse schepen, verhinderde niet de herhaalde pogingen om aan land te komen, welke hardnekkig werden afgeslagen door de manschappen van Alvarado die, dodelijk gewond,  werd vervangen door Pamochamoso; totdat, bij de vijfde poging, de technologische verrassing van platbodems die door een ondiep -  niet op verdediging voorbereid - gedeelte, de kust naderden en het overwicht van het bereik van vijandelijk geweervuur, zorgde voor het heldhaftige verzet van de Spanjaarden, die met ontbloot bovenlijf de verdediging handhaafden.

Zo  slaagden ze erin de Hollanders die voet aan wal hadden gezet te verslaan, echter niet zonder het lijden van grote verliezen en dat, Ciprián de Torres, kapitein van de Vega-compagnie, het water in ging om persoonlijk Van der Does aan te vallen, hem verwondde, en zelf zijn leven verloor in deze heldhaftige poging.

De aanval van Ciprián de Torres op Van der Does

ciprian-de-torres2-U10108049103AdF--510x287abc.jpg                                                                  Het eskader,
                                       geschilderd door Carlos Morón Cabrera in 1959
                                                    olieverf op linnen 190 x 230 cm
                                           Scan_20170408.jpg
                           Geschonken door het Cabildo (Eilandbestuur) van  Gran Canaria aan:
                       het  Capitanía General de Canarias (Canarische Legerhoofdkwartier).
                                                             in Santa Cruz de Tenerife
                                              waar het zich bevindt in de Salón del Trono.
                                                   Información histórica,  Mesa del Batán.

De vijandelijke vergelding liet niet lang op zich wachten, onmiddellijk werd overgegaan tot de plundering van de hoofdstad en het platbranden van gebouwen. Ze verhuisden de luidklokken van de kathedraal naar hun boten, evenals kanonnen en alle landbouwproducten die ze konden bemachtigen totdat, de volgende ochtend de Canario’s die niet toestonden dat men hun stad vernietigde, bij verrassing aanvielen met zoveel geweld dat de Hollanders naar hun schepen vluchtten en de rest van de buit die ze hadden verzameld, achterlieten.
Op zondag 4 juli is de stad heroverd en vier dagen later verliet de vijandelijke vloot de baai.

Geconfronteerd met de pijn van de nabestaanden van de slachtoffers en grote materiële schade, veroorzaakt door de indringer, heeft men één van de meest heldhaftige pagina’s geschreven in de geschiedenis van het eiland Gran Canaria.

De historische betekenis van de aanval
De aanval had serieuze gevolgen voor zowel de economische, als de politieke orde. Enerzijds wist deze voor lange tijd de Spaanse zaken met Amerika te verstoren;  anderzijds de bezorgdheid die deze opleverde, wat maakte dat Filips III veranderingen aanbracht in de Regering van de Staat, inclusief veranderingen in de Raad van State en in de Consejo de Indias (Raad voor Midden-Amerika).

Voor Holland was de expeditie een complete mislukking, vanwege de hoge kosten en dat de verkregen buit niet eens toereikend was om de onderneming te bekostigen, evenals aan mensenlevens, 1.400 manschappen kwamen om tijdens de operaties.

Deze aanval, de pest die kort daarop uitbrak, de slechte oogsten en het verlies aan concurrentie in de  suiker tegenover de wijn,  maakte dat Tenerife het traditionele overwicht van Gran Canaria overwon. Zodanig, dat dit voor Gran  Canaria een historisch tijdperk markeerde,  met de wisseling van de Eeuw, het verlies van hun  overheersing  staat bovendien onuitwisbaar gegrift in   de harten van al haar bewoners.

In de toekomst zal de verdedigingsleer van het grondgebied worden opgesteld op basis van de lessen die zijn geleerd uit deze campagne. De sleutel tot de overwinning die de Grancanario’s ontdekten met behulp van een tactiek tot dan toe onbekend was: de strijd op het platteland op basis van kennis van het terrein, de steun van de burgerbevolking, en  het optreden in het binnenland,  verrassend aan te vallen en  snel te verdwijnen. Dat wil zeggen, op de ervaring van de verdediging tegen Van der Does, welke men beschreef aan het  einde van de zestiende Eeuw tot aan het  begin van de achttiende Eeuw, een nieuwe manier van vechten: De guerrillaoorlog, geperfectioneerd in de negentiende Eeuw tegen Napoleon, die dan aanwezig zal zijn  in alle conflicten vanaf dat moment.

Alonso Alvarado
mon.jpg
              Het monument voor Alonso Alvarado, in de hoofdstad van  Gran Canaria.
De inboorlingen van het eiland leverden het bewijs van ontembare moed, en een sublieme heldhaftigheid. De vijf achtereenvolgende pogingen tot  landing werden verworpen met uitsluitend vrijmoedigheid, confrontatie met ontbloot bovenlijf tegen indringers die probeerden om voet aan wal te zetten, ondersteund door dodelijk mortiervuur; de sublieme prestaties van Cipriano de Torres en vele andere anonieme helden, de verdediging van de stad voor twee dagen onder verpletterende minderwaardigheid,de ongelijke ontmoeting op  Monte Lentiscal en de laatste aanval in de stad, het zijn elk de meest glorieuze afleveringen.

Op geen enkel moment in de geschiedenis liep Gran Canaria zoveel risico de verbindingen te verliezen die voor altijd het moederland verenigen: men redde het voor Spanje op die glorieuze dag na een van de  meest betekenisvolle oorlogsoperaties die men had op het strijdtoneel van de eilanden van de Archipel.

Pedro-Galan-Garcia-Teniente-General-Mando-de-Canarias-1.jpg
Is getekend;

Pedro Agustín Galán García,  Luitenant-generaal van het Canarias Commando.
ZZZIslas-canariaslogo-788.jpg


De provocaties van generaal Alonso Alvarado, die Van der Does op Canarias kwaad maakten in 1599

GRAN CANARIA - vrijdag 17 februari 2017 - Het dagboek van een van de commandanten van de Hollandse admiraal laat zien, "dat er soldaten waren die al water drinkend stierven." Wachtend op een vermeende overgave, die niet kwam, stuurde het Spaanse Leger drie kalveren en 12 schapen.

Onderstaand kunt u het artikel lezen dat op 17 februari 2017 met als titel:
Las provocaciones del general Alonso Alvarado que cabreó a Van der Does en Canarias en 1599’ op het Internet is verschenen in de digitale versie van het Spaanse tijdschrift ABC-Canarias (zie:
http://www.abc.es/espana/canarias/abci-provocaciones-general-alonso-alvarado-cabreo-does-canarias-1599-201702171136_noticia.html), en dat wij als redactie van ‘Gran Canaria actueel’-  zo letterlijk mogelijk - in  het Nederlands hebben vertaald en hierbij integraal publiceren:

Als er iets is dat Canario’s in hun hart bewaren, is dat het verweer wat het Spaanse Leger in de stad Las Palmas realiseerde met Alonso Alvarado als hoofd van de eilanden, tegen het machtige  Hollandse leger dat in 1599 tussen eind juni en begin juli Canarias heeft aangevallen
van-der-does-kcwG--420x236abc.jpg
               
Een ets van De Bry over de  Hollandse aanval op Gran Canaria in 1599.
74 schepen en 12.000 manschappen. De Hollanders dachten naar Canarias te komen en de eilanden zonder slag of stoot in te nemen.
Een minderheid aan troepen werd gecontroleerd door de wijsheid en moed van de Canarische milities in het binnenland van het eiland.

Ze werden afgeremd om diverse redenen: de militaire wijsheid, de samenwerking van de Canario’s, en de passie om de eilanden te verdedigen.

Een van de luitenants van Van der Does was Johann von Leubelfirig die het in zijn logboek heeft  beschreven. In 1612 heeft Johann Fleissner het dagboek van de militair gepubliceerd - waarin het tijdschrift ABC inzage heeft gehad -  die deel uitmaakte van het commando-kader van de Hollandse admiraal. Van de 74 schepen verlieten er 37 Canarias.

Vanaf het begin beschouwde men het als  een grap, toen met de hollandse vloot in  zee aanschouwde . Na het passeren van Finisterre, "waaruit we zijn  weggegaan met met een koud gevoel", zegt Von Leubelfirig, kwamen we op Canarias aan na het passeren van Lanzarote en Fuerteventura. Op zee, hield Van der Does onder zijn voorzitterschap krijgsraad aan boord van zijn schip, voor het plannen van de aanval op de hoofdstad van Gran Canaria .

Zo vertelt Johann von Leubelfirig in zijn logboek -  de tekst is vertaald door Lothar Siemens, die is onderscheiden met de  Canarische Prijs voor  Historisch Erfgoed - dat op 26 juni van 1599 bij de dageraad, wij ons met de gehele vloot bevonden tegenover het kasteel van Canarias,” en, “de Spanjaarden in het kasteel, toen ze ons zagen, ons moedig begroetten, om ons te verwelkomen.”

In de stad Las Palmas wist men al dat men het eiland zou gaan aanvallen door informatie die maanden geleden vanuit Antwerpen was gekomen. Het was logisch dat het in  de zomer zou zijn. "Ze schoten verschillende keren" en "toen we ons realiseerden dat ze dapper vuurden op onze schepen, hebben we ze  beantwoord op dezelfde manier en schoten we op het kasteel  zodat de borstwering verpulverde, waardoor het voor hen niet meer mogelijk was daarop te leunen.”

De Hollanders bereikten het eiland pissig omdat ze dachten dat alles gemakkelijker zou zijn. Zo voegde hij eraan toe, dat de Hollandse kanonniers, "hun wapens afvuurden op de mensen aan de wal." Het waren eilandbewoners die het eiland vrijwillig aan het verdedigen waren, “en de Spanjaarden renden de zee in; zodanig, dat ze met hun handen onze sloepen afweerden, dus ons dwongen om te springen.”

Onder degenen die in zee sprongen, “was Van der Does een van eersten, en raakte twee keer gewond in zijn linkerzij,  door een lans die werd gegooid door een inboorling.” Dat vallen in het water veroorzaakte het in onbruik raken van de geweren en die verdwenen in de golven.De Hollanders vielen binnen, maar het was niet gemakkelijk voor hen. Degene die Van der Does verwondde was de kapitein van de compagnie van La Vega van  Santa Brígida,Cipriano de Torres.

En tegenover dat panorama bleef de stad Las Palmas ‘leeg’ en gingen de Hollanders aan land. De Canarische autoriteiten  uit dat tijdperk zonden, dagen later, twee boodschappers om te praten met Van der Does, “om te onderhandelen en een akkoord te bereiken over het betalen van oorlogsbuit (die hij van ons eiste met de bedreiging de stad in brand te zullen steken), zegt het logboek, “maar ze kwamen niet terug.”
Op 2 juli zegt hij, “stuurden ze, om onze generaal te eren, drie kalveren en 12 schapen, met de  mededeling dat ze rond het middaguur, of later bij het vallen van de avond, terug zouden komen om een akkoord te bereiken; maar ze kwamen niet.”

Daarop is Van der Does boos geworden en nam hij het aas. Op 3 juli beval hij, "met niet minder dan 12 compagnieën de bergen  in  te trekken, onder meer met matrozen, om te vijand te vervolgen, "maar ze bereikten weinig, wat te wijten was aan hoge temperaturen." Dat was een slachting die het moreel van de Nederlandse admiraal ondermijnde. De Spaanse troepen vulden de vallen langs de weg. Ze zamelden geld in voor de soldaten, maar dat waren eigenlijk mijnen.

De soldaten “werden verteerd door de hitte en dorst,” en  “anderen kwamen met zoveel ongeduld toe aan water drinken, omdat ze het zo warm hadden en dorstig waren,  dat ze ter plaatse dood neervielen.”
Op plaatsen waar de vijand dacht dat ze zouden komen, plaatste deze verschillende mijnen en explosieven, waarop deze geld legde, en wanneer de soldaten dat probeerden te pakken werden velen misleid en opgeblazen.

Samengevat: “onze mensen keerden die avond opnieuw terug naar de stad zonder iets te hebbbn bereikt,” en “"Achterblijvers die niet konden volgen, werden gedood, onder wie ook een scheepskapitein genaamd Max Jacques van Rotterdam".

Als gevolg van de doden, en het was onmogelijk om af te rekenen met de moedige mensen van Canarias, “bracht men naar de schepen de stukken geschut die men had in de twee kleine kastelen, met de suiker, plantaardige olie, Spaanse wijn, de luidklokken, en alle goederen die men in de stad tegenkwam.”

‘s Morgens vroeg op 4 juli begon het te branden, “in het interieur van de grote Kerk,”  en vervolgens, “staken de soldaten de gehele stad Las Palmas in brand.”
Toen Van der Does op 5 juli probeerde te vertrekken van Las Palmas, zonder de overgave te hebben bereikt, moest een van zijn hoofden zijn schip verlaten omdat het aan de grond  was gelopen, en een Italiaanse brigantijn stelen die in de Haven van Las Palmas lag.

Na Gran Canaria passeerde men langs Tenerife en verbleef men enkele dagen op La Gomera. Men probeerde het eiland in te nemen maar de gomero's hadden hen gezien. Er bleef niemand in de hoofdstad van het eiland en er was niets om te stelen. Er stierven enkele Hollanders in het binnenland van het eiland. Op 21 juli, “namen we afscheid van de schepen die terugkeerden naar Holland en zetten we koers naar het Zuiden.”

Tegen die tijd, werd de vloot van Van der Does ‘nog steeds’  gevormd door een reeks van 37 schepen, groot en klein, "die de ‘lange reis’ moesten maken,” naar Kaap Verdië.

BRON:
ABCR.L.P.
 - 
@ABC_Canarias Las Palmas De Gran Canaria 17/02/2017 11:36h
 - Actualizado: 17/02/2017 11:36h.
Guardado en: 
España Canarias
zzzslas-canariaslogo-kopie-106.jpg


Plaquette met namen van gevallenen ontbreekt op Volmolen-monument van Alonso Alvaro

Ambtelijke molens malen langzaam

GRAN CANARIA -  vrijdag 9 december 2016 - Hierbij plaatsen wij de vertaling in het Nederlands van het daaronder staande,  ingediende wetsvoorstel, zoals dat op 10 november 2016 is gepubliceerd in de Canarische Staatscourant:
IMG_7308-1.jpg

Num. 367 / 2 18 november 2016
Staatscourant van het Canarische Parlement

Wetsvoorstellen

In behandeling
9L/PNL-0310 Popular Kamerfractie, over eerbetoon Slag bij de Volmolen
(Ontvangst nr. 9081. op 10/11/16)

Kamervoorzitter
De Parlementscommissie, heeft, in vergadering van 16 november 2016, het akkoord geaccepteerd dat men aangeeft  over de betreffende zaak:
2.-. Wetsvoorstel /commissies
2.1.- De Popular Kamerfractie, over eerbetoon Slag bij de Volmolen
Akkoord:
Overeenkomstig het bepaalde in artikel 177 van het Kamerreglement,  is men akkoord de behandeling toe te staan van het betreffende wetsvoorstel, de publicatie ervan voor te dragen in de Staatscourant van het Parlement en de behandeling ervan in de Commissie van Toerisme, Cultuur en Sport.
Dit akkoord zal men overbrengen aan de Regering en aan de auteur van het initiatief.

In de uitvoering van dat akkoord en overeenkomstig het bepaalde in artikel 107 van het Reglement van het  Canarische Parlement,  de publicatie ervan te plaatsen in de Staatscourant van het Parlement.

Getekend in de vestiging van het Parlement, op 16 november 2016.- PD, de secretaris generaal, Salvador Iglesias Machado
                                                        Aan de Kamercommissie
De Parlementaire Popular-fractie, presenteert overeenkomstig het bepaalde in artikel 176 en volgende van het Reglement van het Parlement het volgende wetsvoorstel betreffende het “eerbetoon aan de Slag bij de Volmolen’ op verzoek van de afgevaardigde Jorge Rodríguez Pérez, ter behandeling voor de Commissie van Toerisme, Cultuur en Sport
                                                                        Toelichting
Het meest relevante wapenfeit uit de Canarische geschiedenis wordt gevormd door de aanval op het Real de Las Palmas door de Hollandse  Marine in 1599, met 74 oorlogsschepen en 12.000 Hollandse manschappen, onder bevel van drie Admiraals,  en van Pieter van der Does, als chef-staf van de Marine.
Op 6 mei 1598 kent Filips II de Lage Landen toe aan zijn dochter Elizabeth Clara Eugenie, in plaats van aan de erfgenaam, de toekomstige Filips III, ervan overtuigd dat zodoende een einde zou kunnen komen aan de burgeroorlog in Vlaanderen.
Ondanks dat de Lage Landen openlijk rebelleerden tegen de Spaanse overheersing, was het handelsverkeer tussen de respectievelijke havens heel intens. Maar, in februari 1599 verbood men alle handel en Spanje sloot volledig haar havens voor de Hollandse schepen, daarmee het begin van een ideologisch conflict veroorzakend wat zich ontwikkelde tot een handelsoorlog, want dit verbod hield de onmogelijkheid in tot het verkrijgen van zout, peper en specerijen, wat zodoende de voornaamste motor van de Hollandse economie in gevaar bracht, want zout vormde  een onvervangbaar basismateriaal in zowel de conservering van vis en vlees evenals in de vervaardiging van kaas- en boter. Bijgevolg deed zich een drastische prijsstijging voor en een toename van de werkloosheid, welke tot wel dertigduizend werknemers zou kunnen treffen. Gezien de ernst van  deze situatie besloten de Staten Generaal in de maand daarop, maart 1599, een expeditie tegen Spanje te organiseren. Ze brachten vierenzeventig schepen bijeen met 9.000 manschappen en 3.000 matrozen  en voldoende artillerie, en gaven die in handen van admiraal van der Does, hem de opdracht gevend zoveel mogelijk schade aan te richten “hun handelsschepen in te sluiten, hun havens, steden en eilanden aan te vallen, losgeld op te leggen of vijandelijkheden.”  Zo voldeden ze niet alleen aan de verwachtingen van Filips II, maar veroorzaakten ze, met Filips III al op de troon, een van de ernstigste aanvallen en substantiële diepgang in de Canarische geopolitiek.
De feiten vonden plaats tussen 26 juni en  8 juli 15699, beginnend met de aanval in de baai van La Luz met een krachtige vloot van de Lage Landen daarmee plaats gevend aan de meest  relevante gewapende aanval in de gehele geschiedenis van de Canarische Archipel. Op 3 en 4 juli werd de stad van het Real de las Palmas ingenomen en verbrand. Dit evenement  is een van de meest tragische in de geschiedenis van het eiland.
Tegen de Hollanders verzetten zich de Grancanario’s, onder bevel van Alonso Alvarado, afkomstig uit Valverde de Mérida (Badajoz), veteraan in de veldslagen van Aragón, Italië en Vlaanderen, die als tweede man Antonio Pamo Chamoso had, ervaren soldaat afkomstig uit dezelfde plaats, met de Troepenmacht van Las Palmas, bestaande uit vier compagnieën lansiers en boogschutters plus enige cavalerie en een kleine hoeveelheid artillerie van kort bereik. Bij deze troepenmacht voegde zich veertien compagnieën miliciens van het Real de Las Palmas, Telde, Agüímes, La Vega (Santa Brígida), Teror, Arucas, Gáldar en Guía, Tenerife stuurde 500 miliciens.

Eenmaal de stad ingenomen hebbend, probeerde Van der Does een grote som aan losgeld te innen in ruil voor het vrijlaten van alle eilandbewoners, die jaarlijks een bedrag moesten betalen aan Holland. De eilandautoriteiten, verzameld in Santa Brígida, wezen het voorstel van de Hollander af en ze waren klaar om weer te vechten.

Pamo Chamoso, geconfronteerd met een dodelijk gewonde kapitein gouverneur Alonso Alvarado, verkoos terugtrekking in een bladerrijk bos waarin hij als krijgslist zijn schaarse troepenmacht vermomde en deed alsof het er veel meer waren in de waarneming van de indringer, en zo  nam  hij het duidelijke besluit de doorgang van de vijand af te sluiten en, deze aan te vallen in de dichte vegetatie, door hem te laten geloven dat hij zich tegenover een veel sterkere strijdmacht bevond. De plaats werd aangeduid als  “de Volmolen” (Monte Lentiscal- Santa Brígida).
De aanval bevolen hebbend, activeerde deze zich met een dergelijke woede dat de Hollandse troepen, onderworpen aan een totale verrassing, begonnen aan een gedesoriënteerde terugtrekking  met de afdaling van de berg naar de nabijgelegen stad.
De vijandelijke represaille liet niet op zich wachten, onmiddellijk ging deze over tot de plundering van de hoofdstad en aan het platbranden van gebouwen. Ze brachten de luidklokken van de Kathedraal van Sint Anna over naar hun schepen, samen met de kanonnen en alle landbouwproducten die ze konden verzamelen, totdat de  Canario’s bij verrassing met zoveel geweld aanvielen  dat de Hollanders naar hun schepen vluchtten en de rest van de buit achterlieten  die ze hadden bijeengebracht. Op zondag 4 juli was de stad definitief  teruggewonnen en vier dagen later verliet de vijandelijke vloot de baai.
Op de 9de ging het eskader voor anker op de rede van  Maspalomas, en gingen enkele bemanningsleden aan land voor het innemen van drinkwater, het begraven van hun doden, en het verzamelen van melk. De Hollanders gingen door met schade toebrengen aan La Gomera en La Palma.

Het was het einde van een Eeuw, van een tijdperk met voorspoed in een stad die niet meer dezelfde zou zijn in de loop van de volgende Eeuw, en gelijktijdig vestigde men een grote overwinning waarvan de vrede en de toekomstige veiligheid van Canarias afhing.
In november 1973, heeft in Santa Brígida een groep geschiedkundigen en vrienden van de Canarische geschiedenis de Vereniging “Vrienden van de Volmolen” opgericht, waarvan het doel geen ander is dan de 60 helden te eren die hun leven gaven voor Gran Canaria tegenover de Hollandse aanval in 1599. In 1984 heeft de vereniging de naam aangenomen ‘Comité van de Volmolen’,  en  elk jaar herdenkt ze voor het monument van Alonso Alvarado, in het Landschap van de Grotten van de Bevoorrading (de achterdeur van het Kazemat Kasteel) in Las Palmas de Gran Canari, de verjaardag van de Slag bij de Volmolen. Het gaat om een zes meter hoge monoliet, van roodkleurig gesteente  die een heraldisch wapenschild bevat van Alonso Alvarado y Ulloa, welke de verplichting  weergeeft die Las Palmas de Gran Canaria heeft aan deze mannen - Alonso Alvarado en Pamo Chamoso - die eveneens deel uitmaakt van de straatnamenlijst van de stad.
Maar dit monument is niet compleet. Er ontbreken de namen van de 59 overige helden die, samen met Alonso Alvarado,  gevallen zijn  in  de strijd tegen de Hollanders.

Toen Alfonso de Armas Ayala, hoogleraar Taal en Literatuur, en professor in de  Filosofie en Letteren, oprichter van het Woonhuismuseum Pérez Galdós, en vader van generaties van Galdós-aanhangers , in 1991 de historische lezing heeft uitgesproken in Santa Brígida, bij de herdenking van de ‘Slag bij de Volmolen’, kwam hij ertoe te zeggen: “Op het monument dat zich voor het Kazemat Kasteel bevindt, in Las Palmas de Gran Canaria, hebben wij aan de  ambtenaren te vragen dat men deze namen aanbrengt  van de  militairen, miliciens en  stadsbewoners,  die zijn gevallen bij  de verdediging van Gran Canaria tegen de Hollandse indringers in  1599, dat men hun namen graveert in een plaquette welke men aanbrengt op de basis aan de voorzijde, op het monument van roodkleurig gesteente, waar deze ruimte deze benoeming verwacht.”
In Santa Brígida (Gran Canaria) komt men onafgebroken sinds 1973 bijeen om de ‘Slag bij de Volmolen’ te herdenken. Het stadswapenschild  draagt de leus: “voor Spanje en voor het geloof hebben we de Hollander overwonnen.”

Voor dit alles hier weergegeven, presenteert de Popular-Kamerfractie het volgende:
                                                                       Wetsvoorstel
Het Canarische Parlement dringt er bij de Canarische Regering op aan om, via het bevoegde Ministerie van Cultuur, samen te werken  met de Vereniging “Comité van de Volmolen” en  deel te nemen aan de plechtigheden en evenementen welke men organiseert inzake de jaarlijkse  herdenking, telkens in de maand juli, van het historische feit van de ‘Slag bij de Volmolen’, welke heeft plaatsgevonden in 1599, en zorg te dragen voor de veronderstelde kosten van het ontwerpen en het aan aanbrengen, van een plaquette op de voorzijde van de basis van de monoliet van roodkleurig gesteente, welke zich in de open lucht bevindt, achter het Kazemat Kasteel, in Las Palmas  de Gran Canaria, met de namen van  de 59 gevallenen en de compagnieën van miliciens van elke stad en dorp en waartoe zij behoorden

Ondertekend in het Parlement van Canarias, op 9 november 2016.- De woordvoerster, Maria Australia Navarro de Paz.
IMG_6757-2-1.jpgCBC_6556-1.jpgMaria-Australia-Navarro-prensa-EFE_EDIIMA20150126_0862_13.jpg

Jacobo González Velázquez, voorzitter van ´La Mesa del Batán';
PP -parlementslid, en Senator voor Spanje, Jorge Rodríguez Pérez;
PP-parlementslid en  fractieleider, Maria Australia Navarro de Paz.

Núm. 367 / 2 18 de noviembre de 2016 oletín Oficial del Parlamento de Canarias

PROPOSICIONES NO DE LEY

En trámite

9L/PNL-0310 Del GP Popular, sobre homenaje Batalla de El Batán.

(Registro de entrada núm. 9081, de 10/11/16).

Presidencia

La Mesa del Parlamento, en reunión celebrada el día 16 de noviembre de 2016, adoptó el acuerdo que se indica respecto del asunto de referencia:

2.- Proposiciones no ley / comisiones

2.1.- Del GP Popular, sobre homenaje Batalla de El Batán.

Acuerdo:

En conformidad con lo establecido en el artículo 177 del Reglamento de la Cámara, se acuerda admitir a trámite la proposición no de ley de referencia, ordenar su publicación en el Boletín Oficial del Parlamento y su tramitación ante la Comisión de Turismo, Cultura y Deportes.

De este acuerdo se dará traslado al Gobierno y al autor de la iniciativa.

En ejecución de dicho acuerdo y en conformidad con lo previsto en el artículo 107 del Reglamento del Parlamento de Canarias, dispongo su publicación en el Boletín Oficial del Parlamento.

En la sede del Parlamento, a 16 de noviembre de 2016.- PD, El secretario general, Salvador Iglesias Machado.

                                                            Ala Mesa dela Cámara

El Grupo Parlamentario Popular, de conformidad con lo establecido en el artículo 176 y siguientes del Reglamento del Parlamento, presenta la siguiente proposición no de ley relativa a “homenaje Batalla del Batán” a instancias del diputado Jorge Rodríguez Pérez, para su tramitación ante la Comisión de Turismo, Cultura y Deportes.

Exposición de motivos

El hecho de armas más relevante de la historia de Canarias lo constituyó el ataque al Real de Las Palmas por la Armada holandesa en 1599, con 74 embarcaciones de guerra y 12 000 efectivos holandeses, al mando de tres almirantes, y de Pieter Van der Does, como jefe de la Armada.

El 6 de mayo de 1598 Felipe II cedió los Países Bajos a su hija Isabel Clara Eugenia, en lugar de al heredero, futuro Felipe III, convencido de que así acabaría con la guerra civil en Flandes.

A pesar de que los Países Bajos se hallaban en abierta rebeldía contra la denominación española, el tráfico mercantil entre los respectivos puertos era muy intenso. Pero, en febrero de 1599 se prohibió todo comercio y España cerró completamente sus puertos a los buques holandeses haciendo que lo que comenzó como un conflicto de origen ideológico, evolucionara hasta convertirse en una guerra de marcado carácter económico, ya que esta prohibición implicaba la imposibilidad de obtener sal, pimienta y especias, quedando así gravemente en peligro el principal motor de la economía holandesa, pues la sal constituía una materia prima insustituible tanto en la conservación de pescado y carne como en la industria quesera y mantequillera. Como consecuencia, se produjo una drástica subida de precios y un incremento del paro, que pudo llegar a afectar hasta treinta mil trabajadores.

Dada la gravedad de esta situación los Estados Generales determinaron al mes siguiente, marzo de 1599, organizar una expedición contra España. Reunieron setenta y cuatro naves con 9000 hombres de combate y 3000 marineros y abundante artillería, y la pusieron en manos del almirante Van der Does, ordenándole causar el mayor perjuicio posible “apresando sus navíos mercantes, atacando sus puertos, ciudades e islas, imponiéndoles rescates u hostilizándolos”. Así que no solo no se cumplieron las expectativas de Felipe II, sino que se produjo, ya con Felipe III en el trono, uno de los ataques más graves y de mayor calado en la geopolítica canaria.

Los hechos tuvieron lugar entre el 26 de junio y el 8 de julio de 1599, comenzando con el ataque a la bahía de La Luz por una potente armada de los Países Bajos dando lugar al ataque de armas más relevante de toda la historia del archipiélago canario. Los días 3 y 4 de julio la ciudad del Real de Las Palmas fue saqueada e incendiada. Este acontecimiento constituye uno de los más trágicos de la historia de la isla.

A los holandeses se enfrentaron los grancanarios, al mando de Alonso Alvarado, original de Valverde de Mérida (Badajoz), veterano de las campañas de Aragón, Italia y Flandes, que tenía como segundo a Antonio Pamo Chamoso, experimentado soldado y pacense como aquel, con el Tercio de Las Palmas, integrado por cuatro compañías de piqueros y arcabuceros más algo de caballería y una pequeña cantidad de artillería de corto alcance. A estas fuerzas se sumaron las catorce compañías de milicias del Real de Las Palmas, Telde, Agüimes, La Vega (Santa Brígida), Teror, Arucas, Gáldar y Guía. Tenerife envió 500 milicianos.

Una vez tomada la ciudad, Van der Does intentó cobrar un cuantioso rescate a cambio de dejar libres a todos los isleños, quienes anualmente debían pagar una suma de dinero a Holanda. Las autoridades isleñas, reunidas en Santa Brígida, rechazaron la propuesta del holandés y se aprestaron otra vez a la lucha.

Pamo Chamoso, encontrándose herido de muerte el capitán gobernador Alonso Alvarado, eligió como límite en la retirada un bosque frondoso en el que disimular sus escasas fuerzas y hacer que se multiplicaran en la mente del invasor con sus estratagemas, adoptó la firme decisión de cerrar el paso al enemigo y, atacándolo entre la espesa vegetación, hacerle creer que se enfrentaba a una fuerza mucho más potente. El lugar se denominaba “El Batán” (Monte Lentiscal-Santa Brígida).

Ordenado el ataque, este se desencadenó con tal rabia que las fuerzas holandesas, sometidas a una sorpresa total, iniciaron una desordenada retirada monte abajo hasta los aledaños de la ciudad.

La represalia enemiga no se hizo esperar; inmediatamente procedieron al saqueo de la capital y a la quema de edificios. Trasladaron a sus barcos las campanas de la catedral de Santa Ana, los cañones y todos los productos agrícolas de que pudieron hacer acopio, hasta que los canarios atacaron por sorpresa con tal violencia que los holandeses huyeron a sus barcos abandonando el resto del botín que habían acumulado. El domingo 4 de julio se recuperó definitivamente la ciudad y cuatro días después la flota enemiga abandonó la bahía.

El día 9 la escuadra echó anclas en la rada de Maspalomas, y bajaron a tierra algunos tripulantes para hacer la aguada, enterrar a sus muertos y recoger lecha. Los holandeses continuaron haciendo daño a La Gomera y La Palma.

Fue el fin de un siglo, de una época de prosperidad en una ciudad que no volvió a ser la misma a lo largo del siglo siguiente, y a la vez constituyó una gran victoria de la que dependió la paz y la seguridad futura de Canarias.

En noviembre de 1973, un grupo de historiadores y amigos de la historia canaria fundan en Santa Brígida la Asociación “Amigos del Batán”, cuyo fin no es otro que homenajear a los 60 héroes que dieron su vida por Gran Canaria frente al ataque holandés de 1599. En 1984, la asociación tomó la denominación de “Mesa del Batán”, y todos los años celebra ante el monumento de Alonso Alvarado, en el Paraje de Las Cuevas del Provecho (puerta falsa del Castillo de Mata), en Las Palmas de Gran Canaria, el aniversario de la Batalla del Batán. Se trata de un monolito de 6 metros de alto, de piedra rojiza que sostiene un escudo heráldico de Alonso Alvarado y Ulloa, que recoge la deuda que Las Palmas de Gran Canaria mantiene con esos hombres –Alonso Alvarado y Pamo Chamoso–, que también forman parte del callejero de la ciudad.

Pero, ese monumento está incompleto. Faltan los nombres de los 59 restantes héroes que causaron bajas, junto a Alonso Alvarado, en la lucha contra los holandeses. Cuando D. Alfonso de Armas Ayala, catedrático de Lengua y Literatura y doctor en Filosofía y Letras, fundador de la Casa Museo Pérez Galdós y padre de generaciones de galdosianos, pronunció la lección histórica en Santa Brígida, en la celebración de la “Batalla del Batán”, en 1991, llegó a decir: “en el monumento de Alonso Alvarado, que se encuentra delante del Castillo de Casa Mata, en Las Palmas de Gran Canaria, tenemos que pedirle a los administradores públicos que coloquen los nombres de los militares, milicianos y naturales del lugar, que cayeron en la defensa de Gran Canaria contra los invasores holandeses en 1599, que se graben sus nombres en una placa y se coloque en la base frontal, en el monumento de piedra rojiza, donde está el espacio esperando la reseña”.

En Santa Brígida (Gran Canaria) se viene celebrando, desde 1973, la “Batalla del Batán”, de forma ininterrumpida. El propio escudo de la villa lleva la leyenda “por España y por la fe vencimos al holandés”.

Por todo lo expuesto, el Grupo Parlamentario Popular presenta la siguiente:
                                                     Proposición no de ley

El Parlamento de Canarias insta al Gobierno de Canarias, a través de la consejería competente en materia de cultura, a colaborar con la Asociación “Mesa del Batán”, participando en los actos y acontecimientos que se organicen con ocasión de la celebración anual, cada mes de julio, del hecho histórico de la “Batalla del Batán”, sucedida en 1599, y a asumir y soportar el coste que suponga el diseño y colocación de una placa en la base frontal del monolito de piedra rojiza, monumento a Alonso Alvarado, que se encuentra en el exterior, detrás, del Castillo de Casa Mata, en Las Palmas de Gran Canaria, con los nombres de los 59 fallecidos y las compañías de milicias de cada ciudad, pueblo o villa a las que pertenecían.

En el Parlamento de Canarias, a 9 de noviembre de 2016.- La portavoz, M.ª Australia Navarro de Paz.
000islas-canariaslogo-320.jpg


Het bestellen en laten gieten
van de ‘NVC’- luidklok

De Nederlandse luidklok betekent
- 400 jaar na de Hollandse invasie in 1599
door viceadmiraal Pieter van der Does
tijdens de Tachtig Jarige Oorlog -
de bevestiging te zijn van de tegenwoordige Spaans/Nederlandse vrede en toeristisch goede
verstandhouding  op Gran Canaria

AARLE RIXTEL / ASTEN - Het bericht dat anno 2016 de Nederlandse klokkengieterijen zijn gefuseerd, heeft ons ertoe gebracht nog eens in ons persoonlijke (foto)archief te duiken.

We willen namelijk graag een stukje geschiedenis - dat tot op de dag van vandaag actueel is op Gran Canaria - in herinnering brengen en doen dat aan de hand van onderstaande historische foto’s die van veel betekenis zijn voor leden van de Nederlandse Vereniging Canarias en uiteraard ook voor de Canario’s zelf, namelijk het in 1998 door Petit & Fritsen gieten van de NVC-luidklok in Aarle-Rixtel - tegenwoordig de gemeente Laarbeek - in het bijzijn van de toenmalige, bijzonder actieve (!) NVC-bestuursleden Henk ten Brinke met zijn echtgenote Mime, en Hans Camps met zijn partner, tegenwoordig echtgenoot Wim Roxs.
petit-en-fritsen-klokkengieterij.jpg19 juni 1998: De klokkengieterij van Petit & Fritsen in het Noord Brabantse Aarle-Rixtel, gemeente Laarbeek
KlokkengieterijPetitFritsen19juni1998-22.jpg
Vrijdag 19 juni 1998: Mime Loupen de partner van Henk ten Brinke bij de klokkengieterij Petit & Fritsen in het Noord Brabantse Aarle-Rixtel, gemeente Laarbeek, voor het bestellen van de NVC-luidklok.
Fusie van de Brabantse klokkengieters
De Brabantse klokkengieters Eijsbouts in Asten en Petit & Fritsen uit Aarle-Rixtel zijn op 1 mei 2016 mei samengegaan. Alle activiteiten zijn tegenwoordig geconcentreerd in Asten.
KlokkengieterijPetitFritsen19juni1998-1.jpg KlokkengieterijPetitFritsen19juni1998-4.jpg
Bijgaande foto's zijn  gemaakt op vrijdag 19 juni 1998 tijdens de rondleiding die de bestuursleden van de NVC -  Henk en Hans, met hun partners - hebben gekregen in de klokkengieterij in Aarle-Rixtel, bij gelegenheid van het bestellen van de NVC-luidklok bij Jan Wijnen - verkoopdirecteur - in dienst van het het familiebedrijf  Petit & Fritsen.
KlokkengieterijPetitFritsen19juni1998-2.jpg

KlokkengieterijPetitFritsen19juni1998-3.jpgIn technische zin heeft Eijsbouts de kleinere concurrent overgenomen, zo heeft eigenaar Joost Eijsbouts laten weten. Het merk Petit & Fritsen blijft bestaan. Petit & Fritsen is meer dan 350 jaar oud en is daarmee een van de oudste familiebedrijven van Nederland, anno 2016 kon de eigenaar geen opvolger vinden. Enkele oude, zeer ervaren werknemers van Petit & Fritsen hebben aldus de kans gekregen om vervroegd met pensioen te gaan.
Eijsbouts was al de grootste klokkengieter ter wereld. De overname is een kans om de internationale positie verder uit te bouwen, zegt Eijsbouts. Na de overname telt Eijsbouts ongeveer 50 personeelsleden.
KlokkengieterijPetitFritsen19juni1998-5.jpg KlokkengieterijPetitFritsen19juni1998-6.jpg
                                                      Vrijdag 19 juni 1998.

KlokkengieterijPetitFritsen19juni1998-7.jpg KlokkengieterijPetitFritsen19juni1998-8.jpg
Geschiedenis

Rond 1690 komt Nicolas Jullien, telg uit een oud klokkengietersgeslacht, met zijn kinderen, onder wie Alexius en Maria naar Nederland en vestigt zich in Weert. Nadat de kinderen van Maria, die met de chirurgijn Jean Petit gehuwd was, met de dood van hun moeder in 1703 wees waren geworden, haalde Nicolas hen naar Weert. Aldaar leerden zij het vak bij hun oom Alexius. Van de kinderen Petit vestigden zich omstreeks 1720 Jean Petit in Helmond en zijn broer Joseph in Someren. Josephs zoon Alexius verhuisde in 1787 naar Aarle-Rixtel samen met zijn zonen Henricus, Everardus en Alexius jr. Zijn dochter Aldegonda huwde met Izaac Fritsen. Toen Henricus als de laatste Petit in 1815 met klokkengieten ophield, werd de gieterij voortgezet door Henricus Fritsen, de zoon van Aldegonda Petit en Izaac Fritsen. Sindsdien heet de klokkengieterij Petit & Fritsen.
KlokkengieterijPetitFritsen19juni1998-9.jpg KlokkengieterijPetitFritsen19juni1998-10.jpg KlokkengieterijPetitFritsen19juni1998-11.jpg
Alle foto's zijn gemaakt door Wim Roxs, op vrijdag 19 juni 1998, want op vrijdag worden de klokken gegoten, zodat ze in het weekeinde af kunnen koelen, voor de nabewerking..
KlokkengieterijPetitFritsen19juni1998-12.jpg KlokkengieterijPetitFritsen19juni1998-14.jpg KlokkengieterijPetitFritsen19juni1998-13.jpg
Geheel rechts: Op vrijdag 19 juni, 1998,  Hans Camps -  met een exemplaar van het Clubblad  'NVC Clubnieuws' in de hand - bij het op toonhoogte brengen van een halve octaaf nauwkeurig van deze recent gegoten, manshoge, enorme luidklok.
KlokkengieterijPetitFritsen19juni1998-16.jpg
Hoewel veel ouder, stamt de klokkengieterij officieel uit het jaar 1660 waarmee de Koninklijke Klokkengieterij Petit en Fritsen het op twee na oudste familiebedrijf van Nederland is.

Sinds 1907 is de klokkengieterij gevestigd in het monumentale pand aan de Klokkengietersstraat in Aarle-Rixtel.
KlokkengieterijPetitFritsen19juni1998-15-1.jpg KlokkengieterijPetitFritsen19juni1998-17.jpg
                                 Luidklokken in allerlei maten en toonhoogten.
KlokkengieterijPetitFritsen19juni1998-18.jpg KlokkengieterijPetitFritsen19juni1998-19.jpg
Hans, Henk en Mime op vrijdag 18 juni 1998  bij het bekijken van een 90 cm. hoog exemplaar luidklok, wat ook de NVC-luidklok moet gaan worden.
De Nederlandse klokkengieterijen zijn de enige twee in de wereld die een luidklok kunnen gieten die tot op de toonhoogte van een halve octaaf zuiver is (!) ... en dat is de reden waarom de ‘NVC’-klok nu op een ereplaats in de Kathedrale Basiliek van Santa Ana te bewonderen is in Las Palmas de Gran Canaria.

Een ‘NVC’-klok vraagt u? Jawel...
Het is in het najaar van 1997 dat het toenmalige bestuur van de NVC onder leiding van voorzitter Catharina (zeg maar Toos) Ebben-Manders de voorbereiding aan het bespreken was voor de viering van het 25-jarig bestaan van de Nederlandse Vereniging Canarias (in het Spaans: Asociación Neerlandesa Canaria).

KlokkengieterijPetitFritsen19juni1998-20.jpgNaast het vieren van dat heugelijke 25-jarige feit met een diner dansant-avond, was het idee om van de NVC-leden (toen bijna 350 in getal) een financiële bijdrage te vragen voor een geschenk als erkenning en dank aan de - voor het toerisme zo gastvrije - Canario’s.
KlokkengieterijPetitFritsen19juni1998-21.jpg
Aanvankelijk werd gedacht aan het aanplanten van een palmen-oase langs de Autosnelweg GC1, in de richting van de Luchthaven naar het Zuiden van het Eiland, met daarbij een naambordje van de NVC, zodat toeristen bij hun transfer naar Zuid Gran Canaria kennis zouden kunnen nemen van het bestaan van een Nederlandse Vereniging op de Canarische Eilanden (dit in de stijl en traditie van de oases van o.a. het waterbedrijf ELMASA, en van de Ingenieurs Bouwkunde van de Universiteit van Las Palmas de Gran Canaria).

Actief als het toenmalig , vijfhoofdig NVC-bestuur was, met als: - Voorzitter: Toos Ebben-Manders,    (als opvolgster van de voortijdig vrijwillig afgetreden ‘tussenpaus’ Frank Goldberg). - Secretaris: Dick Langedijk (†) , - Penningmeester: Roos Dreweck, - Stemhebbend lid: Henk ten Brinke, - Stemhebbend lid: Hans Camps, werd besloten na te gaan wat, ‘echte Nederlanders als we zijn’, een vijftiental volwassen palmbomen (Phoenix Dactylifera Canariensis = echte dadelpalmboom) zouden gaan kosten. Daarop werd voor onderzoek het NVC-lid, gepensioneerd hoofdonderwijzer en tuinliefhebber, Ger van der Hoeven (†) erop uitgestuurd, die terugkwam met de mededeling dat één volwassen palmboom minimaal (280.000 pesetas, ofwel Hfl.9.660,=) zou gaan kosten (omgerekend €4.380,=) en.... dat wilde men de NVC-leden niet aandoen.

Daarop kwam NVC-voorzitter Toos Ebben (als buurvrouw van de toenmalige honorair consul Joep Hezemans † wonend in La Villa de Santa Brígida) met het verhaal van de in 1599 door de Hollanders uit de Kathedraal van Santa Ana gestolen luidklok (dat verhaal is in de artikelen van deze rubriek uitgebreid be- en toegelicht).

De door klokkengieterij (empresa fundador de campanas) Petit en Fritsen geoffreerde, te gieten 90 cm hoge, en 900 kilo zware, bronzen luidklok kostte toen, ‘free on board Rotterdam’: Hfl.20.000,= (omgerekend €9.075,=).

Henk ten Brinke heeft toen - zakenman als hij is met de alleen-vertegenwoordiging van de productie in Nederland van de ‘Mars’chocolade-repen - een inzamelingsactie op touw gezet tijdens de drukbezochte NVC-Jaarvergadering; op die avond waren 85 NVC-leden aanwezig en werd maar liefst Hfl.10.000,= opgehaald.

Voor de andere benodigde Hfl. 10.000, = werd door NVC-bestuurslid Hans Camps - public relations manager voor Golden Tulip Hotel Geldrop en Golden Tulip Hotels in Nederland - een ‘bedel’-brief opgesteld die naar 900 - bij de Kamer van Koophandel in den De Haag gekochte 1.000 adressen - van de grootste bedrijven in Nederland werd gestuurd.

Anekdote 1Het NVC-bestuur wilde in het briefhoofd van deze ‘bedel’-brief een comité van aanbeveling hebben, met naast de naam van de schoonzoon van Toos Ebben, de oogarts Joaquín López (†), uiteraard ook de naam van de Nederlandse Consul in Las Palmas de Gran Canaria, Joep Hezemans (†).

Maar consul Joep was in eerste instantie helemaal niet gecharmeerd dat zijn naam bovenaan de ‘bedel’-brief zou prijken. De reden vertelde Joep zelf: “Vijf jaar geleden hebben ze op Tenerife een soortgelijk feit herdacht, de aanval van de Engelse admiraal Nelson, en bij die gelegenheid was de Britse consul aanwezig, en die hebben de chichareros - heel beledigend - uitgefloten; dus een soortgelijk risico wil ik als Nederlandse consul niet lopen op Gran Canaria.”

Wat Joep toen niet wist/doorhad was, dat de officiële overhandiging van de luidklok aan het Bestuur van de Kathedraal van Santa Ana een grote gebeurtenis zou gaan worden en als zodanig dan ook de moderne geschiedenis in is gegaan. Pas nadat in de Canarische media de eerste krantenartikelen verschenen met o.a. de krantenkoppen: ‘Los Holandeses retrornan la campana’ en ‘El tañido viene de Holanda’, draaide Joep om als een blad aan een boom en was hij prominent aanwezig tijdens de officiële overhandiging, nadat de ‘bedel’-brief in Nederland de, voor het gieten van de luidklok, andere benodigde Hfl.10.000.= bijeen had gebracht.
gc0245d_large-2.jpg

2013-07-03-002-114e-hetdenking-van-der-does_large.jpg

2013-07-03-006-114e-herdenking-van-der-does-large_large.jpg                                             GRAN CANARIA - HOLANDA
                                                             1599 - 1999
                                  ASOCIACIÓN NEERLANDESA CANARIA
Anekdote
  2
Naar aanleiding van het feit dat elk bedrijf dat, of elke persoon die, minimaal Hfl. 1.000,= doneerde, de naam vermeld zou krijgen op de plaquette die boven de luidklok is aangebracht in de Kathedraal in Las Palmas de Gran Canaria, kunnen we als anekdote nog vertellen dat de op Canarias grote bierleverancier Heineken geen reactie gegeven had op de ‘bedel’-brief . Reden; waarom namens het NVC-bestuur Hans Camps op bezoek ging in het Heineken-kantoor in de hoofdstad van Gran Canaria, waar kort daarvoor de directeur was vervangen en de neiwe directrice uit Nederland nog niet gearriveerd was, en Hans ‘zaken moest doen’ met de Canarisch/Italiaanse vervangende directeur, die zei geen budget te hebben voor - in zijn ogen - dergelijke ‘flauwekul’; en dus helemaal geen Hfl. 1000,= wenste te doneren.

Toen bij herhaald bezoek, dat Hans, dan in gezelschap van NVC-bestuurslid Dick Langedijk, als ‘zware’ NVC-delegatie, opnieuw bij Heineken in Las Palmas aanklopte, met een tweede verzoek tot het doneren van het gewenste bedrag, gaf de interim-directeur opnieuw ‘niet thuis’, maar toen hij te horen kreeg dat bierbrouwer Bavaria (uit Lieshout) wel alle medewerking verleende, sprong hij zowat door het plafond van zijn kantoor... en nog dezelfde dag werden de verlangde duizend gulden overgemaakt op de bankrekening van de NVC, zodat uiteindelijk ook o.a. de naam van de grootste Nederlandse bierleverancier op Canarias, op de namenlijst boven de luidklok prijkt.
KlokkengieterijPetitFritsen19juni1998-21-2.jpg( ↑ Foto Johnny van der Laan ) Juni 1999: De NVC-luidklok is eindelijk aangekomen op Gran Canaria.

Anekdote 3
Toen de klok vanuit Nederland naar Gran Canaria vervoerd moest worden, gaf Luchtvaartmaatschappij Transavia niet thuis, want: te zwaar! En de KLM vloog toen al niet meer op de Eilanden.
Daarop zei honorair consul Joep - die van beroep importeur van vlees uit o.a. Argentinië was - “dan flikker die klok maar tussen een partij biefstukken in de haven van Rotterdam en dan komt die wel naar Gran Canaria,” en aldus geschiedde.
toos.jpg

Het artikel in dagblad ‘La Provincia’, met de foto die genomen is bij aankomst van de luidklok in het voorportaal van de Kathedraal op donderdag 10 juni 1999, met een blij verraste Catharina (zeg maar Toos) Ebben-Manders, de toenmalige voorzitter van de NVC, bij het voor het eerst zien van de NVC-luidklok.

Historisch
Terwijl er drie Nederlandse marineschepen in El Arsenal - de marinehaven in Las Palmas de Gran Canaria afgemeerd lagen:
- HR. MS. Tromp,
- HR. MS. Witte de With,
- HR MS. Van Galen,
is op 3 juli 1999 in de Kathedraal van Santa Ana namens de NVC, door voorzitter Toos Ebben-Manders, de luidklok overhandigd aan de Deken, de kanunnik Francisco Caballero Mujica (*1921-† 2002) als hoofd van het Bestuur van de Kathedraal; in het bijzijn van de Nederlandse Ambassadeur Jan Graaf de Marchant et d’Ansembourg, en diens echtgenote; de honorair Consul Joep Hezemans, en zijn echtgenote Marilyn; de drie commodores van de in, de haven van Las Palmas afgemeerde, Nederlandse vloot; het voltallige NVC-Bestuur en veel NVC-leden, van wie sommigen - speciaal voor deze gelegenheid - van hun zomerverblijf uit Nederland waren teruggekeerd naar Gran Canaria.

En het is dankzij dit gebaar, van het teruggeven van de luidklok, dat er sindsdien door ‘La Mesa del Batán’ (het Comité van de Volmolen) voor de jaarlijkse herdenking van de Batalla de El Batán (Slag bij de Volmolen) een Nederlander, of Nederlandse wordt uitgenodigd voor het - op 3 juli om 09:00 uur met veertien slagen van de luidklok - zodanig als klokkenluider, maar dan wel in de letterlijke, dus juiste betekenis van het woord - de goede, vreedzame relatie te bevestigen die tegenwoordig - mede door het toerisme - bestaat tussen de Spaanse Deelstaat Canarias en het Koninkrijk der Nederlanden (Reino de Los Países Bajos); waarbij men , naar aanleiding van het officiële bezoek in 2016 van de burgemeester van Leiderdorp, in de Canarische pers o.a. schrijft: ‘Los holandeses buscan reconciliación’ (‘De Nederlanders zoeken verzoening’).

foto151991.jpg  foto151976.jpg

Bekijk de luidklok en de opschriften van nabij,
op deze internetpagina:

http://campaners.com/php/fotos_campana.php?numer=11100

foto151990.jpg 2013-07-03-006-114e-herdenking-van-der-does-large_large-3.jpg
 

000islas-canariaslogo-223.jpg


Rondleiding: ‘Versión holandesa’
in het Castillo de Mata

LAS PALMAS DE GRAN CANARIA - zaterdag 9 juli 2016 - José Ignacio Aguiar, geschiedkundige en  de coördinator van het Museo Castillo de Mata (Kazemat-kasteel) in Las Palmas de Gran Canaria heeft in het Kasteel/Museum op zaterdag 9 juli 2016 onder de naam: 'Versión holandesa' ('Nederlandse Versie') een rondleiding met deskundige toelichting gegeven, betreffende de Aanval van Pieter van der Does in 1599 op El Real de Las Palmas, maar dan gezien vanuit het Hollandse standpunt.

José Ignacio Aguiar gaat ervan uit,  dat er ook onder de Nederlandse samenleving op Gran Canaria belangstelling bestaat voor deze activiteit waarvoor twee zittingen/rondleidingen hebben plaatsgevonden op zaterdag 9 juli 2016 en wel om: 11:00, 12:00 en 13.00 uur.  Dit zeker, na het zesdaagse bezoek begin juli 2016 van de burgemeester van Leiderdorp aan Gran Canaria, voor het bijwonen van de 417e verjaardag van de ‘Batalla del Batán’ ( ‘Slag bij de Volmolen’) het grootste gewapende feit uit de gehele geschiedenis van de Canarische Eilanden.
Mata.png 13512194_494650684067798_7216212039821165143_n.jpg
Redactieleden van ‘Gran Canaria actueel’ waren op zaterdag 9 juli 2016 bij rondleiding aanwezig in het Kasteel/Museum voor het beantwoorden van eventuele vragen en het geven van toelichting, daar waar gewenst door de deelnemers aan deze - voor iedereen toegankelijke - activiteit.
IMG_1123.jpg
José Ignacio Aguiar in actie tijdens de rondleiding  'Versión holandesa',  in het Castillo de Mata ( het Kazemat-kasteel) op zaterdag 9 juli 2016 in Las Palmas de Gran Canaria.
IMG_6827.jpg

13584748_498129103719956_2900488086748064551_o.jpg 13501683_495730183959848_3108305080205501379_n.jpg
 IMG_6960.jpg IMG_6953.jpg

 000islas-canariaslogo-19.jpg

Excel
ZZZ PROGRAMMA-AGENDA Mesa de El Batan 2016 en FORMATO EXCEL
Excel [18.5 KB]
Download (5 downloads)
Excel
ZZZ PROGRAMMA-AGENDA Mesa de El Batan 2016 en FORMATO EXCEL
Excel [18.5 KB]
Download (0 downloads)

ZZZZislas-canariaslogo-kopie-30.jpg


Televisie-interview
met Hans Camps
op RTV CANAL13 DIGITAL

GRAN CANARIA - zaterdag 18 juni 2016 - Marian Quintana heeft samen met de journalist Jaime Rubio een interview gemaakt met de Nederlandse journalist Hans Camps:

https://www.youtube.com/watch?v=m3NBsiTDctA
naamloos-206.png
https://www.youtube.com/watch?v=m3NBsiTDctA

Televisie-uitzending bekijken via YouTube van het programma dat rechtstreeks is uitgezonden op vrijdag 17-6-2016 om 10:30 uur:
- LOS DESAYUNOS DE CANAL 13 DIGITAL Nº 2516: Entrevista a Hans Camps y Jaime Rubio
https://www.youtube.com/watch?v=m3NBsiTDctA

De aanval van Pieter van der Does in 1599 op El Real de Las Palmas
De herdenkingsplechtigheden worden jaarlijks georganiseerd door het comité ‘La Mesa de El Batán’ op 2 en 3 juli.

Dit jaar - in 2016- zal als genodigde eregast aanwezig zijn de burgemeester van Leiderdorp, de edelachtbare mevrouw Laila M. Driessen-Jansen - samen met haar echtgenoot de heer León Paul Driessen - op uitnodiging van het Eilandbestuur van Gran Canaria.

Leiderdorp is de plaats waar Pieter van der Does is geboren, de viceadmiraal van de Hollandse vloot in 1599.

De televisieprogramma’s van CANAL13 DIGITAL zijn, rechtstreeks uitgezonden, te bekijken in de Provincie Las Palmas (op de eilanden Gran Canaria, Fuerteventura en Lanzarote):

https://www.youtube.com/watch?v=m3NBsiTDctA
zzzzzzzislas-canariaslogo-607.jpg


De belegering van Bergen (Mons):
waar de Gran Duque de Alba
met 10.000 manschappen,
20.000 opstandelingen heeft verslagen

MONS (BERGEN) - De ervaren generaal beleeft een van de meest kritieke momenten in zijn carrière. Vanuit het noorden uit zee aangevallen door los Medigos (de Geuzen), door de Franse Hugenoten in het zuiden, en door Willem van Oranje uit Duitsland, overleeft hij dankzij zijn militaire genie.

Dit is de geschiedenis welke zich afspeelt tijdens De Tachtigjarige Oorlog, in de modernere geschiedschrijving ook De Opstand, of de Nederlandse Opstand genoemd, een opstand en strijd in de Nederlanden van 1568 tot 1648 (met een Twaalfjarig Bestand in de jaren 1609-1621) welke uiteindelijk vooraf is gegaan aan de aanval van Viceadmiraal, jonkheer Pieter van der Does, ruim 31 jaar later - in 1599 - op El Real de Las Palmas op Gran Canaria, en wat verklaart waarom de Hollanders dan - in opdracht van Raadspensionaris Johan van Oldenbarnevelt - op zoek zijn naar oorlogsbuit.
duque-de-alba--620x450.jpg                     
 Portret van Fernando Álvarez de Toledo, geschilderd door Titiaan.
Onder de heerschappij van de Koning van Spanje onderdrukt de Gran Duque de Alba (Groothertog van Alva) in 1568 in los Países Bajos (de Lage Landen) met succes de opstand welke een aantal vooraanstaande Calvinisten onderneemt; de Castiliaanse generaal slaagt erin, militair de troepen onder leiding van Willem van Oranje - de meest vooraanstaande van de opstandelingen -  te verslaan, en gedurende korte tijd lijkt het erop, dat de opstand tot het verleden gaat behoren. Echter de verhoging van de belastingen en de bloedige onderdrukking door het Tribunal de Tumultos (Raad van Beroerten) - bij de Hollanders bekend als de Bloedraad, of Bloedige Rechtbank- blaast in 1572 de oorlog nieuw leven in.

De Hertog van Alva zaait  terreur in het land via het Tribunal de Tumultos (de Raad van Beroerten), die in drie jaar tijd meer personen executeert dan de Spaanse Inquisitie onder het bewind van Filips de Tweede.

Diverse schattingen lopen uiteen van het aantal door de Hertog bevolen executies van 500 tot 800 personen, wat  jaren later dient als voeding voor de zwarte legende over deze Castiliaanse edelman, en - in het algemeen - tegen geheel Spanje.

guillermo-orange--250x300.jpg
                                                Portret van Willem van Oranje.
Dit alles gaat vergezeld van een substantiële belastingverhoging in de provincies, met het doel de militaire onderdrukking te dekken. De economische depressie en doodvonnissen van gematigde edelen, onder wie Egmont en Hoorne, overtuigt zelfs de katholieken van de noodzaak, de gemeenschappelijke vijand te verdrijven. In 1572 verspreidt de opstand zich fel.

Alvorens - om in opdracht van Filips II - naar Vlaanderen te gaan, heeft Fernando Álvarez de Toledo, de derde Hertog van  Alva, gedurende decennia de keizerlijke legers van Karel V op de  belangrijkste ondernemingen geleid. Met de komst op de troon van Filips moet de Groothertog het vertrouwen zien te winnen van de nieuwe koning, die hij beschouwt als een door zijn vader aangesteld man, en moet hij zich mengen in de strijd aan de hofhouding.

Na de Fransen overwonnen te hebben in Napels, ondanks de inspanningen van Ruy Gómez - het hoofd van het andere deel van de hofhouding -  om hem te  saboteren, installeert de Duque de Alba (Hertog van Alva) zich in Madrid, met de gedachte dat zijn tijd als militair voorbij is.

Het dilemma van Alva: gevangen tussen noord en zuid
De oorlog in Vlaanderen, waar hij de gewapende weg verdedigt, verplicht hem zich opnieuw aan het hoofd van de troepen van de Koning te plaatsen. Hij begeeft zich daarin, met in ieder geval de zekerheid, dat de Koning in zijn voetsporen, politiek het gebied zal kalmeren. Dat is de reden waarom de Groothertog zo weinig politieke tact toont en de situatie verergert, omdat hij begint te wanhopen vanwege de opeenvolgende vertragingen van Filips II.

Terwijl hij wacht op zijn vervanger - de Hertog van Medinaceli – kondigt de Groothertog in 1571 - na het pacificeren van het land en de harde kern van de rebellen te hebben geëxecuteerd -een algemeen pardon af. De belastingverhoging,  om de militaire inzet te financieren, veroorzaakt een van de eerste stakingen in de geschiedenis onder de handelaren en de komst van een vloot van schepen uit verschillende steden van Holland en Zeeland. Ze staan bekend als los Mendigos del Mar (de Geuzen van de Zee, in goed Hollands gezegd: watergeuzen).

Tussen 24 mei en 19 september 1572 wordt de Henegouwse hoofdstad Bergen (Mons) bezet door Lodewijk van Nassau, de broer van Willem van Oranje. Dit is een belangrijke gebeurtenis aan het begin van de Tachtigjarige Oorlog, als onderdeel van de bezettingen van 1572.

Na de inname van Den Briel besluiten Willem van Oranje en zijn familie opnieuw een inval in de Spaanse Nederlanden te wagen. Lodewijk zou Henegouwen binnenvallen vanuit Frankrijk, waarna hij versterking zou krijgen van de hugenoten.

Alva besluit, dat het zijn prioriteit is om Bergen (Mons) te herstellen, zelfs als dat de stopzetting  betekent van een aantal garnizoenen in het noorden van het land.

Zoals Juan Giménez Martín vertelt in ‘Tercios de Flandes’ (‘Tweederde van Vlaanderen’)  (uitgeverij Falcata Ibérica), nemen de rebellen Den Briel in en verdrijven ze het kleine Spaanse garnizoen uit Vlissingen (Zeeland) en wurgen kolonel Pacheco.

Het volgende doel van rebellen is de stad Middelburg waar kapitein Sancho Dávila naar toe gaat, de rechterhand van de Groothertog van Alva. Zo wordt op dat moment, met de komst van de Hertog van Medinaceli en 2.000 infanteristen,  de opkomst van de vijand afgeremd en lijkt  het erop, dat de situatie zal gaan verbeteren. Echter, tegelijkertijd met de successen in het noorden, gefinancierd door Elizabeth van Engeland, maakt vanuit het zuiden, in het voorjaar va 1572,  Lodewijk van Nassau  aan het hoofd van een leger van Franse hugenoten, zich meester van Mons en Valencijn (Valenciennes) de Noord-Franse stad in het Noorderdepartement, gelegen aan de rivier Schelde; mogelijk met de hulp van de koning van Frankrijk die, ondanks zijn katholiek zijn , er de voorkeur aan geeft de Spanjaarden te zien bloeden.
asedio-mons--510x286.jpg                                 De gefortificeerde stad Bergen (Mons) in 1572.

Beleg
Of Lodewijk en de zijnen de stad kunnen behouden tegen de Spaanse belegeraars is afhankelijk van externe factoren, aangezien zij zwaar in de minderheid zijn en hopen op versterkingen van buitenaf: van de hugenoten uit Frankrijk en/of Oranje uit Duitsland. Drie grote tegenslagen voor de verdedigers bepalen uiteindelijk hun lot.

Slag bij Saint-Ghislain

De hulp die Lodewijk uit Frankrijk krijgt is onvoldoende. Het leger van 7,000 hugenoten worrd op 17 juli verslagen in de Slag bij Saint-Ghislain (ook wel de slag bij Hautrage, op het ‘Champ de l'Alouette’ (‘Leewerikveld’), waarbij 1,200 mannen sneuvelden (het totale dodental is 2,200[). Hun leider, Jean de Hangest, heer van Genlis, wordr gewurgd en de vluchtelingen worden opgehangen of verdronken; ook de heer d'Olhain of Dolhain, admiraal van de Geuzenvloot, sneuvelt.
matanza-san-bartolome--510x286.jpgHet bloedbad in de Sint Bartholomeusnacht, geschilderd door François Dubois.
De Bartholomeusnacht
De hoop ontzet te worden, wordt nog kleiner als het verbond tussen de protestanten onder De Coligny en het (katholieke) Franse hof mislukt, wat bezegeld had moeten worden door het huwelijk tussen Margaretha, zus van koning Karel IX van Frankrijk, en de hugenootse voorman Hendrik van Navarr, op 18 augustus. Het Franse hof besluit echter de katholieke kant te kiezen onder dreiging van een burgeroorlog. In de nacht van 23 op 24 augustus  (de Bartholomeusnacht) worden duizenden hugenoten uitgemoord door Franse soldaten in Parijs en later elders in Frankrijk. De hugenoten is hierdoor een grote slag toegebracht en ze kunnen de rebellen in de Zuidelijke Nederlanden niet meer te hulp komen. Willem van Oranje  is op doorreis met zijn leger in Leuven wanneer hij over de Bloedbruiloft hoort. Lodewijk van Nassau is zo verontwaardigd over de moordpartij, dat hij Alva voorstelt samen de Franse koning aan te vallen. Alva is verbaasd en ook wel boos over het voorval. Zelfs Alva heeft de Bartholomeusnacht een misdaad genoemd.

Oranjes kamp overvallen

Willem van Oranje besluit toch een poging te doen zijn broer te bevrijden, die al meer dan twee maanden vast zit in de stad. Hij bouwt een kamp op ten zuidoosten van Bergen, maar hij word t midden in de nacht overvallen (een camisado) door een Spaans leger. Door hulp van zijn hondje Pompey ontsnapt hij aan een moordaanslag. Hierna vluchtt hij in allerijl terug naar Duitsland.
266px-Mons_ville_fortifiee_du_comte_du_hainaut1.jpg                                       De gefortificeerde stad Bergen (Mons) in 1572.
De verovering van Bergen (Mons) heeft een tweede oorlogsfront gecreëerd en opent de poort voor een Franse invasie van het gehele gebied. Bovendien zijn de meeste militaire middelen van het  Spaanse Rijk dan ingezet in de oorlog aan de Middellandse Zee, waar Jan van  Oostenrijk de campagne tegen de Turken leidt. Daarom, besluit Alva dat het zijn prioriteit is, Bergen (Mons) te herstellen, hoewel dat het in de steek laten betekent te zijn van de garnizoenen in het noorden van het land.
                                   312371.jpg

Echter, zoals William S. Maltby vertelt in zijn  biografie  ‘ALBA Third Duke of Alba, 1507-1582’ (Atalanta), ,heeft Alva zelfs met de verzamelde troepen - een garnizoen van 4.000 soldaten - moeite Bergen (Mons) te herstellen. De zoon van de hertog, Fadrique Álvarez de Toledo, wordt erbij geroepen als hij bezig is het eiland Walcheren te verdedigen, op enkele kilometers van Vlissingen. Alva’s zoon Fadrique (Frederik) levert 6.000 manschappen versterking.

Alle middelen zijn weinig. Fadrique komt in Bergen (Mons) op 23 juni met het doel erop toe te zien dat de Fransen geen  versterkingen ontvangen. Zonder artillerie om het plein te belegeren, beperkt de erfgenaam van Alba zich alleen tot deelname aan  diverse schermutselingen om de verdedigers te verzwakken. Op 11 juli vindt het belangrijkste plaats, als een groep boeren, begeleid door 600 musketiers, vertrekt om  tarwe te gaan  oogsten. Het vertrek wordt verhinderd en men neemt een aantal vrouwen gevangen die zijn teruggekeerd naar de stad met hun rokken gekort tot boven de knie als teken van verontwaardiging.

Ze leveren op 17 juni strijd in het dorp Quiévrain tegen een macht van 6000 musketiers, bedoeld om het plein te versterken. Ondanks het feit dat hij kon rekenen op minder manschappen, veroorzaakt Fadrique, samen met de oudgediende veldheer Chiappino Vitelli, 3.000 doden in de Franse gelederen.

Alva heeft geen tijd om de overwinning van zijn zoon te vieren. Hij weet dan van de komst van Medinaceli, die onderweg is, en hij krijgt meegedeeld dat de Prins van Oranje, de broer van Luis van Nassau de Rijn is overgestoken met  20.000 manschappen, een zwak leger grotendeels gevormd door huurlingen gekruist, maar dat wel een derde front opent. "Ik heb alle hulp nodig die je deze oude vogel kunt geven," schrijft de oudgediende generaal aan Filips II.

De twee edelen, Alva en Medinaceli, marcheren naar Bergen (Mons) met 36 zware kanonnen, 8.500 soldaten (met daarbij de 4.000 manschappen van Fradrique) en een façade van valse hartelijkheid tussen de twee.

Nu proberen de Spanjaarden Lodewijk van Nassau  uit Bergen (Mons) te verdrijven. Het risico bestaat, ingesloten te raken tussen de Fransen, en de verdedigers en versterkingen van Oranje die, ten behoeve van Alva, geobsedeerd is in het  in het veroveren van verschillende minder belangrijke locaties. waaronder kasteel Weer. En net op dat moment vindt  in Parijs het bloedbad in de Sint Bartholomeusnacht plaats, met 5.000 protestanten vermoord in opdracht van de koning van Frankrijk, wat een wijziging van zijn positie tegenover  de hugenoten markeert. Alva moedigt zijn mannen aan om luidruchtig de slachting te vieren, zodat vanuit Bergen (Mons) de Franse gedemoraliseerd raken.

Op 30 augustus begint de belegering van Bergen (Mons), hoewel Alva niet blijft toekijken dat Oranje op elk moment kan verschijnen. De Spaanse edelman verordonneert enkele kanonnen op te stellen gericht op de vlakte waar de stad naar alle waarschijnlijkheid is ontstaan. Begin september ontdekt men  dat de rebellenleider zich op een  halve dagmars bevindt en al aan het nagaan is op welke wijze hij met zijn eigen artillerie het Spaanse beleg kan breken. Te midden van een kruisvuur, erkent de Castiliaan: “Het is een van de mooiste dagen die ik heb gezien.” Alva houdt van oorlog, weet hoe je gevechten moet winnen en heeft heel weinig vertrouwen in het militaire talent van zijn vijand.

Julian Romero en zijn encamisada
Willem van Oranje kan maar niet besluiten over hoe zijn tanden te zetten in het Spaanse kamp. Hij richt een vliegende brigade musketiers op. Fadrique besluit de volgende dagen om alle posities in te nemen waarop de rebellen proberen voortgang te maken  Hij komt tot wanhoop, omdat hij niet in staat is om zijn numerieke meerderheid waar te maken, en hij stelt een bepaald  roekeloos  plan op. Op 12 september rukt hij op naar Porte de la Gueritte, wat het meest kwetsbare gebied in de omgeving lijkt te zijn  voor een aanval. De hertog van Alva benoemt  aan de vooravond van de aanval Julian Romero, een andere vooraanstaande kapitein van het leger in Vlaanderen, om een ‘encamisada’ te lanceren op het vijandelijke kamp, een nachtelijke aanval waarbij de Spanjaarden experts zijn en zo genoemd omdat de witte hemden worden gebruikt om zich te onderscheiden in het donker.

Julian Romero dringt het kamp van Willem van Oranje binnen aan het hoofd van 600 manschappen met haakbussen, dat levert bijna duizend doden op tegenover slechts 60 Spanjaarden, evenals het verlies van honderden paarden en een grote hoeveelheid van de vijandige belemmering; volgens de legende, zou Willem van Oranje op het punt gestaan hebben te sterven, maar is hij gered door het blaffen van Pompey, zijn spaniël die aan zijn zijde sliep. Men zegt, dat hij sindsdien altijd slaapt met een hond van dit ras naast zijn bed. Na de encamisada, besluit Oranje richting Duitsland te vluchten, zijn broer overgeleverd achterlatend bij de Spaanse strijdkrachten.

Vrije aftocht
Lodewijk van Nassau
 moet op dat moment met hoge koorts het bed houden en besluit niet langer weerstand te bieden. Op 21 september volgt dan de overgave van Bergen (Mons). De partijen wisselen gijzelaars uit. Alva verleent Lodewijk, zijn soldaten en calvinisten de vrije aftocht. De Hertog van Medinaceli, en zelfs Fadrique, nemen hoffelijk afscheid van de rebellenleider, maar niet Alva, die laat zich niet zien. De prins van Oranje en zijn broer zien elkaar begin oktober weer in  Roermond.

De overwinning bij Bergen (Mons) wordt gevolgd door het herstel van Oudenaarde, Aardrijk, Tirlemont en Mechelen. Het is hier, hoewel de autoriteiten de stad ingenomen hebben, dat er plunderingen plaatsvinden als straf voor een zo hartelijk  door de bevolking ontvangen Oranje. Het precedent van Mechelen zorgt ervoor, dat de opstanden worden uitgebreid tot het uiterste, en het begin van een nieuwe rebellie markeert. De Spaanse economie kan dergelijk  lange en dure belegeringen niet verduren.

Zie ook: https://nl.wikipedia.org/wiki/Bezetting_van_Bergen

zzzzzzzislas-canariaslogo-484.jpg


 Uitzending Gemist: Radio Gáldar
 ‘La Voz Alemana’  29-1-2014
Reportage Pieter van der Does 1599-1999-2014

GRAN CANARIA - vrijdag 31 januari 2014 - De in Puerto de Las Nieves -gemeente Agaete - woonachtige, uit Berlijn afkomstige, Maria (zeg maar Mura) Graf heeft haar rechtstreeks uitgezonden wekelijkse radio-magazine van een half uur in de Duitse taal, gedurende de wintermaanden elke woensdag om 19:00 uur.

In de uitzending van woensdag 29 januari 2014 is de hoofdredacteur van ‘Gran Canaria actueel’ aan het woord gekomen over de jaarlijkse herdenking in Santa Brígida (Gran Canaria) van de Hollandse aanval van Viceadmiraal Pieter van der Does op Las Palmas, de ‘mislukte’ vergeldingsactie van de Staten van Holland en Zeeland, die op 26 juni 2014 precies 415 jaar geleden van start is gegaan.
 
 
Deze uitzending (in het Duits) is te beluisteren op het Internet via Ivoox (klik op ‘descargar’):

http://www.ivoox.com/voz-alemana-29-enero-2014-audios-mp3_rf_2779150_1.html?autoplay=1#

kleurlogoCanarias.png


De drie hoofdstedelijke forten
zijn al ruim tien jaar gesloten

LAS PALMAS DE GRAN CANARIA - maandag 21 mei 2012 -  De kastelen van La Luz en Mata blijven na hun herstel verborgen voor het publiek en, dat van San Francisco is verwaarloosd.

Cerrados a cal y canto, ofwel: Potdicht.  De kastelen en de torentjes die nog steeds overeind zijn gebleven in het verdedigingsnetwerk, dat men bouwde aan het eind van de 16de Eeuw in de hoofdstad van Gran  Canaria, om de stad te beschermen tegen de regelmatige aanvallen in die periode, blijven al ruim tien  jaar verborgen voor de stadsbewoners.
De meest in het oog springende, Mata en dat van La Luz, verkeren al ruim tien jaar in fase van restauratie en  dat van San Francisco is verwaarloosd sinds het einde van de afgelopen Eeuw.

Castillo de La Luz

Ondanks, dat ze getuige zijn van de meest enerverende periodes in de stad, toen deze het slachtoffer was van voortdurende aanvallen en plunderingen, vanwege de strategische ligging van de Eilanden in  de Atlantische Oceaan, kunnen ze hun spannende verhaal niet vertellen aan de stadsbewoners, noch aan de toeristen die deze grondstukken bezoeken.


De eerste bezoekers in het kasteel van Mata  bekijken, in april 2011, het ronde torentje, dat is ontdekt tijdens de restauratie die jarenlamg heeft geduurd.

Het doel van de restauratie is, hun historische erfenis te herstellen, maar dit heeft men nog steeds niet voltooid. De enige uitzondering, zijn de bezoeken onder geleide geweest welke men tussen april en juni 2011 heeft georganiseerd voor groepen studenten. 

  
              La Luz.                                 Mata.                                   San Cristóbal.
Ten tijde van de voormalige burgemeester Pepa Luzardo, heeft de Gemeente een culturele route willen creëren langs de drie meest kenmerkende forten, door deze op zich in musea te veranderen, maar het idee lijkt op een dood punt te zijn beland en is, vanwege de crisis, begraven.

Momenteel wil de huidige burgemeester, Juan José Cardona , het Castillo de La Luz in 2013   openstellen, maar heeft, tot groot ongenoegen van de bewoners van La Isleta, de plannen voor de  inrichting van een Maritiem Museum afgewezen.  De fortificatie -  waaraan slechts de laatste hand ontbreekt in de afwerking van de bouw van het aangrenzende gebouw, om het voor het publiek te kunnen openen - zal de zetel worden van de Martín Chirino-Stichting.

En wat het kasteel van Mata betreft, is voorzien, dat dit de zetel van het toekomstige Maritieme Museum van de stad wordt, zo heeft Cardona enkele maanden geleden verzekerd; een project, dat zal kunnen rekenen op de bijdragen van particulieren en, waarvan in de statuten staat opgenomen, dat men eraan werkt, met de bedoeling, het ook in 2013 voor het publiek te openen.

Journalisten hebben, zonder succes, geprobeerd te achterhalen wat voor inhoud het kasteel zal krijgen. Vanuit de Gemeente laat men weten , dat het project in een ‘vergevorderd stadium’ verkeert.

Men is echter te weten gekomen, dat men de mogelijkheid ontkent, de installatie van het Maritieme Museum te verenigen met een andere installatie van historische waarde, namelijk de locatie waar men de cubelo (ronde toren) heeft ontdekt, toen men, voorafgaand aan de renovatie, archeologische werkzaamheden verrichtte.

In elk geval is de opening van Mata, waarvan de herstelwerkzaamheden ruim een jaar geleden zijn voltooid, in afwachting van de uitwerking van het museale project en de benodigde financiële middelen om de lichtinstallatie in het interieur van het pand te verwezenlijken evenals de aanleg van een tuin en groenvoorzieningen rond het gebouw.

De geschiedenis vertellen
Julio Cuenca, archeoloog en directeur van de archeologische opgravingsprojecten van de fortificaties van Mata en La Luz, heeft altijd al aandacht gevraagd voor het feit, “dat ‘geen enkel’ van deze oude forten geschikt is gemaakt, voor het  vertellen van de eigen geschiedenis,”; ondanks de ‘onbetwistbare’ rol die ze gespeeld hebben in de verdediging van de eilanden, die altijd gekoppeld zal worden aan de herinnering van voor het Eiland fatale namen, zoals die van Admiraal Pieter van der Does, die de stad in 1599 vernietigde, na La Luz en de cubelo van Mata aangevallen te hebben. Of, aan die van de Engelse piraat Francis Drake, die in 1595 verslagen is, na geprobeerd te hebben La Isleta aan te vallen, met een vloot die bestond uit meer dan twintig schepen.

De door Cuenca geleide archeologische opgravingen hebben de ontdekking van belangrijke stukken uit de verdediging van de stad mogelijk gemaakt, zowel in La Luz als in Mata. In het kasteel op La Isleta, bijvoorbeeld, zijn resten van een eerdere fortificatie aan het licht gekomen, de toren van Alonso de Fajardo en de barrage van de artillerie die het omringde, samen met belangrijke archeologische resten. “De geschiedenis van deze fortificatie,” zo merkt Cuenca op, “is spannend, want zijn muren waren o.a. getuige van de aanvallen van Drake en die van Van der Does.”
kleurlogoCanarias.png


Historisch scheepskerkhof:
ruim 40 scheepswrakken
 
op  de havenbodem
van Stª Cruz de Tenerife

LAS PALMAS DE GRAN  CANARIA - 15 augustus 2011 - Op dit “scheepskerkhof” liggen schepen van  kapers, zoals Antoine Alfonse Fonteneau de Saintogne en van vloten, van Britse zeelieden, zoals van Robert Blake en van  Horatio Nelson.Volgens een studie, die recentelijk door het havenbestuur van Santa Cruz de Tenerife openbaar is gemaakt, liggen er op de bodem van de haven nog resten van minstens 44 schepen die tussen 1552 en 1797 zijn vergaan. Dit blijkt uit archeologisch onderzoek en ander documentatie over de zeebodem.

“Daar, waar momenteel de ferryboten van Fred Olsen afmeren, ligt een hele vloot op de zeebodem van schepen die meer dan vijfhonderd jaar oud zijn,” zo verzekert de archeoloog  Gabriel Escribano. De aanvallen van piraten, de verdediging van de stad, of zware onweders waren de voornaamste oorzaak, dat deze schepen voor de kust van Tenerife hun laatste rustplaats hebben gevonden. Volgens de wetenschapper, “liggen er ook wrakken van oorlogsschepen die tijdens de Tweede Wereldoorlog zijn vergaan.”

cala-murta-verdaguer-1.jpgEr is geen enkele mogelijkheid, om deze scheepswrakken te bergen en ze het daglicht te doen zien, want het Havenbestuur geeft hiervoor geen toestemming. Men weet ook niet in welke toestand de wrakken zich bevinden, want modder en slibafzetting tijdens overstromingen van Santa Cruz de Tenerife, hebben deze scheepsresten nog dieper begraven.
2-mmMedium.jpg
Gabriel Escribano en de archeoloog Mederos Martín hebben destijds, naar aanleiding van de 200ste verjaardag van de Slag tegen Admiraal Nelson, geprobeerd, de kotter Fox te vinden, die in  1797 door de troepen van Generaal Gutiérrez tot zinken is gebracht, toen  Nelson probeerde, daarmee de kust te bereiken. “We hadden slechts beperkt de tijd, om de kotter te lokaliseren, want het havenbedrijf kon niet langer stilgelegd worden. Uiteindelijk hebben we toen niets gevonden,” zo betreurt de wetenschapper.
alfoncenav550__029096500_1536_18082014.jpg

Zo weet alleen de zee die de kust van Tenerife omspoelt, wat deze verbergt. Een beschermingsmaatregel van de Unesco schrijft voor, dat bij werkzaamheden aan de pier en de haveninstallaties milieumaatregelen in  acht moeten worden genomen, evenals, dat er archeologische studies verricht moeten kunnen worden, om de scheepskerkhoven voor de kust te beschermen. “Daar was 20 jaar geleden nog geen sprake van en daarom zijn er zeer veel waardevolle restanten verloren gegaan,” betreurt Escribano.

Technisch onderzoek, dat door het bedrijf ‘Promar 2007’ is verricht, om de locatie aan te geven voor de toekomstige pier voor het afmeren van cruiseschepen, is een concreet voorbeeld van deze strenge voorschriften. Na voorlopige berekeningen, moet de geplande pier 35 meter verderop aangelegd worden, om een rij scheepswrakken te beschermen die in dit havengedeelte aangetroffen is. Ook, terwijl het gaat, om op zich kleinere boten en een gezonken kraan.

Volgens de archeologen was er destijds geen enkele mogelijkheid, om na te gaan, wat er allemaal op de bodem van de haven van Santa Cruz ligt. “Maar we weten echter niet, wat er in komende jaren gaat gebeuren. De meeste archeologische onderwatervondsten zijn meestal toevalstreffers. Bij de aanleg van een havenpier in Murcia zijn de oudste schepen ter wereld ontdekt,” zegt Escribano.

Mogelijk raken  in de toekomst nog ander vondsten bekend.  Maar daarmee zal  het met zekerheid niet veel beter zijn en is het, wegens hun slechte toestand, beter, dat ze onder water blijven, aldus de wetenschapper.

Uit de studie van het Havenbestuur van Santa Cruz de Tenerife heeft men kennis van een schip van de vrijbuiter Antoine Alfonse Fonteneau de Saintonge, dat bij een piratenaanval in 1552 is vergaan.
Elf schepen zijn in 1591 vergaan tijdens een zware storm.
Zeven schepen van Robert Blake vlogen in brand en liepen tegen de klippen.
Vier schepen zijn in 1657 gestrand tijdens een onweer .
In 1774 kwam nog een Brits schip om, tijdens een zware storm.
In 1774 zorgde een zwaar onweer ervoor, dat er nog eens dertien schepen naar de kelder gingen. De kotter Fox is in 1797 gezonken tijdens een aanval van Admiraal Nelson op Santa Cruz.
In 1778 strandden tijdens een zwaar onweer nog eens vier schepen, waarvan er een gezonken is.

Maar niet alleen het havenbedrijf is een hinderpaal voor de wetenschappelijke onderzoekingen. Ook de zeebodem direct voor de kust van Tenerife, die tot 700 meter diep is, bemoeilijkt de onderzoekingen en verlangt dure technische installaties.

“We hebben al Romeinse amfora’s gevonden en  we zijn ervan overtuigd, dat er ook Phoenicische restanten op de zeebodem liggen, ook al hebben we tot op heden nog niets aangetroffen,” zet Escribano, die al jaren geleden het voorstel heeft gedaan, om in Castillo Negro, naast het Auditorium, een Maritiem museum in te richten.
canon-tigre.jpg

Het kanon “El Tigre”, vervaardigd in Sevilla in 1768, waarmee op 25 juli 1779 de arm van Admiraal Horatio Nelson werd afgeschoten bij de Engelse aanval op Santa Cruz de Tenerife.

download-35.jpg
Trafalgar Square in Londen met het standbeeld van de Engelse zeeheld Admiraal Horatio Nelson.
Lord_Nelson_Nelsons_Columnvvv.jpg

Het ‘Museo Militar’ in de hoofdstad van  Santa Cruz de Tenerife herbergt een interessante collectie afbeeldingen van historische schepen en het legendarische kanon “ ‘El Tigre’ (‘De Tijger’) waardoor Admiraal Horatio Nelson op 25 juli 1797  tijdens een aanval op Santa Cruz een arm verloor.
Het adres van dit gratis toegankelijke museum is: Calle San Isidro, 1 – Castillo de Almeida en het is dagelijks geopend van 10:00 tot 14:00 uur. Telefoon: 922 84 35 00.

ANEKDOTE:
Deze anekdote speelt zich af in 1999 toen – ter gelegenheid van de 400ste verjaardag van de Aanval van de Hollandse Vice-Admiraal (¡pirata!) Pieter van der Does op Las Palmas de Gran Canaria – het bestuur van de Nederlandse Vereniging Canarias (NVC) het respectabele bedrag van 20.000 harde Nederlandse guldens (!) aan het inzamelen was voor het doneren van een bronzen luidklok.
klok.png

images36_large-3.jpg
2013-07-03-006-114e-herdenking-van-der-does-large_large-2.jpg
Dit, als vervanging van wat destijds door jonkheer Pieter uit Las Palmas was meegenomen en waarvoor de toenmalige Nederlandse honorair consul in Las Palmas de Gran Canaria, Joep Hezemans, aanvankelijk weigerde, om zitting te nemen in het NVC-Comité van Aanbeveling.

Joep’s redenering was: “Ik neem als Consul geen zitting in een dergelijk comité, omdat twee jaar geleden, de Britse ambassadeur door de Tinerfeños is uitgefloten toen deze in Santa Cruz de Tenerife aanwezig was bij de 200ste-herdenking van de aanval van Admiraal (¡pirata!) Horatio Nelson.

Gelukkig draaide de heer Hezemans al heel snel bij, toen hij op Gran Canaria doorkreeg met wat voor een grote, indrukwekkende  actie het NVC-bestuur bezig was. 

Waardoor de Nederlanders op 29 juni 1999 – 400 jaar na de bewuste aanval – na het overhandigen van de bronzen luidklok  door NVC-voorzitter Toos Ebben-Manders en in aanwezigheid van de Nederlandse Ambassadeur, Graaf Jan de Marchant et d’Ansembourg, plus een grote afvaardiging van Nederlandse marinemensen in tropenuniform – op het Plaza de Stª Ana deelgenoot werden van het allerhoogste militaire eerbetoon wat een buitenlandse gemeenschap in Spanje (lees: Nederlandse gemeenschap op de Canarische Eilanden) ook maar heeft kunnen krijgen.

Joep is – ondanks zijn huidige, helaas, minder goede gezondheid – nu nog steeds blij, dat hij destijds van mening is veranderd en niet, de ‘historische misser van zijn leven’ heeft hoeven mee te maken! Waarvan akte
kleurlogoCanarias.png


'Aan onze vrienden van De Lage Landen'

Het onderstaande artikel, dat op zondag 12 december 2010 is gepubliceerd in het dagblad ‘Telde Actualidad’ is geschreven door de bekende Grancanarische onderwijzer, schrijver en journalist Jaime Rubio Rosales.

“Nederland, België en Luxemburg zijn enkele Europese landen die altijd al een sterke band hebben onderhouden met de Canarische Eilanden en waarvan het toerisme al ruim 100 jaar trouw is aan onze bestemming. De Nederlanders herinnert men zich uiteindelijk het best vanwege de aanval op Las Palmas de Gran Canaria in 1599 door admiraal Van der Does – en niet piraat, zoals men bij vergissing  denkt. Maar Nederlanders en Canario’s hebben geleerd van de vergissingen uit het verleden en tegenwoordig herdenken we die Slag gezamenlijk, elk jaar gebroederlijk  in juni, zonder rancune. Feit is, dat talrijke  Canario’s goede Nederlandse vrienden hebben en enkele zijn zelfs getrouwd met ingezetenen van dat welvarende land.

090708020LunchNellekeenWillemHoverstreydtJaimeRubioRosalesWH.jpg
De ontmoeting met Willem Hovestreijdt, Egyptoloog en wetenschapper gespecialiseerd in Van der Does, die vertelt over zijn vorderingen in het onderzoek naar o.a. een vermoedelijk portret van Pieter van der Does.

Mijn  relatie met de Lage Landen begon in juni 1994, toen een Belgische studente me uitnodigde de verdediging van haar proefschrift bij te wonen  aan de Universiteit van Bergen (Mons). Een stelling die bestond uit een kritische vertaling in het Frans van mijn nouvelle ‘Misterio en Ripoche Street’. Dat werk is een jaar lang bestudeerd en onderzocht en het resultaat verheugde me daadwerkelijk, net zoals de universitaire onthulling op die koude Sint Jans-dag in België.

Enkele jaren later kon de Nederlandse journalist Hans Camps, correspondent voor het tijdschrift over Gran Canaria “Hollandse Nieuwe” in contact met mij komen, omdat hij geïnteresseerd was, mijn boek ‘Historia oculta de Canarias’ te vertalen in het Nederlands. Dat was in de loop van 1999 en de vertaling viel samen met de 400-ste verjaardag van de Aanval van Van der Does op Las Palmas de Gran Canaria. Aldus geschiedde, en de Nederlandse vertaling werd gepubliceerd in enkele afleveringen van het tijdschrift “NVC-Clubnieuws”, het cluborgaan van van de Nederlandse Vereniging Canarias, evenals in het boordmagazine van Transavia , de luchtvaartmaatschappij die wekelijks Amsterdam met Las Palmas verbindt.

Weer later verschenen andere vertalingen, met als meest recente die van mijn boek ‘Submarinos y arqueología nazi en Canarias’ (‘Nazi duikboten en Nazi Archeologie op Canarias’), waarvan de presentatie in de Club Prensa Canaria levendig werd door een nadrukkelijke aanwezigheid van leden van de Nederlandse kolonie op Gran Canaria, die mijn boeken verslonden. En  ik was uiteraard verheugd over zoveel enthousiasme van de zonen en dochters uit het land van Rembrandt en Van Gogh.

Onnodig te zeggen – en hoe kan het ook anders-, dat er spontaan vriendschapsbanden zijn ontstaan met mijn Nederlandse fans; vriendschappen, die nog steeds bestaan. Ik mag Theo Pellinkhof niet vergeten, officier b.d. van de Nederlandse Koninklijke Marine, die me begeleid heeft in de kennis over het leven aan boord van de duikboten welke me van veel nut is geweest voor mijn boeken en artikelen over dit onderwerp.

En uiteraard gaat mijn dank uit naar mijn trouwe vertalers Hans Camps en Wim Roxs, die nog steeds mijn goede vrienden zijn en in hun huis hebben we interessante, culturele avonden  gehad, zoals de ontmoeting met de geschiedkundige Willem Hovestreijdt, een specialist in  Van der Does, die ons vertelde over zijn vorderingen in het onderzoek naar dit geheimzinnige  personage.

Om nog maar niet te spreken van wat we allemaal hebben afgezien tijdens het WK-Voetbal, dat ik via de televisie heb gevolgd vanuit de magische stad Istanboel, met fervente ondersteuning van de Turken voor Spanje.

Dit artikel wil een dankbetuiging zijn aan al mijn Nederlandse vrienden en fans en aan de Lage Landen.”
JAIME RUBIO ROSALES.
De genoemde boekvertalingen in het Nederlands, kunt u voordelig aanschaffen bij/via:
www.lulu.com/browse/search.php?fListingClass=0&fSearch=Jaime+Rubio+Rosales
kleurlogoCanarias.png


Pieter Van Der Does, 'piraat' of admiraal?

“LAS PALMAS DE GRAN CANARIA - 20 juli 2009 - Het navolgende krantenartikel is op maandag 20 juli 2009 geschreven door de Grancanarische leraar, journalist en schrijver Jaime Rubio Rosales:
Dezer dagen heeft Antonio Bethencourt Massieu, onderscheiden met de ‘Premio Canarias de Historia’, leraar van Canarische geschiedkundigen en mijn boezemvriend zich nogal nijdig gemaakt. Hij deed dit, omdat wetenschapper Willem Hovestreydt afgelopen week in een artikel in dagblad ‘La Provinciaheeft gemeld, dat Van der Does geen piraat was (zoals men zegt op de Canarische Eilanden), maar admiraal.

De mosqueo (geïrriteerdheid) van Bethencourt komt, omdat hij denkt, dat geen enkele Canarische geschiedkundige de betreffende admiraal piraat noemt, wat een vreselijke vergissing zou zijn. En het kan zijn, dat hij gelijk heeft; maar in de geschreven pers, zelfs in Carnavalsteksten(!), noemt men hem altijd piraat en zo kent ons volk hem ook. Het is echter goed, dat men deze vergissingen corrigeert, zoals wij die toepassen op andere grote zeehelden zoals Drake of Sir Walter Raleigh.
                                   can-stock-photo_csp6396065-1.jpg

Het geval wil, dat we tot nu toe van Pieter van der Does bijna niets afweten en wel om één reden: tot voor kort was hij een onbekende in zijn eigen land!

Nu echter weten we, dat hij de zoon was uit een aristocratische en rijke familie die in de nabijheid woonde van het riviertje ‘De Does’ (vandaar zijn achternaam) in het nabij de kust gelegen Leiderdorp. Het is uitgerekend in de Universiteit van Leiden waar we een van de weinige ‘Van der Does-specialisten’ tegenkomen: Willem Hovestreydt, met wie ik enkele weken geleden het genoegen had, de lunch te bij enkele gemeenschappelijke vrienden in Agaete.

We hebben daar lange gesprekken gevoerd over ons personage en we hebben er enkele interessante documenten kunnen inzien. Iets wat mijn aandacht trok, is, dat Van der Does door zijn volk als een heilige wordt beschouwd, omdat hij heel edelmoedig en vriendelijk was. Echter, wij Canario’s, zien hem als de duivel van die barbaarse aanval op de stad Las Palmas welke werd uitgevoerd met een vloot van 74 schepen en 11.000 perfect getrainde manschappen op 26 juni 1599: 410 jaar geleden!

Ondanks alles hebben wij Canario’s de Hollanders verslagen bij Cruz del Inglés (in feite zou men dit Cruz del Holandés moeten noemen) nabij Santa Brígida. Naar dit plaatsje waren onze burgers gevlucht, samen met milities die niet alleen uit Las Palmas kwamen, maar ook uit Telde, Arucas, Gáldar en van bijna het gehele eiland. De strategie was, om de door Guiniguada oprukkende Hollanders uit te putten.

En inderdaad, bij aankomst op Cruz del Inglés waren  zij door de zon, de vegetatie en de enorme klim gedecimeerd. Rematar la faena fue coser y cantar (Ze om te leggen, was een koud kunstje ). Mijn grootvader, Teodoro Rosales, hoogleraar Geografie en Geschiedenis en officieel schrijver van de stad Arucas, beschreef het in de volgende bewoordingen:

Juli negentien-negen-en-negentig/de zesentwintigste dag/met donderbussen en lichte wapen/is ons leger naar Las Palmas gegaan./In zestig schepen/ bracht Van der Does, hun Admiraal/een onafzienbaar geschut en negenduizend opvarenden./Las Palmas was/door zijn muren afgesloten/en slechts bewoond door achthonderd zielen.

De aanval van Van der Does heeft een waardig respect in een roman van Dan Brown.

Ik refereer aan het geheimzinnige feit van zijn aanval op de Kathedraal van Las Palmas en, merkwaardig genoeg, op haar Historisch Archief.

- Welke documenten van de Canarische geschiedenis zocht Van der Does?
- Wat deed hij met deze documenten?
- Zocht hij misschien naar het gegeven van de oprichting van de Orde der Tempeliers van Las Palmas?
- Of zocht hij aanwijzingen over de Tempelschat die, volgens bepaalde  bronnen, via Las Palmas zijn weg gevonden zou hebben naar Amerika?

-  Wisselde Columbus daarom de zeilen van zijn karvelen voor andere met het rode Tempelierskruis, waarmee hij in Amerika aankwam?
- Lag Canarias op de geheime route van de Tempelorde naar Amerika?

Voor wat betreft de Archieven van de Kathedraal, weten we, dat deze niet in Nederland zijn. Er zijn mensen die zeggen, dat ze verloren zijn gegaan en anderen zeggen, dat deze nog steeds op Canarias zijn. Maar, waar? Wat is het “gevaar”, om niet bekend te maken waar deze archieven zijn?

Van der Does heeft ook de luidklokken van de Kathedraal meegnomen en deze omgesmolten, om er kanonnen van te laten vervaardigen. Bovendien liet hij een protestants Te Deum opdragen in de Kathedraal van Las Palmas!

Dit was dus, Pieter van der Does, een doorgewinterde zeeman die mislukte op Gran Canaria.”
J.R.R.
kleurlogoCanarias.png


‘Hollandse propaganda maakte
van der Does tot winnaar’

GRAN CANARIA - maandag 29 juni 2009 - De Nederlandse geschiedkundige Willem Hovestreydt is op Gran Canaria, om er te spreken over vice-admiraal Pieter van der Does, die de Hollandse Vloot leidde en probeerde de Slag bij El Batán (in Santa Brígida) te winnen, die 410 jaar geleden, op 3 juli 1599, eindigde. Journaliste Elena G. Montero had op Gran Canaria een interview met wetenschapper Willem Hovestreydt, dat op zaterdag 4 juli 2009 is gepubliceerd in het regionale dagblad ‘La Provincia’. ‘Gran Canaria Actueel’ heeft voor u de vragen van Elena en de antwoorden van Willem voor u vertaald:

“Hoe bent u zich gaan interesseren voor het personage?”
- “Alles begon twee jaar geleden, toen ik interesse kreeg voor alle documenten die handelen over Pieter van der Does, over zijn kasteel en zijn loopbaan. Begin 2009 wenste de gemeente Santa Brígida een vriendschapsband aan te gaan met Leiderdorp, de plaats waar het kasteel van Van der Does stond en waar ik woon. Wethouder Amalia Bosch Benitez nodigde me uit, om over hem te komen spreken op de verjaardag van de Slag bij El Batán. En, dit lijkt me een goed moment, om te proberen de interesse van de mensen in Nederland te wekken in de Van der Does-herdenking, speciaal in Leiderdorp en zoals men hem hier op de Canarische Eilanden kent.

Overzicht_voorgevel_met_in_het_fronton_het_wapen_van_Rijnland_daaronder_een_reeks_wapens_van_de_dijkgraaf_en_de_hoogheemraden_-_Halfweg_-_20366123_-_RCE.jpg 

                                 In  het fronton, het wapen van Rijnland.
“Hoe was Admiraal van der Does voor de invasie op het Eiland?”
- “Hij was niet alleen een piraat zoals men hem in de volksmond noemt. Van der Does was een belangrijke persoon in zijn tijd, die voortdurend contact had met personen die aan de macht waren, hoewel hij tegenwoordig in Nederland nagenoeg vergeten is. Voor de invasie, die in 1599 aanleiding was tot de expeditie, die als doel had de watermolen in te nemen en die leidde  tot de Slag bij El Batán, was Pieter van der Does luitenant-admiraal in het Hollandse leger en bekleedde hij o.a. openbare functies, hij was dijkgraaf van Rijnland, meester-generaal van de Artillerie en vice-admiraal van de Hollandse Vloot…”

“Waarom besloten de Hollanders het eiland Gran Canaria aan te vallen?”
- “De Lage Landen waren al decennia lang in een voortdurende oorlog met Spanje verwikkeld. In 1599 was hun internationale macht aanzienlijk gegroeid. De expeditie met Van der Does aan de leiding, was de eerste van alle die men uitvoerde, maar de instructies die hij kreeg, waren niet duidelijk, men moest zoveel men kon, schade toebrengen aan de koning van Spanje. Maar men zei er niet bij, hoe men dit zou moeten doen. De Spaanse kusten werden heel goed verdedigd en de Canarische minder, althans, dat dacht men, en om die reden is men het eiland binnengevallen.”

“Wat gebeurde er met de luidklokken van de Santa Ana-Kathedraal die men bij het bezoek aan het Eiland meenam? Luidt er daar nog een van in Nederland?”
- “De Hollanders namen meer dan 100 ‘pipas’ wijn, suiker, het uurwerk en de luidklokken van de Kathedraal, de zware artillerie en enkele archieven met de ‘Geschiedenis van Canarias’ mee, maar dit is nooit méér geweest , dan de hoge kosten die men voor de expeditie van Van der Does heeft uitgegeven.  In 1999 heeft de Nederlandse gemeenschap een luidklok geschonken aan de Kathedraal, die symbool staat, voor wat er 410 jaar geleden gebeurd is. Maar ik weet niet, wat er gebeurde met de originele luidklokken, zeker is, dat ze in geen enkel museum zijn terug te vinden.”

”En wat gebeurde er met de archieven, die verhalen over de geschiedenis van de Canarische Eilanden?”
- “Men weet niet waar deze archieven zouden kunnen zijn, waarover men nooit iets heeft verteld. Men weet niet meer, dan, dat de soldaten die naar het eiland kwamen en het overvielen, deze meegenomen hebben, net zoals zoveel andere zaken.”

“Wat waren de plannen van de soldaten die onder bevel stonden van kapitein Van der Does?”
- “Bij de landing op het eiland eiste de kapitein een aanzienlijke hoeveelheid gouden munten en hij wilde, dat de Staten van Holland en Zeeland zouden overheersen. Men wilde de eilanden een deel van Holland maken, waarbij men moet bedenken, dat ze koloniserende Staten waren en, dat de eilanden niet hun enige doel waren.”

Hoe beleeft men in Nederland de verjaardag van die 3e juli waarop ongeveer 700 Canario’s  4.000 Hollandse soldaten hebben verslagen.”
- “De waarheid is, dat de 3e juli een dag is zoals alle andere, deze is geen reden tot feestvieren. De dag is niet heel erg bekend, als zijnde de dag waarop duizenden Hollandse soldaten een Slag verloren en daarmee de verovering van Gran Canaria.”

“En de Hollanders in dat tijdperk, hoe beleefden zij het moment, waarop ze kennis namen van het gebeurde?”
- “Na de grote mislukking op de Canarische Eilanden, trok de expeditie verder naar het eiland Santo Tomé waar, ten gevolge van tropische ziekten, ongeveer duizend soldaten en de eigen luitenant-generaal Van der Does in datzelfde jaar, 1599, het leven lieten. Toen de expeditie naar Holland terugkeerde, was de officiële propaganda van de overheid  aan de burgers, dat deze geheel succesvol was geweest; en in de loop van de eeuwen is dit in de vergetelheid geraakt. Zoals gezegd, is een van de redenen waarom ik hier ben, het redden van de geschiedenis, niet alleen die van Van der Does, maar die van Holland. Opdat het Nederlandse volk deze kent, net zoals de Canario’s die van hen kennen.
kleurlogoCanarias.png


“Verduidelijkingen over Van der Does”

LAS PALMAS DE GRAN CANARIA - zaterdag  18 juli 2009 -  Op vrijdag 17 juli 2009 is in dagblad ‘La Provincia’ het onderstaande artikel verschenen, dat geschreven is door de Canarische geschiedkundige Antonio de Bèthencourt:

“Met dit artikel heb ik niets anders voor, dan het simpele feit, om het dagblad LA PROVINCIA te verzoeken, dat men overgaat tot het vermijden van vergissingen en correcties. Dit, telkens als men opschudding rond de verjaardag van de aanval en de bezetting van Las Palmas door Van der Does, oproept;  waarbij men volhardt, dat de Slag waarin zijn troepen zijn verslagen, in El Batán heeft plaatsgevonden en niet in La Cruz del Inglés.

Cruz del Inglés: waarbij we ons al jarenlang afvragen; waar haalt men dat van El Batán vandaan als strijdplaats? Ter hoogte van El Batán zouden de opperbevelhebbers zich hebben bevonden, maar de Slag zelf heeft men gevoerd bij La Cruz del Inglés.

Waarom dan niet Cruz del Holandés? Simpelweg, omdat op de eilanden allen die van de Noordelijke Oceaan afkomstig waren, werden aangeduid als Engelsen, inclusief zelfs de “betweterige” inquisiteurs van de Heilige Stoel.

Waarbij ik op verduidelijkingen doel, door te proberen enkele van de door Drs. Willem Hovestreydt gedebiteerde teniet te doen, waarvan ik vind, dat deze belangrijk zijn. Op deze eilanden is geen enkele geschiedkundige, die admiraal Van de Does als piraat heeft gekwalificeerd. Een piraat die een oorlogsvloot commandeerde van meerdere eenheden zoals men nog nooit eerder had gezien? Wat betreft de objectiviteit is het, behalve, dat men Philips de tweede wilde afstraffen, meer aannemelijk, dat het de Engelsen vooral te doen was, om het verkrijgen van geld bij hun aanvallen op de steden. Destijds was er op de Canarische Eilanden geen geld, alleen Indiaans zilver.

“Waarom zilver…? Van der Does probeerde aan land te gaan in La Coruña, in Cádiz en op La Palma. Na de mislukking, van het niet aantreffen van het zo gewaardeerde witte metaal, dirigeerde hij zijn vloot richting Amerika. Daartoe verdeelde hij deze in een deel naar de Antillen en een ander deel naar Patagonié. Dit, met het doel het gewaardeerde metaal bijeen te brengen met man tegen man gevechten in steden die gemakkelijk waren aan te vallen. De mislukking was een geweldige afgang.

Ik denk, dat de terugkeer van het restant van de Hollandse vloot, niet gevierd is met uitbundig gejuich, want in de loop der eeuwen hebben de geschiedkundigen deze vergeten.

De reden: Bij het waarderen van het verkregen resultaat bij de inname van Las Palmas, dat de aanvallers vanzelfsprekend eisten van de operatie, kwamen zijn investeerders erachter, dat driekwart van de totale opbrengst Hollandse en sommige Venetiaanse en Genovese verliezen waren.


Satelliet-opname: Straat (van) Magellaan (¹).

Voor Van der Does bestond de operatie, net als voor alle anderen die in die eeuw de eilanden aanvielen, uit hetzelfde: zilver zoeken op weg naar Amerika via de Straat (van) Maghellaan(¹) om zodoende in de Chinese zee de Kruideneilanden te bereiken em naar hun land terug te keren via de Kaap. Dit was handel, die voor 90% de investering van zee-expeditie kon terugverdienen.

“Wat eiste Van der Does hier? De exacte hoeveelheid zilver die de Koning verkreeg via zijn  heffingen op de stad (A. Macias). Goede informatie! Of niet dus? Negatief, omdat men, ondanks de inname, men er niet in slaagde in de poging, om in Santa Cruz de La Palma aan land te gaan.

Voor wat betreft de archieven die men bij de inname, samen met de luidklokken, meenam die, zo men wil, nergens tevoorschijn komen en waarvan men er enkele bewaart in de Kathedraal,  evenals bij het Gerechtshof en de Gemeente – hoewel die erg van rol veranderd zijn tijdens onze Burgeroorloog -  is geen bewijs, want ze verbrandden in 1842. Ik vraag me af, “waarom men de papieren niet, net zoals het zilver en andere waardevolle voorwerpen in de dagen voor de inval van de Stad naar boven heeft gebracht? Dat het zilver in het gebied Santa Brígida-San Mateo was, daarover bestaat geen enkele twijfel. Want deze goed geïnformeerde admiraal verliest niet de slag bij La Cruz del Inglés, als dit niet was, om zijn precieze doel, het zilver te pakken te krijgen.

Ten slotte, wil ik wethouder Amalia Bosch aanraden, dat zij aan haar gast het boek van Remeu, dat hij in 1999 publiceerde over de aanval van de admiraal, overhandigt. En, dat men hem (Willem Hovestreydt, Red.) interesseert voor sommige artikelen die zijn gepubliceerd in de Anuario de Estudios Atlánticos door Bernal, Everaert, enz.

Om te eindigen, een laatste afvragen: Van waar komt het, dat het Regimiento de Infantería de Canarias 49, waarin ik heb gediend, erfgenaam was van de eenheden die in de 16de Eeuw eenvoudige provinciale milities waren? Twee systemen van eenheden die zo helder zijn als het water wat we drinken.”

(¹) De juiste spellingswijze van de naam van de zeestraat ligt niet vast. Straat (van) Magellaan wordt het meest gebruikt. Daarnaast zijn echter ook de namen Magalhãesstraat, Magallanesstraat, Straat Magallanes, Straat (van) Magalhães en variaties hierop in gebruik (Red.).


Antonio Bethencourt Massieu

Antonio Bethencourt Massieu: is auteur van talloze werken die gepubliceerd zijn in boekvorm, artikelen en wetenschappelijke lezingen, waaronder zeker genoemd moet worden  Canarias y Inglaterra: el comercio de vinos (1650-1800) - De Canarische Eilanden en Engeland: de wijnhandel (1650-1800) -, dat een momenteel nog steeds een werk is, dat refereert aan een zo belangrijk aspect van de Eilanden voor wat betreft hun relaties in de loop van de Geschiedenis. De onvermoeibare tachtiger zet ook nu nog zijn onderzoekswerk voort, vooral op het terrein van de Moderne Geschiedenis van de Canarische Eilanden, waarin hij een gerenommeerde deskundige is. Bij zijn puur wetenschappelijke onderzoekswerk moet men zijn professionele eigenschappen optellen: zoals die van: hoogleraar Moderne Geschiedenis, Rector van de Univeriteit van La  Laguna van 1976 tot 1989,  Rector van de UNED en het bekleden van andere functies bij diverse instanties, seminars enz
kleurlogoCanarias.png


De aanval van Van der Does,
in een nieuw boek

La Cruz del Inglés’, van Luis Junco,  gepresenteerd in Fundación MAPFRE Guanarteme

LAS PALMAS DE GRAN CANARIA - woensdag  27 februari 2008 - In het boek wordt op een literaire manier de historische gebeurtenis naverteld die in 1599 is voorgevallen op Gran Canaria, toen de Staten Generaal van Holland aanvielen en er een invasie plaatsvond op de kusten van het eiland. Dit werk behoort tot de collectie ‘Episodios Insulares’, een ambitieus onderwijskundig project van Cam-PDS Editores, het is een uitgave die bestemd is voor leesonderricht aan volwassenen en kinderen.
episodios-insulares_large.jpg
                   Een gedeelte van het boekomslag ‘La Cruz del Inglés’, van Luis Junco.
In de eerste zeven nummers, behandelt men van elk eiland een historisch feit, welke in verschillende eeuwen zijn voorgevallen.


Pieter van der Does (Leiden, 1562 – Sao Tomé, 24 oktober 1599) was een Nederlandse vlootvoogd. Hij was de zoon van Jacob van der Does, schepen van Leiden ten tijde van het Leidens ontzet. In 1586 kwam hij als super-intendant bij de vloot te werken waarbij hij de ondergang van de Armada in 1588 meemaakte.
In 1587 werd hij ook baljuw en dijkgraaf van Rijnland, een jaar later (eveneens) hoofdschout van Leiden. In 1588 kreeg hij de functie van luitenant-admiraal van het gewest Holland. Enige tijd daarna werd hij (ook) meester-generaal van de artillerie.In mei 1599 vertrok onder zijn leiding een vloot van Hollandse en Zeeuwse schepen richting de Spaanse-Portugese kust met de bedoeling deze aan een blokkade te onderwerpen daar men toentertijd met deze landen in een langdurige oorlog was verwikkeld (de Tachtigjarige Oorlog).Vanwege de zware verdediging lukte het Van der Does en zijn manschappen niet om dit voor elkaar te krijgen waarop zij doorvoeren naar Las Palmas op de Canarische Eilanden. Na deze te hebben veroverd reisde hij met een deel van de vloot door naar het aan de Afrikaanse Westkust gelegen Sao Tomé, toentertijd evenals de Canarische Eilanden Spaans bezit. Daar vond Pieter van der Does zijn einde vanwege verwondingen die hij bij de inname van Las Palmas had opgelopen.11 juni 1599

De eind mei 1599 vanaf de rede van Vlissingen vertrokken vloot bestaande uit 73 Hollandse en Zeeuwse oorlogs- en transportschepen onder de vice-admiraal jhr. Pieter van der Does bereikt de Spaanse noordkust. Het doel van deze expeditie is om de Spanjaarden in eigen wateren schade toe te brengen. De vloot gaat hierna tot beschieting van La Coruña over. Hierna wordt door van der Does, volgens ondertussen verkregen instructies, koers gezet naar de Canarische eilanden en West-Afrika.
Bron: M.A. van Alphen: ‘Kroniek der Zeemacht’ (2003)13 juli  1599
De eind mei 1599 vanaf de rede van Vlissingen vertrokken vloot, bestaande uit 73 Hollandse en Zeeuwse oorlogs- en transportschepen onder vice-admiraal jhr. Pieter van der Does bereikt na de verovering op 28 juni van Las Palmas (Canarische eilanden) het eiland Gomera. Ook dit eiland wordt door de Nederlandse armada aangevallen en vervolgens geplunderd. Hierna keert de helft van de scheepsmacht terug naar de Republiek. De andere helft vervolgt onder van der Does de expeditie naar het voor de Westkust van Afrika gelegen eiland Sao Tome.
Bron: M.A. van Alphen: ‘Kroniek der Zeemacht’ (2003)Adel
Vanwege zijn verdiensten kreeg hij van de Staten van Holland de heerlijkheden Vriesekoop en Rijnsaterwoude.Literatuur:
Ebben, M.A., De aanval van Pieter van der Does op Las Palmas de Gran Canaria (1599) en de Nederlandse expansie rond 1600, 1999
Lem, A. van der, Ebben, M.A., Fagel, R.P. & Sicking, L.H.J. (Ed.), De Opstand in de Nederlanden, 1555-1609

http://www.cam-pds.com
C/ Castillo, 6
Edificio Cultural Ponce de León
35001 Las Palmas de Gran Canaria
Tfno.: 928 310 333Fax   : 928 319 458Pieter van der Does
kleurlogoCanarias.png
 


Pieter van der Does
De aanval op Las Palmas

Pieter van der Does (Leiderdorp 1562 - Sao Tomé, 24 oktober 1599) is een Nederlands vlootvoogd. Hij is de zoon van Jacob van der Does, schepen van Leiden ten tijde van het Leidens Ontzet. Pieter stamt af van het adellijk geslacht van der Does. Hij is getrouwd met Filipote van Duivenvoorde. Uit het huwelijk is erfdochter Hendrika van der Does (1589-1653) geboren die in 1600 met Adriaan van Mathenesse (1563-1621) is gehuwd.

Levensloop
In 1586 komt Pieter van der Does als superintendant bij de vloot te werken waarbij hij de ondergang van de Spaanse Armada in 1588 meemaakt; in  dit jaar  raakt hij gewond tijdens het beleg van Geertruidenberg. In 1587 wordt hij ook baljuw en dijkgraaf van Rijnland, in 1588  (eveneens) hoofdschout van Leiden. Op 23 december 1588 krijgt hij de functie van viceadmiraal van het gewest Holland. Enige tijd daarna wordt hij (ook) meester-generaal der artillerie. In 1594 raakt hij gewond tijdens het beleg van Groningen.

In 1597 wordt hij, als eerste die deze functie ooit uitoefende, viceadmiraal van de Admiraliteit van de Maze en in 1599 viceadmiraal van de Admiraliteit van Amsterdam. In mei 1599 vertrekt onder zijn leiding een vloot van Hollandse en Zeeuwse schepen richting de Spaanse-Portugese kust met de bedoeling deze aan een blokkade te onderwerpen daar men dan met deze landen in een langdurige oorlog is verwikkeld (de Tachtigjarige Oorlog: 1568 -1648).
Ataque_van_der_does_las_palmas-2.jpgVanwege de zware verdediging lukt het Van der Does en zijn manschappen niet om dit voor elkaar te krijgen, waarop zij zijn doorgevaren naar Las Palmas de Gran Canaria. In de zomer van 1599 naeemt hij de stad in maar kan die maar enkele dagen vasthouden.
FOTOWapenSantaBrgida-2-2.jpg

                        POR ESPAÑA Y POR LA FE VENCIMOS AL HOLANDÉS,
                                   het stadswapen van La Villa de Santa Brígida
                                 VOOR SPANJE  EN VOOR HET GELOOF
                         HEBBEN WE  
DE HOLLANDER OVERWONNEN.

De verovering van Gran Canaria mislukt en na zware verliezen reist hij met een deel van de vloot door naar het aan de Afrikaanse Westkust gelegen Sao Tomé, dan evenals de Canarische Eilanden Spaans bezit. Daar vindt Pieter van der Does zijn einde vanwege verwondingen die hij bij de inname van Las Palmas heeft opgelopen; sommige bronnen melden echter dat hij is gestorven aan malaria.

Netherlands_Leiderdorp_Huis_ter_Does_1.jpgBezittingen
Vanwege zijn verdiensten krijgt hij van de Staten van Holland de heerlijkheden Vriezekoop en Rijnsaterwoude. Rond 1591 koopt hij Huis ter Does dat tot een eeuw daarvoor in bezit van de familie Van der Does is geweest. Hij en zijn vrouw laten het in 1598 her- of verbouwen.
zzzzzzzislas-canariaslogo-486.jpg


van der Does

Op 1 juli 1599 wordt in Haarlem ten huize van waarnemend dijkgraaf Arent van Duvenvoirde een rechtdag gehouden. In het verslag daarvan wordt in de marge aangetekend: "Den dijcgrave Van der Does is in zee". Die is op dat moment echter niet op zee, maar aan land, op het bij veeL Nederlanders bekende, zonovergoten Spaanse eiland Gran Canaria, waar zich het volgende afspeelde.

De vloot van Pieter van der Does had op 26 juni 1599 het anker laten vallen voor Gran Canaria.Ter hoogte van de hoofdstad Las Palmas om precies te zijn. Pieter viel daar een warm onthaal ten deel; dat wil zeggen, zijn schepen werden onmiddellijk beschoten en zijn eigen schip raakte zelfs in brand. Maar daardoor liet hij zich niet tegenhouden. Met sloepen roeide hij met zijn mannen naarde wal waar ze direct in gevecht raakten met de Spanjaarden. Daar het ging bijna fout met Pieter toen hij uit zijn sloep het water werd ingetrokken. Maar door de bescherming van zijn stalen wapenuitrusting en de hulp van enkele van zijn metgezellen liep het goed af. Eenmaal vaste voet aan wal gekregen, trokken de manschappen van Van der Does op naar het aan de noordkant van Las Palmas gelegen fort Castillo de la Luz dat zonder al te veel moeite werd ingenomen.
painting-depicting-the-dutch-led-by-pieter-van-der-does-a-dutch-admiral-G2N8A4.jpg

Las Palmas wordt ingenomen
Van daaruit trok het leger van Van der Does op naar Las Palmas dat op 28 juni werd ingenomen nadat de inwoners van de stad hun verzet hadden opgegeven. Zij konden ook niet anders want hun munitie was op, en met het laatste kanonschot schoten zij de sleutels van de stad richting van Van der Does als teken van overgave. De stedelingen waren zowijs geweest zich tijdig uit de voeten te maken en met vrouwen, kinderen en kostbaarheden de bergen in te vluchten, zo dat er niet veel te plunderen viel voor de Hollanders. Met een vertegenwoordiging van de Spanjaarden werd daarop onderhandeld over de stad. De eisen van Van der Does waren onderwerping van de stad aan de Staten van Holland en Zeeland en een grote som geld. De eiland bewoners konden en wilden niet op die eisen ingaan. Niettemin liet admiraal Van der Does twee dagen later in de kathedraal vanLas Palmas, de Santa Ana, vanwege het behaalde succes een eredienst houden, "met groote devotie Godt danckende voor de groote victorye". Maar dat zou iets te voorbarig blijken...

Een mislukte aanval
Aangemoedigd doorhet behaalde succes besloot Pieter een poging te wagen om het eiland te veroveren. Daartoe werd een afdeling van 2000 soldaten de bergen in gestuurd, in de richting van het plaatsje Santa Brigida, ten zuidwesten van Las Palmas. En daar ging het snel mis. De Hollanders waren gewend te vechten in de moerassige lage landen bij de zee, maar de bergen kenden zij niet. Daar waren de eilandbewoners heer en meester, en even voor Santa Brigida, op de berg Monte Lentiscal, werden de soldaten van Van der Does al in een hinderlaag gelokt. Er zat niets anders op dan op te geven en hals overkop en met grote verliezen keerden zij terug naar Las Palmas.

Pieter verlaat Gran Canaria
Alles bij elkaar waren de verliezen aan manschappen groot en de buit klein, waarop Pieter van der Does besloot het eiland te verlaten. Maar niet nadat hij Las Palmas in brand had gestoken om de Spanjaarden nog zoveel mogelijk schade toe te brengen. Wat er mee te nemen viel, al het geschut, alle klokken, en wat verder van waarde was, was daarvoor al ingescheept. De vloot voer vervolgens naar de zuidkant van Gran Canaria, naar het bij velen van ons bekende Playa des Ingles, waar vers water werd ingeslagen en enkele doden werden begraven.

De tocht gaat verder
Vandaar ging het verder naar Gomera. Ook dat werd aangevallen, en er volgde een herhaling van de gebeurtenissen op Gran Canaria. Na ruim een week besloot Pieter van der Does te vertrekken en de vloot te splitsen. Een deel begon aan de terugreis naar Holland, een ander deel, met Van der Does, ging verder zuidwaarts, op weg naar Santo Thomé. Begin oktober naderde de vloot de evenaar. Een schepeling die de expeditie overleefde, en van wie de belevenissen later in druk verschenen, vertelt van een bijzondere ontmoeting met de plaatselijke bevolking in de nabijheid van de kaap Lopes Gonsalves, waar kennelijk aan land werd gegaan om verversingen in te slaan. De Hollanders maakten er kennis met een plaatselijke koning die "twee van zijn wijven achter zich heeft, die een heel swart, de ander heel roodt geschildert van verf, ende waeren naeckt, alleenlijk dat zij wat doecks hadden voor haer schamelheyt". De aanwezige priester wordt door de schepeling omschreven als een waarzegger, die met de duivel omging, "want zij weten daervan Godt niet". De inlandse vrouwen waren wel nieuwsgierig naar die vreemdelingen en meer dan dat, maar zoals onze getuige het zegt, "alsoo hij niet lustigh en was, is hij 't ontsprongen".

Pieter wordt geveld
Op 19 oktober kwam de scheepsmacht voor Santo Thomé, een Portugees slaveneiland, gelegen op de evenaar in de Bocht van Guinee, dat meteen werd aangevallen. De stad Pavoasan werd bezet en er werd krijgsbuit binnengehaald, waaronder kisten met suiker en olifantstanden. Op deze succesvolle invasie van dit eiland volgde een drama dat uiteindelijk aan enkele duizenden bemanningsleden en soldaten het leven kostte. Er heerste op Santo Thomé een zeer besmettelijke en dodelijke ziekte waardoor de mannen stierven als ratten. Op 24 oktober viel ook Pieter van der Does ten prooi aan deze ziekte en stierf, pas 35 jaar oud, binnen enkele uren. Om zijn lijk niet in handen te laten vallen van de vijand werd het eerst aan boord gebracht, en 's nachts, zoals eerder beschreven, aan land gebracht en begraven in een huis dat vervolgens in brand werd gestoken. Er is een auteur die de vatbaarheid voor die besmettelijke ziekte omschrijft als “veroorzaakt door onmaatige hitte der lughtstreeke, door het overvloedig gebruik van ongewoone vrugten, en, waarschijnlijk ook door het vuurig boeten van geile lusten, daar de natuur van ’t gewest en de gewoonte der Eilanderen de vreemdelingen toe aandrijft”. Wat daar ook van waar moge zijn, de overgebleven manschappen besloten dat het de hoogste tijd was om terug te keren naar Holland. Ook tijdens de thuisreis stierven er nog velen aan die onbekende ziekte, en de vloot, of de schamele restanten ervan, kwam in maart 1600 in Holland aan.

Betekenis van Van der Does
In 1588, toen de jonge Pieter van der Does werd benoemd als dijkgraaf, stond het er slecht voor met Holland. Maar juist in de tien daarop volgende jaren keerde het tij ten goede, mede door de vele veroveringen van prins Maurits. En onze dijkgraaf Vander Does was daarbij, in zijn rol van admiraal en generaal. De tocht naar de Canarische eilanden en naar SantoThomé moet eigenlijk beschouwd worden als mislukt. Dat is de tragiek van Pieter. Niet met buit beladen teruggekeerd naar Holland en als een held ontvangen, maareen roemloos einde in een ver land viel hem ten deel. Uit de bewaard gebleven stukken in Rijnlands archief blijkt dat hij zijn functie als dijkgraaf, als hij aanwezig was, volledig en plichtsgetrouw vervulde. Pieters weduwe kreeg van dijkgraaf en hoogheemraden toestemmingom in het Gemeenlandshuis aan de Breestraat te blijven wonen. Zij bleef er tot 1610 als huismeesteresse om toezicht te houden op het huishoudelijk personeel.


Herdenking op Gran Canaria: Pieter niet vergeten
Pieter van der Does is in Nederland vrijwel vergeten, maar niet op Gran Canaria. Daar is in 1999 uitvoerig zijn mislukte invasie van het eiland vierhonderdjaar eerder herdacht met de uitgifte van een speciale postzegel, met officiële plechtigheden, met symposia, boeken en vele krantenartikelen. De Nederlandse Vereniging Canarias (NVC) schonk, als dank voor de gastvijheid van de Canario’s aan het toerisme, aan de Kathedraal van  Santa Ana een 90 cm hoge en 900 kilo zware bronzen luidklok ter vervanging van de klokken die Van der Does uit de kathedraal meenam.
Voor de liefhebbers: in de Dorpskerk te Leiderdorp bevindt zich een mooi grafmonument van de familie Van der Does waarop ook Pieter is vermeld.

kaart_canaria-5-16.jpg

aaaaLOGOMETBANNERGranCanariaActueel-2--209.jpg


 

yyy1208786641_smileyhuilend-34.jpg zon-176.jpg