site teller
site teller
site teller
gran-canaria-actueel.jouwweb.nl
'GRAN CANARIA ACTUEEL'... » GESCHIEDENIS » TWEEDE WERELDOORLOG

aaaaLOGOMETBANNERGranCanariaActueel-241.jpg

mapa-canarias2-36.jpg


Berging van de Duitse onderzeeboot U167

MOGÁN - donderdag 27 juli 2017 -  De  berging van de Duitse onderzeeboot U167 voor de kust van Arguineguín:
hqdefault-64.jpg

VIDEO:
https://youtu.be/JkgHvPGLSkk

0000AAAAIslas-canariaslogo-85.jpg


De geheimzinnige rol van de  ‘Isla de Tenerife’,
het schip dat ervan wordt beschuldigd
dekking te hebben gegeven  aan
de Nazi’s in New York

De Amerikaanse fiscus belastte het Canarische schip
na de aanval op Pearl Harbor.
Voorheen zouden joden van diverse nationaliteiten vervoerd zijn  naar de Verenigde Staten, via de driehoek Gran Canaria en Tenerife, waar het schip de thuisbasis had.

NEW YORK - zondag 25 juni 2017 - Het was een week na de aanval van Japan op  Pearl Harbor  toen de Amerikaanse autoriteiten iets bijzonders tegenkwamen in hun koopvaardij (zie: https://nl.wikipedia.org/wiki/Aanval_op_Pearl_Harbor). Een Canarisch schip - onder Spaanse vlag, dat de route voer tussen Equatoriaal Guinea, Canarias en sommige gebieden van het Península (Schiereiland = het vasteland van Spanje), met koopvaardijvervoer zoals hout en cacao - dat  zich bevond in hun territoriale wateren.

De binnenkomst in de Verenigde Staten in de Twee Wereldoorlog versterkte de maritieme controles. Het ging om het schip 'Isla de Tenerife'. Het werd aangehouden door technici van de Amerikaanse douane met agenten van de FBI. Ze bestormden het schip. Ze troffen aan: radiozenders, gepantserde kabels, 200 olievaten, en  iets wat de inspecteurs verbijsterde: zijnde, klaarblijkelijk had het eerder tarwe naar Spanje vervoerd.
buque-isla-tenerife-kxeH--620x349abcGROOT.jpg
De 'Isla de Tenerife'  voer tussen Canarias en Nueva York vanwege de neutraliteit van Spanje in de Tweede Wereldoorlog.
Welke verklaring gaf de bemanning aan de douaniers van de Verenigde Staten? Wat waren de ’voorraden’ van het schip, dat als eindbestemming, zoals men te kennen gaf, Barcelona had, hoewel eerst een tussenstop gemaakt zou worden op de eilanden.
Een tussenstop maken op de Canarias was wat de Amerikaanse douane tegenstond  Men vroeg zich af, of er op Canarias geen olie was. En men veronderstelde dat deze olie voor Duitse onderzeeboten zou zijn.

Een heel misleide FBI
De afhandelaars van het schip in New York werden aangehouden. Het ging om Marcelino García Rubiera en Manuel Díaz Riestra, vooraanstaande Spaanse ondernemers in Manhattan. Men beschuldigde hen van goederenhandel met de Nazi’s onder de Spaanse neutraliteit.

Het aan de kabel leggen van bet schip door het Fiscale Departement geschiedde een week na de aanval op Pearl Harbor, dat wil zeggen, in december 1941. Wat zou de ‘Isla de Tenerife’ voordien hebben gedaan? Niets minder dan de speciale route Barcelona-La Havanna-New York met honderden Europese joden van  diverse nationaliteiten die vluchtten voor de Nazi’s.

Maar er is meer: Ook in november 1941, toen men terugkeerde van New York naar het Península, ving men na het passeren van Canarias een noodoproep op van het Spaanse stoomschip ‘Navemar’, dat ook uit New York kwam. Dat was op 300 mijl van Cádiz toen het getorpedeerd werd door de Italiaanse onderzeeër ‘Barbarigi’ en zonk, Dat wil zeggen op de route New York-Canarias-Peninsula (Schiereiland  = het vasteland van Spanje).

Erre que erre (het gaat maar door)
In december echter, met de aanhouding in New York, gaven de Amerikaans autoriteiten aan dat het Canarische schip deel uitmaakte, “van een steunnetwerk voor de As-mogendheden vanuit hun toppositie in New York.” Ze werden beschuldigd van het overtreden van de Wet op de Controle van de Amerikaanse Export van 1940.”

Voor Brooke Blower, vrouwelijke professor van Berkeley en Princeton, was de stelling die functionarissen hanteerden, het bevoorraden van het Duitse leger midden in de Atlantische Oceaan. Maar de Amerikanen hadden geen bewijs van wat voor delict dan ook. De Staatsecretaris, Adolf Berle, bevestigde maanden later dat het onderzoek van de FBI op de ‘Isla de Tenerife’, op het punt stond, “afgesloten te worden.”

García en Díaz werden nooit vervolgd. Maar ze werden beschuldigd van alles, hoewel ze financiële schade leden als gevolg van de in 1941 georganiseerde  jacht door de FBI.
Blower herinnert eraan, dat ze werden onderzocht wegens vermeend verkeer tussen de Canarische Eilanden en Amerika voor dieselolie voor Duitse onderzeeërs. Omdat Spanje neutraal was in de Tweede Wereldoorlog, maakte de Spaanse koopvaardij  hun routes met het risico van zinken tussen Amerika en de Canarische Eilanden, verplichte havens die aanwezig waren voor de militaire veiligheid

Volgens de officiële verslagen van de tijd die hoogleraar Blower heeft geanalyseerd, trok  de Amerikaanse export naar Zwitserland via de Canarische Eilanden de aandacht van de FBI,  die schepen werden beheerd door Garcia en Diaz, waarbij de vracht op kleinere schepen werd overgebracht die, vervolgens, richting Genua voeren

De Spaanse ambassadeur in de Verenigde Staten, Juan Francisco de Cárdenas, gaf de Amerikaanse autoriteiten te kennen, dat als ze de operaties in New York zouden blokkeren, “Spanje naar de meer dichtbij gelegen markten zou moeten gaan.” De Britse Ambassadeur in Madrid in 1941, Samuel Hoare, gaf met de informatie die FBI verstrekte  aan Londen door, “dat hij popelde om de zaak met de Scheepsafhandelaars García en Díaz in de Verenigde Staten op te lossen,”

Na hun  arrestatie, aldus Brooke Blower, werd de kapitein van het schip ‘Isla de Tenerife’, José Albertí Palmer, de informant van  de Geallieerden, die een akkoord zocht voor de vermeende schendingen van brandstofleverantie aan de Duitse onderzeeërs en clandestiene mededelingen in de Atlantische Oceaan.

Hulp op zee
Het gaat om een tijd waarin  87 Spaanse schepen op de Atlantische Oceaan humanitaire missies uitvoerden ten gunste van de Geallieerden  zoals het redden van geïsoleerde bemannningen en het in veiligheid brengen van duizenden vluchtelingen uit Europa.

Het is waarschijnlijk dat vanwege de hulp aan de joden die uit Europa vluchtten en om de samenwerking met de Geallieerden, tegen de criteria van de FBI in,  dat het Openbaar Ministerie van de Verenigde Staten nooit officieel tegen de ondernemers García en Díaz is opgetreden, met een paspoort van een neutraal land in de Tweede Wereldoorlog en woonachtig op Amerikaans grondgebied.
isla-tenerife-buque-kxeH--450x253abc.jpg                              
Het schip  'Isla de Tenerife' is in 1964 ontmanteld in Bilbao.
De 'Isla de Tenerife' had een zusterschip genaamd’ ‘Isla de Gran Canaria', dat eindigde in de wateren van Rusland voor de Spaanse Burgeroorlog. Verrast door de Burgeroorlog op de route Las Palmas-Barcelona. Na 1939 voer het de route tussen Barcelona en Bilbao met Equatoriaal-Guinea, maar met tussenstops op de Canarische Eilanden.

Het was een schip van 5.334 bruto registerton, met een totale lengte van 113,30 meter, 109 meter loodrecht, 14,60 meter breed,  10,36 meter spoorelement en 7,65 meter maximale diepgang.  
Het werd aangedreven door een alternatieve drievoudige-motor van 12 knopen vaarsnelheid bij  65 omwentelingen.
ZZZZZZIslas-canariaslogo-kopie-81.jpg


De geallieerden dachten dat Hitler op Canarias
een staatsgreep wilde plegen 
tegen Franco 

CANARISCHE EILANDEN - zaterdag 17 juni 2017 - Volgens de Britten voerde Hitler met hoog gespecialiseerd personeel een stille invasie uit op de eilanden. De Britten dachten dat Duitsland kon rekenen op ‘steun van binnenuit’ van de Canarische samenleving en van naar de Archipel gestuurde Duitsers.

De Britse Regering waarschuwde de Geallieerden  dat het noodzakelijk was veel na te denken over elke interventie op de Canarische Eilanden in het geval dat Spanje Gibraltar zou innemen tijdens de Tweede Wereldoorlog, inzake een kwestie: men was van mening, dat Hitler erover dacht om van Canarias een Duits protectoraat te maken, Dat wil zeggen, dat hij een staatsgreep op de Eilanden zou gaan plegen welke mogelijk was door de Franquistische autoriteiten op de eilanden.
hitler-franco-canarias-kK4H--620x349abc.jpg                                   
Rapportage, in december 1940 gestuurd naar
                 het Inlichtingencomité van het Oorlogskabinet van het Verenigd Koninkrijk.
Een rapport van december 1940 van het Ondercomité van de Britse Inlichtingendienst, attendeerde erop dat het samenwerkingsproces tussen Franco en Hitler enkele ontsnappingswegen had. Een daarvan is, dat zich op Canarias met Duits  geld en menskracht een opstand zou kunnen  voordoen tegen Franco zonder oppositie van Madrid. Zo zou Franco de neutraliteit van Spanje handhaven en trad Hitler toe tot de controle op het logistieke platform dat de eilanden zijn in de Atlantische Oceaan.

’Geheimhouding’
Volgens een geheim rapport -  dat op  dinsdag 13 juni 2017 is vrijgegeven door het Ministerie van de Britse Luchtmacht, en ondertekend door de agenten Cavendish, Stephens, Boyle en Hatton,  gestuurd aan een brigadier met de naam Menzies, met de vermelding van ‘geheimhouding’- ontbrak het Hitler niet aan redenen om manschappen naar Canarias te sturen.

En het is dat de militaire technologie op Canarias Duits was en dat er op de eilanden minimaal 2.000 manschappen waren die wachtten op de instructies onder de Duitse bevolking die hoog geclassificeerd was in die tijd.

Een groot deel van deze 2.000 Duitsers, zo staat in het Britse rapport, kwam in 1940 incognito naar de eilanden.
15785477--644x362.jpg   
                                             Adolf Hitler.

290px-Morocco_Protectoratesvg.png
Stille invasie op Canarias
Als voorbeeld merkt het rapport op dat er op Canarias 50 Duitse vliegtuigen waren op de Basis Gando, en op Kaap Juby (Sahara) 30 eenheden bestaande uit bommenwerpers en jachtvliegtuigen. De Spaanse Burgeroorlog eindigde in 1939. Dat kon het gevolg zijn van afpersing door Hitler aan Franco door de ellende waar Spanje mee te maken had  in die tijd, en door bepaalde steun die Franco ontving  van het Nazi-regime.

De tekst van de Geallieerden is opgesteld om de veerkracht van Spanje te analyseren bij een Britse aanval op Canarias. Maar de Britse Inlichtingendienst weigerde deze theorie in 1940 omdat ze op de eilanden een andere serie van complexiteit waarnamen.

Een daarvan is, hoe Hitler er in oktober 1940 in Hendaya niet in slaagde de formele steuntoezegging van Franco te verkrijgen voor de mogelijkheid die het Nazi-regime erop nahield, de Canarische Eilanden in te nemen. In ruil voor het niet volgen, stelde hij de mogelijkheid voor een eiland te bezetten. Welk? Dat zegt men niet in het rapport.

hitler-franco-islascanarias-kK4H--450x253abc.jpg
                           Het rapport dat men Churchill toestuurde.
In het officiële document maakt men een evaluatie van de technische steun die het Verenigd Koninkrijk zou hebben in het geval van een aanval op de eilanden. Steeds had men de navolgende stelling gehoord: als Franco Gibraltar binnen zou vallen, zou het Verenigd Koninkrijk Canarias aanvallen, (wat in relatie staat tot de Blitz Krieg- plannen met de codenaam  ‘Löwe’, later op  instigatie van Hitler: ‘Seelöwe’ genoemd; voor het binnenvallen in en bezetten van Groot Brittannië: Nazi-plannen, die overigens nooit werkelijkheid zijn geworden.                 

cia-hitler-canarias--620x349-1.jpg
                              
Franco en Hitler in Hendaya (Spanje ), 23 oktober 1940.

De nieuwigheid van dit rapport is, dat het Verenigd Koninkrijk een stap terugzette in deze theorie, omdat, als product van de botsing tussen Franco en Hitler in  Hendaya, er een andere mogelijkheid was: dat Hitler een staatsgreep zou stimuleren van binnenuit  de Canarische samenleving gesteund door Duitse agenten die in 1940 naar de eilanden waren gekomen. Dat wil zeggen: Hitler - aldus de Britten - zou een stille invasie plegen op Canarias met gespecialiseerd personeel.

Opgemerkt moet worden dat het dossier benadrukt dat Canarias  een deel van de agenda van de geallieerden in West-Afrika vormt. Niet te vergeten is, dat het Duitse regime op dat moment de haven van Dakar (Senegal) in het Frans-Afrika controleerde en dat het derhalve gemakkelijk zou zijn over  zee de eilanden te bereiken.

Het Britse document herinnert  eraan,  dat de luchtmacht waarover Franco op Canarias beschikte, Duits was.
Berlijn maakte de landkaart voor de ondergrondse wapenopslag op Gran Canaria, defensieve bunkers aan de kusten, en de komst van scheepsladingen wapens voor de regimenten plus de luchtmachtonderdelen die op de luchtmachtbasis Gando waren .

Het aanbevelingsrapport  voor de Britse strategie op de Canarische Eilanden werd ontwikkeld een paar maanden na de ontmoeting tussen Hitler en Franco in Hendaya, nadat de geallieerden toegang hadden over de inhoud van die bijeenkomst.
ZZZZZZIslas-canariaslogo-kopie-43.jpg


Nazi-bijzonderheden op Canarias

De geallieerden bewaakten Fuerteventura vanuit de lucht met verkenningsvliegtuigen welke alle buitengewone activiteit rond Villa Winter waarnamen en fotografeerden,
zoals het neerstorten van een Engels vliegtuig bewijst

FUERTEVENTURA - vrijdag 9 juni 2017 - Naar aanleiding van al eerder -  in  2014 - door de FBI-vrijgeven documentatie is het onderstaande artikel in hetzelfde jaar geschreven door de bekende Grancanarische journalist Jaime Rubio Rosales en gepubliceerd in een van zijn rubrieken: ‘Sancocho de ideas’ (‘Canarische stoofpot van ideeën’), in de Canarische pers.

Onder de opmerkelijke zaken van de in 2014 door de FBI-vrijgegeven documenten, zijn een paar gegevens die verwijzen naar Fuerteventura. Een daarvan, is de mogelijkheid dat Hitler niet is gestorven in de Berlijnse bunker in april 1945, en op Fuerteventura een stop maakte in zijn vlucht naar Argentinië, zoals uitvoerig is besproken in de documentaire serie ‘Chasing Hitler’, van de Amerikaanse televisiezender History Channel.
                                        jaime-rubio-rosales-U10108049103fXE--100x110abc-2.jpg
                         ‘Sancocho de ideas’  - Curiosidades nazis en Canarias,.
                                        geschreven door Jaime Rubio Rosales.
Een ander intrigerend gegeven,  was de angst die de Amerikaanse militairen hadden dat de Duitsers een geheime basis zouden installeren, niet voor onderzeeboten, maar voor de gevreesde raketbommen, V2, op het eiland Fuerteventura, om  de kust van de Verenigde Staten aan te vallen. Het idee lijkt vergezocht te zijn, maar dat is het niet als Werner von Braun de tijd had gehad voor het ontwikkelen van de lange-afstandstechnologie in het bereik van de V2.

In 2014 hebben de Canarische  persmedia de getuigenis ogenomen van  diverse personen die werkten in een van de reusachtige brandstof-opslagruimten welke de Duitsers - in 1944 - begonnen te bouwen onder de Villa Winter, in Cofete, op Fuerteventura.

Zo vraagt meester-metselaar Ramón zich af, waarvoor Gustav Winter onder zijn huis zulke grote opslagplaatsen wilde bouwen, en wel met drie-en-een-halve meter dikke muren.
Ramón biecht dit op  aan zijn vriend, Miguel Rodríguez Ruiz, een Tinerfense scheepsbevrachter  die,  na getrouwd te zijn met een knappe majorera, naar Fuerteventura verhuisde.

Het gegeven is door zijn zoon opgenomen in de biografie die hij voorbereidt over de avonturen van  zijn vader tijdens de Segunda Guerra Mundial (Tweede Wereldoorlog).

Terugkomend op de vreemde brandstof-opslagplaatsen van de Villa Winter, is het Miguel Rodríguez persoonlijk, die aan zijn  zoon bekend,  dat hij getuige is geweest van een geheimzinnig bouwwerk dat men verrichte in het eigendom van de Duitse ingenieur, en dacht, “dat de Nazi’s die voorraadopslag aan het voorbereiden waren voor het installeren van een testlaboratorium voor proefnemingen met een of ander geheim wapen dat hen zou helpen de oorlog te winnen.”
Ook bekende hij, “dat Winter in zijn boot enkele kisten met materiaal had vanuit Duitsland die tonnen wogen. En dat deze kisten, onder andere zaken, vreemde naalden bevatten die hij nog nooit eerder had gezien.”

Anderzijds, bewaakten de  geallieerden Fuerteventura vanuit de lucht met verkenningsvliegtuigen die alle buitengewone activiteit rond Villa Winter waarnamen en fotografeerden, zoals het neerstorten bewijst van een Engels vliegtuig, waarvan Rodríguez de piloot in het ziekenhuis in Antigua moest assisteren als tolk/vertaler, midden in de oorlog.

De piloot gaf hem uiteindelijk een fotorolletje om dat te overhandigen aan de Engelse consul op Gran Canaria.

Mijn vraag: Bevestigen deze verklaringen, dat de Amerikanen verdenkingen hadden dat men op Fuerteventura namens de Duitse Nazi’s aan het bouwen was? Het kan misschien vroeg zijn om te zeggen, en het is een naald in een hooiberg, of liever gezegd, een korrel in een  berg zand, die wel in die richting wijst. Maar dan is inmiddels het bovenstaande artikel gepubliceerd.
ZZZZZZIslas-canariaslogo-kopie-10.jpg


Het hotel op Canarias
dat naar de zin van de Nazi-spionnen was

De FBI beweerde in 1973, dat Martin Bormann -  die partijsecretaris in het Derde Rijk was, dat wil zeggen, de machtigste man na Adolf Hitler - grootgrondbezitter op Fuerteventura was.

FUERTEVENTURA – zaterdag 10 juni 2017 - De ligging van de eilanden als doorgangspunt voor militaire leveranties in de Tweede Wereldoorlog bracht een agenda die beladen is met mythen en legenden naar de Archipel. De CIA heeft in januari 2017 een plaats meer aangegeven in deze relatie van spionage en contraspionage.

Net zoals in Las Palmas de Gran Canaria, met etablissementen zoals  Hotel ‘Metropole’ en Hotel  ‘Santa Catalina’; waren op Tenerife de muren van  Hotel ‘Camacho’ in 1943 getuige van het informatieverkeer tussen de Nazi’s op de eilanden, met Duitsland. In dit hotel opereerde Heinrich Bandholtz. Dit lid van de  politieke Nazi-politie op de eilanden had zijn kantoor in Hotel ‘Camacho’, in Santa Cruz de Tenerife.

                                                       jaime-rubio-rosales-U10108049103fXE--100x110abc.jpg 
                                                         Jaime Rubio Rosales.


alemanes-nazis-canarias-kmoF--620x349abc-2.jpg                            Een van de CIA-documenten over Heinrich Bandholtz .
Jaime Rubio Rosales, als journalist een van de deskundigen die dit verschijnsel op de eilanden en in Noord-Afrika volgt in de afgelopen decennia - en van wie de redactie van ‘Gran Canaria actueel’ diverse boeken heeft vertaald in het Nederlands, bevestigt, “dat de hotels, vooral de stadshotels, een permanente bron van informatie waren voor deze agenten,” omdat, “het jonge toerisme-mobiliteit en discretie mogelijk maakt en maakte.”

Naar zijn oordeel, “vertegenwoordigen de eilanden op een bepaalde manier een belangrijke ruimte in de  overdacht van gegevens in het Global System for Mobile Communications (GSM) (een standaard voor digitale mobiele telefonie - zie: https://nl.wikipedia.org/wiki/Gsm_(communicatie) - en is de aanwezigheid van Heinrich Bandholtz logisch, onder degenen die hier hoe dan ook moesten zijn  beschermd door het goede klimaat en de afstand met Europa.”

Met een in Londen opgesteld rapport, met gegevens van de Britse Geheime Dienst, heeft de FBI -  omdat de CIA jaren later werd  opgericht -  in 2017 documenten vrijgegeven, wat het volgen ondersteunt van de gangen van Bandholtz op de Canarische Eilandnen.

En het is dat zijn belang voor de Amerikanen en Britten de overdracht was van gecodeerde  informatie naar Duitsland, wat zijn werk was. Het kantoor: het ‘Machado’-hotel in de hoofdstad van Tenerife, waar hij klaarblijkelijk de tijd afwisselde met handelsbetrekkingen.

Deze kennis kon hem helpen samen te werken met projecten zoals Catomic en  Catophat. Beide  programma’s, tussen 1967 en 1974, wijdden zich vanaf hun basis op de Canarische Eilanden aan het verzamelen van informatie over het Sovjet en Chinese Corps Diplomatique. Het is mogelijk dat Amerikaanse banden gedetecteerd  zouden  kunnen zijn op  de eilanden.

Andere bronnen merken op, dat Heinrich Bandholtz  op Canarias  deel uitmaakte van de Duitse contraspionage en van het interne veiligheidsapparaat van de Gestapo en van de militaire inlichtingendienst, de Abwehr.

De decentralisering van deze diensten kan Bandholtz naar Canarias gebracht hebben, daar hij deskundige was in geheimschrift. Onder zijn functies behoorde het volgen van bepaalde Duitse residenten op de eilanden.

Over de aanwezigheid van deze agent van de  Nazi-inlichtingendienst op de eilanden zijn  niet meer dan werkelijk gebruikelijke  gegevens. Officieel was hij een medewerker van een handelsfirma op Canarias.
                                                Bundesarchiv_Bild_183-R14128A_Martin_Bormann.jpg
                                                           Martin Bormann.
Op Canarias is de aanwezigheid van leden van het Nazi-bevelkader niet gebruikelijk. In 1973, was de FBI gedeeltelijk overtuigd  van de aanwezigheid op de Canarische  Eilanden van  Martin Bormann, die partijsecretaris was in het Derde Rijk, dat wil zeggen, de meest machtige man na Adolf Hitler. men zegt dat hij in Zuid-Amerika was. In 1972, gaf men hem op als verloren, maar in 1973 lokaliseert de FBI hem op Canarias.

Martin Bormann  werd, naar het oordeel van de FBI, in de door de FBI in januari 2017 vrijgegeven documenten ‘NY T-1’ genoemd. In  een tekst uit 1973 met de titel: “Nazi’s op het eiland Fuerteventura op de Canarische Eilanden’ merkt men op, “dat Bormann ‘grote landbouwbedrijven’ controleerde in de sectie Jandía van het eiland,” die, “eigendom zijn van ex-Nazi’s die daarvan de inkomsten ontvangen,” van deze “plaatsen”  en  “hun woonadressen’.
ZZZZZZIslas-canariaslogo-kopie-8.jpg


De efficiëntie van het Canarische luchtafweergeschut tijdens de Tweede Wereldoorlog

In 1943 werden vanaf Canarias
in totaal 35 Amerikaanse vliegtuigen beschoten en acht Britse

CANARISCHE EILANDEN - zaterdag 13 mei 2017 - Dat Spanje neutraal was in de Tweede Wereldoorlog, kon niet de spanning voorkomen op de eilanden tussen de twee blokken. Spanjes samenwerking met de As-mogendheden (Duitsland, Italië en Japan, ofwel de as Berlijn-Rome-Tokio) veroorzaakte spanning bij de Geallieerden, omdat in Madrid bekend was dat zij hun blik gevestigd hadden op de Canarische Eilanden.

Dat gebeurde, bijvoorbeeld,  door de illegale levering aan Duitse onderzeeboten in wateren van de Eilanden. De Geallieerden stuurden hun vliegtuigen naar Afrika en, in het voorbijgaan, veroorzaakte  elk provocerend detail dit tussen begin 1943 en de zomer van 1944. Om die  reden waren de Geallieerden geobsedeerd door de controle op de Canarische Eilanden.
defensa-aerea-canarias-kYGE--620x349abc.jpg
                                 Luchtafweergeschut in Las Palmas de Gran Canaria
Alleen al in 1943 loste men vanaf Gran Canaria 136 schoten, en in 1944 een totaal van 54. De reactie was niet het neerhalen van de vliegtuigen die misschien automatisch Spanje binnenvlogen tijdens de Tweede Wereldoorlog.

Het doel was de Spaanse soevereiniteit over Canarias duidelijk te maken die men niet in vraag stelde en nog minder, dat men het Spaanse luchtruim zou betreden wat een soort laboratorium van politieke spanning zou veroorzaken. Het Canarische luchtafweergeschut schoot 40 keer vanaf Gran Canaria en 13 keer vanaf Ifni, aldus vuurde men 53 keer op vliegtuigen van  Geallieerden die het gehele gebied in West Afrika zouden gaan controleren.

Maar de batterijen luchtafweergeschut van Canarias waren in vorm, ondanks de druk van de Verenigde Staten waarmee hun vliegtuigen de Duitse maritieme aanwezigheid konden waarnemen die ze vermoedden.

Naast de waarschuwingsschoten stegen enkele op  eilanden gestationeerde  jachttoestellen  op om Amerikaanse en Britse vliegtuigen te zoeken. Er werd gevuurd, bijvoorbeeld, 40 keer tegen een watervliegtuig dat met drie gewonden terugkeerde naar Agadir.

Deze gebeurtenissen op de Canarische Eilanden waren bijna fataal zodat Spanje toe zou treden tot  de Tweede Wereldoorlog;  maar diplomatieke beheer in die tijd remde steeds de toename van die spanning af. Zeker is ook, dat Madrid al in 1943 waarnam dat de De efficiënte van het luchtafweergeschut op Canarias tijdens de Tweede Britse Wereldoorlog

De rol die minister Francisco Gómez Jordana  als chef speelde van de Spaanse diplomatie was cruciaal , omdat het voor hem duidelijk was dat de Amerikaanse en Britse troepen Canarias in  hun plannen hadden voor het destabiliseren van Spanje.

Daarom - ten tijde dat vanaf Canarias het luchtafweergeschut klaar was om elke poging van een luchtaanval af te remmen - onderhield hij goed contact met de Britse ambassadeur, Samuel Hoare Belixa, die in Madrid begon te werken in 1940 na de vervanging van Maurice Peterson.
Operation_Torch_-_map.jpg
Een correcte relatie die hij, eveneens, onderhield met degene die Amerikaans ambassadeur was, Carlton Joseph Hayes, die naar Spanje kwam om Alexander Wedell af te lossen in 1942.
Met dit alles, werden de diplomaten geconfronteerd met druk van de Amerikaanse  en Franse commandanten Dwight Eisenhower, Andrew Cunningham, George S. Patton, Lloyd Fredendall, Henri d'Astier, José Aboulker, François Darlan en Frix Michelier. Zij waren van mening dat Canarias cruciaal was voor het met goed resultaat voltooien van de  Operación Torch (Operatie Toorts. Dat wil zeggen: De manoeuvre om het Noorden van Afrika te controleren (zie: https://nl.wikipedia.org/wiki/Operatie_Torch)

De commandant die stond te wachten om met 11.000 Amerikaanse troepen vanuit Vichy, via de Canarische Eilanden, Dakar in Senegal binnen te vallen, was Joseph Stilwell, die uiteindelijk - moe van het wachten - eindigde in Azië. Per nationaliteit, ontvingen 35 Amerikaanse vliegtuigen vuur vanaf de Canarische Eilanden,  acht Britse en 13 van onbekende oorsprong.

De Wikileaks van Franco in Washington
In 1942 organiseerden de Amerikaanse geheime inlichtingendienst een uitgewerkt plot om de geheime communicatie van de  Spaanse ambassade in  de federale hoofdstad  te onderscheppen.

Aan het begin van de vorige Eeuw organiseerde de weduwe van een vooraanstaande senator van Missouri een ambitieuze vastgoed-operatie in wat destijds werd beschouwd als de omgeving van Washington. Het ging om de ombouw van het meest afgelegen deel van de 16th Street -  die begint tegenover de hoofingang van het Witte Huis -  tot een exclusief woongebied.
Denkend aan het vestigen van monumenten, parken, overheidsgebouwen en prestigieuze instellingen, stimuleerde mevrouw Mary Henderson de bouw van enkele paleizen. Een daarvan  was bestemd de officiële woning te zijn  van de president van de Verenigde Staten, maar in 1927 werd dat de Spaanse Ambassade. Wat niemand kon vermoeden was, dat vijftien jaar later men dit eigendom voorzag van een typisch Andalusische patio (binnenplaats) die primair doel zou zijn voor de Amerikaanse inlichtingendienst.
ambassdeamerika.jpg                     
Het interieur van de voormalige Spaanse ambassade in Washington.
In 1942 volgde de Verenigde Staten met speciale strategische belangstelling het beleid van generaal Franco. De Amerikanen bereidden zich voor om via Noord Afrika hun offensief in  Europa te beginnen tijdens de Tweede Wereldoorlog en wisten dat Spanje cruciaal was in de zogenoemde Operation Torch (Operatie Toorts).  Om geheel aan deze dringende behoefte om informatie te voldoen, werd die gebruikt voor de financiering  van het Office for Secret Services, bekend als OSS,  de voorganger van de huidige CIA. Het primaire doel: Toegang te hebben tot de vertrouwelijke communicatie tussen de autoriteiten in Madrid en hun diplomatieke vertegenwoordiging in Washington.

Een agent genaamd ‘Ella’ (‘Zij’)
Het eerste obstakel waarmee de OSS-agenten werden geconfronteerd was infiltreren bij het ambassadepersoneel. Vanuit een zo geduldig taak,  begonnen ze een jonge Amerikaanse studente aan te werven met een uitstekende kennis van het Spaans. De jongedame werd ondergebracht in hetzelfde pension aan de Connecticut Avenue waar andere secretaressen van de diplomatieke vestiging  van  Spanje logeerden.

Een volgende stap was het creëren van een toepasselijke vacature voor hun agente die bekend was onder de codenaam ‘Ella’ (‘Zij’). Om dat te bereiken kon men rekenen op de hulp van de International Telephone and Telegraph Company,  die hen toestond  een  vacature  aan te kondigen voor een tweetalige secretaresse in hun kantoren in New York met een onweerstaanbaar salaris van 400 dollar per maand. Van alle secretaresses op de ambassade, liet een zekere Mary zich verleiden. En in april 1942, slaagde het OSS erin, dat de door de ITT aangenomen medewerkster werd vervangen door hun ‘mol’.

De Amerikaanse agente verloor geen tijd. Binnen een week had de jongedame een gedetailleerde kaart getekend van alle diplomatieke vestigingen. Bovendien  werd ze gebruikt om de  gecodificeerde communicatie met Madrid te versleutelen die bewaard werd in een kluis, van het merk Shaw Walker,  die stond  in het kantoor van de raadgevende minister. De infiltrante probeerde ook de combinatie af te leiden, maar had geen succes toegang te krijgen tot het boek met de codes.

Uiteindelijk gaf het OSS opdracht aan hun agenten het openingsmechanisme van de beveiligde brandkast te saboteren, En toen men naar de fabrikant belde voor de reparatie, konden de Amerikaanse spionnen een van hun specialisten  sturen,  een professionele gereclasseerde  dief. Met de combinatie in hun handen, gingen deze vertrouwde slotenmaker en ander agenten (geïdentificeerd als Spaanse republikeinen  door geschiedkundigen zoals Douglas Waller  in zijn recente boek over de  chef van  de OSS, ‘Wild Bill’ Donovan, zie de video: https://youtu.be/Rnh8vrUGzt4) om 22:30 uur op 29 juli 1942 de ambassade binnen en slaagden erin zich meester te maken van alle sleutels.

In een nabijgelegen appartement wijdde een ander OSS-team zich  koortsachtig  aan  het kopiëren van al het verkregen materiaal met behulp van 3.400 foto's. Binnen drie uur, keerden de originele sleutels terug naar de beveiligde brandkast. En de Verenigde Staten konden beginnen om de stroom van communicatie tussen Madrid en de ambassade in Washington te ontcijferen. Het enige probleem was, dat de gehele operatie elke maand herhaald moest worden, als de Spaanse diplomaten voldeden aan de voorzichtigheid om hun codes te veranderen.

Alles perfect tot in oktober, toen 's nachts bij invallen in de Spaanse ambassade zich een  ‘overboeking’  van spionnen voordeed als product van de rivaliteit tussen het OSS en de FBI, op orders van  Edgar Hoover. De daarop volgende strijd over bevoegdheden bereikte het Witte Huis. Uiteindelijk beval President Roosevelt, dat alleen de FBI de leiding nam van de diplomatieke spionage, maar met de verplichting om geheimen met de inlichtingendiensten onder leiding van Donovan te delen.
ZZZIslas-canariaslogo-889.jpg


De tien meest vooraanstaande Nazi’s in Spanje

Onder wie de Nederlandse joden-vervolger Hauke Bert Pattist Joustra, en de Belgische onderhandelaar Léon Degrelle

Otto Skorzeny
Sioensky.png
Skorzeny, op oudere leeftijd .
In 1908 geboren in Wenen, was hij als soldaat voorspoedig met het redden van Benito Mussolini, en ook met het werken als spion in opdracht van Hitler.
Hij ging in 1948 in ballingschap in Spanje, en verbleef er tot aan zijn dood in 1975 onder de bescherming van het Franco-regime.
Het litteken in zijn gezicht was het resultaat van een duel aan de Universiteit van Wenen, waar bij Mensur het schermen werd beoefend.

Léon Degrelle
Degrelle.png
Degrelle, met de Bourgondische emblemen van zijn bataljon.
In 1906 geboren in Bouillon (België).
Was gelieerd aan de Waffen SS en aan het uiterst conservatieve, katholieke België.
Na het neerstorten van zijn vliegtuig, ging hij in 1945 in ballingschap in Spanje, in San Sebastián.
De Belgische Regering heeft om zijn uitlevering gevraagd, maar dat is nooit toegestaan.
Hij was onderhandelaar, werd geïnspireerd door CEDAD en werd een bekend gezicht in het uiterst rechtse Spanje.
Hij is in 1994 overleden in Benalmádena.

Reinhard Spitzy
Spitzy.png
Het valse paspoort van Spitzy, erkend door de Falange.
Geboren in 1912 in Graz (Oostenrijk), was hij kapitein van de SS en assistent van von Ribbentrop.
Diplomaat, afgestudeerd aan de Ecole de Paris, leidde hij Amerikaanse bedrijven in Duitsland. Na de oorlog, verbergt hij zich onder monniken in Cantabrië.
Hij vlucht in 1948 naar Argentinië, onder een andere naam.
Hij is in 2010 overleden in zijn geboorteland Oostenrijk, in Maria Alm,

Friedhelm Burbach
Burbachg.png
La Sierra de la Tesla, waar de ongrijpbare Burbach zich verborgen hield.
Hij was Nazi-consul in het zogenoemde Vasconia (= Baskenland), belast met het maken van propaganda.
Hij was een klasgenoot van de broer van Rudolf Hess en een man van het eerste uur in het Nazi-regime.
Hij verbergt zich in 1945 en 1946 in een dorp in Burgos-. Hij is overleden in de leeftijd van 66 jaar en stond bekend als: ‘Rudi, el alemán’.

Johannes Bernhardt
Bernardt.png
Portret van de jonge Bernhardt.
Hij bereikte de rang van generaal in de SS, en vocht aan het westelijk en het oostelijk front tijdens de Tweede Wereldoorlog.
Hij wijdde zich aan het bedrijfsleven, met name in Zuid-Amerika.
Via de SS maakte hij deel uit van de opstand, in Marokko, wat hem tot een belangrijke schakel van Hitler maakte.
Na de oorlog verkreeg hij de Spaanse nationaliteit en leidde een groot bedrijf genaamd: Sofindus.
In de jaren ’70 keert hij terug naar München, waar hij in1980 overlijdt.

Gerhard Bremer
Bremer.png
Bremer op jonge leeftijd.
Geboren in 1917 in Düserntal (Duitsland).
Als jonge soldaat van de Waffen SS maakte hij in 1939 deel uit van de succesvolle inval in Polen.
In het Oosten kreeg hij het Ritterkreuz, maar had geen succes aan het Westelijke front.
In de jaren ’50 emigreert hij, dankzij de bemiddeling van Johannes Bernhard, naar Denia (provincie Alicante).
Daar was hij een vooraanstaande horeca-ondernemer tijden de gouden jaren van Benidorm.

Fredrik Jensen
Jensen.png
Jensen, met zijn oorlogsonderscheidingen.
In 1921 in Oslo geboren, sloot hij zich al snel aan bij de Waffen-SS. Tijdens de Oorlog raakte hij gewond, overleefde in een ziekenhuis in Wenen, en onderging de denazificatie.

Keerde terug naar Zweden, waar hij werd vervolgd voor zijn ideeën. en waar hij een fortuin vergaarde met de verkoop van kantoorartikelen. In de zomer was Málaga zijn verblijfplaats, waar hij in alle rust golf speelde. Hij is overleden in 2011.

Paul Maria Hafner

Hafner, bleef tot het einde trouw aan zijn ideeën.

In 1923 geboren in Tirool, sluit hij zich als vrijwilliger aan bij de Waffen SS.

Was bewaker in de concentratiekampen Buchenwald en Dachau.

Kwam in de jaren ‘50 naar Spanje, waar hij in 2010 in Madrid is overleden.

Hij is het onderwerp in de controversiële documentaire ‘Hafner’s Paradise’, geregisseerd door Günter Schwaiger, waarin hij zegt: “dat de holocaust propaganda, propaganda, propaganda was"

Hauke Bert Pattist Joustra
krantlomdinm.jpg
De Londense krant die melding maakt van de invasie in Nederland.
Nederlander geboren in 1920 in Utrecht. Sloot zich aan bij de Waffen SS, waarvoor hij in Nederland de joodse gemeenschap vervolgde.
In 1946 vlucht hij voor de geallieerden, om op de motor in 1956 in Spanje te arriveren.
Werd gearresteerd en nadien vrijgelaten, wat een ballingschap mogelijk maakte, verborgen in Ribadesella, Oviedo. Hij was er educatief werkzaam en maakte vertalingen voor de persmedia. Ondanks een verzoek tot uitlevering, is hij in 2001 overleden in Langreo

 Otto Remer
Remer-1.png
Remer, in uniform.
In 1912 geboren in Neu Brandenburg (Duitsland). Was in 1932 soldaat in de Weimar Republiek, hoewel hij in de jaren ’40 een compagnie soldaten ging leiden.

Aanvankelijk maakte hij deel uit van het complot om Hitler te vermoorden, uiteindelijk bleef hij trouw.
Hij had korte, politieke carrière in de jaren '50, en ontkent dan de Holocaust.

In 1992 gaat hij in ballingschap in Spanje en is in 1997 overleden in Málaga.
zzzislas-canariaslogo-541.jpg


Een oud-agent van de CIA onthult dat Hitler zijn dood ‘fingeerde’ en vluchtte naar Tenerife

TENERIFE -  zondag 10 januari 2016 - Een groep deskundigen, onder aanvoering van Bob Baer, stelt de zelfmoord van de Nazi-leider en van Eva Braun in vraag, na toegang te hebben gekregen tot vrijgegeven CIA-documenten.

Een oud-agent van de FBI heeft verzekerd  dat hij bewijzen heeft, dat aan het eind van de Tweede Wereldoorlog de leider van de Duitse Nazi-leider Adolf Hitler en zijn geliefde Eva Braun, in hun Berlijnse bunker hun eigen dood hebben gefingeerd. 
cia-hitler-canarias--620x349-1.jpg

                               Franco en Hitler in Hendaya (Spanje ), 23 oktober 1940.
In plaats van zelfmoord te plegen, ontsnapten ze naar het Canarische eiland Tenerife, waar ze een tijd verbleven alvorens naar Argentinië te gaan, hun eindbestemming.

Het gaat om een van de verrassende conclusies waar een groep deskundigen toegang  tot heeft gekregen bij het analyseren van een collectie CIA-archieven die nooit eerder zijn ingezien.
Vanuit de bestudering van deze documenten ontwikkelt men de theorie, dat Hitler in werkelijkheid geen zelfmoord heeft gepleegd, en ook Eva Braun niet, maar dat ze naar Canarias zijn gevlucht.

Althans, dat beweert de ervaren  CIA-agent Bob Baer, in een bericht dat is gepubliceerd in het Britse dagblad ‘The Mirror’: "Het verhaal dat de Regering - van de Verenigde Staten - ons voorhoudt, is een leugen. Als we ons richten op de CIA-archieven, zal er onderzoek moeten worden ingesteld,” zo stelt Baer.

“Wat we aan het doen zijn, is doorgaan met het beoordelen van de geschiedenis; van het verhaal, waarvan wij dachten dat daarin is vervat, dat Hitler gestorven is in de bunker, maar men moet daar dieper op ingaan. Voor mij is duidelijk, dat we daar geen bewijs van hebben,” zo merkt Baer op.

De groep deskundigen, die wordt aangevoerd door de oud CIA-agent, heeft toegang gehad tot 700 pagina’s met recentelijk vrijgegeven informatie.
In een van de documenten wordt opgemerkt: “De Amerikaanse legerleiding in Duitsland heeft het lichaam van Hitler niet kunnen lokaliseren, er is geen betrouwbare bron die bevestigt dat Hitler dood is.”

Het gebruik van een dubbelganger
Vanuit wat men zegt te hebben ontdekt in de archieven van de CIA - inclusief details over het in de bunker aangetroffen lijk - is de groep deskundigen van mening, dat Hitler ‘gemakkelijk’ zijn eigen dood heeft kunnen fingeren, door gebruik te maken van een dubbelganger.”

Om het nog erger te maken, suggereert de voormalige VN-onderzoeker van oorlogsmisdaden John Cencich - in een televisieserie die is uitgezonden door ´The History Channel´ - dat Hitler een tijd op Tenerife is verbleven, alvorens naar Argentinië uit te wijken.

“Toen de Oorlog ten einde liep, zijn veel Nazi’s uitgeweken naar Zuid-Amerika om daar - ver van Europa - een nieuw leven te beginnen.”

Overeenkomstig deze veronderstelling, zou Hitler per schip van Tenerife naar Argentinië zijn gereisd, om zich bij zijn ‘metgezellen’ te voegen.

Cencich wijdt in dezelfde documentaire uit over zijn belevenissen omtrent een geheim netwerk aan tunnels, dat men in Berlijn heeft aangelegd om naar de Luchthaven Tempelhof te kunnen ontsnappen in geval dat nodig mocht zijn; een weg, die gebruikt zou kunnen zijn door Hitler om naar Canarias te vluchten.
“De geaccepteerde waarheid van zelfmoord is twijfelachtig," zo stelt Cencich.
zzzzzzzislas-canariaslogo-31.jpg


Manuel Lois-kazerne
De tunnels van Franco en Hitler worden omgebouwd tot sociaal culturele ruimte

LAS PALMAS DE GRAN CANARIA - zaterdag 8 november 2014 - De Dictatuur doorboorde de wijk Guanarteme met een netwerk van tunnels voor de opslag van munitie, voor een duikboothaven welke Hitler wilde aanleggen in El Arsenal (de Marinehaven in Puerto de La Luz).

De militaire strategen in de jaren van na de Spaanse burgeroorlog, zijn in de jaren veertig van de vorige Eeuw begonnen met het meest prestigieuze, onderaardse bouwwerk dat men kent in het verdedigingssysteem van Canarias. Ze doorboorden de berghellingen welke de bedding omgeven van de barranco van Tamaraceite - die tot aan het Alfredo Kraus-Auditorium loopt - met een doolhof van tunnels, die een oppervlakte bereikte van 7.304 m².

Tot aan de publicatie van de geheime documenten over deze voormalige militaire kazerne, was er uitsluitend ’s nachts bewaking, maar die is sindsdien uitgebreid. Er is in plaats van één bewaker ‘s nachts, extra bewaking ingezet en ook overdag wordt het tunnelcomplex bewaakt, zodat het publiek geen toegang heeft en ook vandalen er vooralsnog hun lusten niet bot kunnen vieren.
 
               De man die het Manuel-Lois-tunnelcomplex bewaakt.

Vanaf het jaar 2006 is de demilitarisering begonnen van de 168.500 m² grote kazerne die de naam Manuel Lois draagt en het was pas in 2010, dat de persmedia voor het eerst toegang hebben tot de originele bouwplannen van deze potente infrastructuur. Dit labyrint, dat voor oorlogsdoeleinden is gecreëerd, is men anno 2014 aan het omtoveren tot een sociaal culturele ruimte, (het had de kandidatuur van Las Palmas de Gran Canaria voor ‘Culturele Hoofdstad van Europa 2016’ moeten versterken).

 
  
 
Een team van architecten, dat bestaat uit Beatriz Ruiz de la Torre, David Martell Sosa en José Manuel Cruz, is verantwoordelijk voor de eerste fase van het herstel van deze wijk, hoewel men nog steeds bezig is met het ontrafelen van de plannen van de Dirección de Construcciones e Industrias Navales Militares(Directie Bouwzaken en Industriehallen van de Marine) en de rol die ze speelden (het eerste project dateert van 1944).


   
 
 
   Fabel ontkracht
De daadwerkelijke constatering van het bestaan van de tunnels heeft geleid tot een van de gemeentelijke legenden: géén van deze tunnels namelijk loopt naar zee, of heeft een verbinding met de Base Naval (de Marinehaven in Puerto de La Luz).

Tegenover de fabel staat de werkelijkheid: het labyrint is alleen te verklaren met de bouwtekeningen in de hand en de functionaliteit ervan verbergt de bouwgeheimen welke in Europa ontstonden na de Eerste Wereldoorlog en die hun hoogtepunt vinden vanaf de Tweede Wereldoorlog en in de daaropvolgend Koude Oorlog, met voorbeelden zoals de Maginotlinie (Van België tot aan Zwitserland, als grensschending met Duitsland) of eenzelfde verdedigingswerk zoals bij Gibraltar.
 
 
De bijna 8.000 m² aan tunnels verbergen in hun ingewanden een elektriciteitscentrale, een opslagplaats voor torpedo’s, een tweeledige kruitkamer, twee enkelvoudige kruitkamers een vuurwerkmagazijn en een magazijn voor de opslag van mijnen. In de gangen met een betonnen bodem konden, in sommige gevallen, vrachtwagens rijden die hun lading losten op de perrons van de treinwagons.
  
Van daaruit ging de lading op weg naar enorme opslagmagazijnen (12 meter breed, 48 meter lang en 10 meter hoog), met een brugkraan voor het plaatsen van raketten. Zes decennia na het voltooien van dit oorlogscomplex hebben de gepantserde draaideuren, de structuur van de tunnels en de grote magazijnen de tand der tijd doorstaan.

Deskundigen benadrukken, dat - na het verdwijnen van de oorspronkelijke bestemming- het een zodanige ruimte is, dat deze ongebouwd kan worden voor andere doeleinden. Na de demilitarisering ervan, is het doel, deze ruimte  aan te passen voor audiovisuele projecten, artistieke installaties, tentoonstellingsruimte of ruimte voor muziekuitvoeringen. De sporen van de oorlog zijn duidelijk aanwezig in enkele gangen, waar vooral enkele ventilatieroosters verse lucht aanvoeren vanaf de berghellingen van de Barranco.

Een blik op de bergen onthult de ventilatieopeningen, die de ondergrondse ruimten van zuurstof voorzien. Het tunnelnetwerk heeft een constante temperatuur van 15 graden Celsius; een natuurlijk klimaat, dat niet alleen verkregen is door de beschutting van een laag aarde, maar ook door het systeem van een natuurlijke ventilatie. Een bewerkelijke, machinaal aangelegde, ventilatie was noodzaak, omdat er in het inwendige vrachtwagens rondreden.

Het opmerkelijkste bouwwerk bevindt zich in de ruimte welke de ingenieurs in 1946 Polvorín Subterráneo para Artificios (Ondergrondse Kruitkamer voor Raketten) noemden. Een rondleiding door deze ruimte maakt niet het doel ervan duidelijk, tenzij de gids kennis heeft van de bouwtekening. Als men die eenmaal ontvouwt, ontdekt men een H-vorm die gevormd wordt door vier vakken, ook wel cellen genoemd, die bedoeld waren voor de afzonderlijke opslag van explosieven. De vier kamers zijn, klaarblijkelijk, onafhankelijk van elkaar gebouwd met hout, dat vrij van de tunnelvoer en tunnelwanden staat, om vocht te vermijden.

Voor een oningewijde in de materie, zouden zij door kunnen gaan voor verblijfsruimten, zols in een bunker, die bedoeld is om personen te verbergen.

Maar de kruitkamer in zone D2, die 700 m² groot als tussenruimte tussen de vier zalen ligt, verbergt nog een ander geheim. De vier kamers zijn onderling verbonden door enkele gangen in een X-vorm, die, op het punt waar zij elkaar kruisen, een ventilatiekanaal hebben wat verticaal door de berg gaat en wat uitmondt in een rond puntdak. Deze raadselachtige vorm die boven de berg verschijnt naast een typisch wachthuisje voor soldaten, is zichtbaar vanaf de bodem van de barranco.

   

 
De van boven naar beneden in de bergwand geboorde ontluchtingspijp, waarvan de aansluiting tot op een exact punt in de ondergrond tot op de millimeter nauwkeurig uitgekiend  was, laat door zijn loop de techniek zien welke is gebruikt voor het vermijden van de gevolgen van een veronderstelde aanval op het munitiemagazijn dat als zodanig niets meer is, dan een enorm blok van massief beton in de vorm van een open haard en zodanig verankerd, dat het de gevolgen van de drukgolven van een ontploffing op kan vangen..

Het defensieve karakter is eveneens te zien in het zogenoemde torpedo-magazijn, in de sector K-1, waar het ontwerp van de tunnelingang erop gericht is, om een aanval via de monding van de fortificatie af te weren.

Na tunnel D1 bezocht te hebben - met een 2.470 m² groot magazijn voor de opslag van mijnen - rijst de vraag, wat de kosten voor het Leger zijn geweest voor zijn Infanterie; en de tweede vraag is dan, waarom deze een zo grote afmeting heeft.
De financiële begroting laat zien, dat de lange bouwtijd voor de naoorlogse, Spaanse militaire industrie niet gemakkelijk moet zijn geweest, om de bouwmaterialen en de lonen van de bouwvakkers te betalen. Een deskundige op het gebied van tunnelbouw becijfert, dat in de jaren veertig de bijna 8.000 m² aan beton, arbeidsloon en machinerie minimaal 30 miljoen peseta’s (12 miljoen euro) moet hebben gekost.

De uitgaven blijven opvallend in een periode tussen twee Wereldoorlogen waarin de Canarische Eilanden ondergedompeld waren in de tekortkomingen van een autarkische economie met basale leverantie-tekorten. Terwijl dit gebeurde midden in het Economische Beleid van García Escámez, waarin strategen van Franco titansarbeid verrichtten in het binnenste van de bergen aan het einde van de barranco van Tamaraceite (voor militaire ingenieurs: Guanarteme).
In de tijd was het al mogelijk, om machinerie te gebruiken voor het graven van tunnels, terwijl het stutten van de zijwanden o.a. gedaan werd met technieken zoals glijbekisting. Met een houten bekisting - die het beton op zijn plaats hield totdat dit, eenmaal uitgedroogd, hard was - zorgde men voor van de betrouwbaarheid van de structuur. Tegenwoordig wordt dit soort constructies uitgevoerd met materiaal wat zich hecht aan de rotswand en wat door zijn duurzaamheid toekomstig losraken van gesteente voorkomt.
 
Vredesmissie

In tunnel A1, met een magazijn van 260 m², is de industriële archeologie het best zichtbaar. Het gaat om een stroomgenerator - misschien wel een dynamo van een onderzeeër´- die de bewoners van de Manuel Lois-kazerne van elektriciteit moest voorzien. Wat in de jaren zestig kon oplopen tot een bevolking van 1.000 manschappen tijdens de kritieke fase van de Groene Mars van Marokko door de Sahara.
Aan deze A1 tunnel grenzen enkel barakken die erop gebouwd zijn, om hoge temperaturen te kunnen doorstaan en die men nu in het renovatieplan, met een culturele bestemming een vredesmissie wil geven.
Veel dieper ligt de waterbron van Los Martinón, een van de oudste van Gran Canaria, en dicht bij de ventilatiegaten van de tunnels liggen de ‘Cuevas del Rey’ (‘Grotten van de Koning’), beschermde pre-Spaanse nederzettingen van grote archeologische waarde. En wat verderop geeft de verkleuring van een gedeelte van de berghelling informatie over het geologische verleden van het eiland Gran Canaria.

Het verhaal wil, dat dit gebied grotendeels bezet was door militairen. Wilden ze de zee bereiken, of er tenminste zo dicht mogelijk bij komen? Ze waren er niet ver van verwijderd en een ondergronds afvoerkanaal in de barranco zou het mogelijk gemaakt hebben, dat ze de branding bereikten.

Ingenieurs van het Derde Duitse Rijken Krupp-technici ?
Waren er geschoolde, buitenlandse arbeidskrachten betrokken bij de aanleg van de tunnels en hun apparatuur? Ook daarvan is geen bewijs terug te vinden in de officiële documentatie. Juan José Díaz Benítez, geschiedenisprofessor aan de Universiteit van Las Palmas de Gran Canaria en groot kenner van de militaire geschiedenis van het Eiland gedurende de Tweede Wereldoorlog, benadrukt, dat men noch in het Cultureel en Geschiedkundig Marine-instituut, noch in het Algemene Rijksarchief van Alcalá de Henares, men kan opmaken, dat ingenieurs van het Derde Duitse Rijk deelgenomen hebben aan de bouw. Op dezelfde manier refereert men aan de aanwezigheid, zoals men beweert, van Krupp-technici.
“Niets van dit alles. De Spaanse ingenieurs hadden al ervaring met dit type infrastructuur; en van de aanwezigheid van Krupp-technici zijn slechts tekenen in twee bunkers, namelijk in die in Mesas de San Juan en die in Melenara en, dat alleen voor wat betreft de bewapening,” zo benadrukt de professor.
 
Was de investering in de barranco van Guanarteme rendabel?
Een andere vraag die opdoemt, is de verwijzing naar het tunnelnetwerk, welke de drie magazijnen terugbrengt tot een belachelijke afmeting, net als bijvoorbeeld de Barranco de Tahodio op Tenerife. Maar toch rechtvaardigt de angst voor een Britse invasie op de Canarische Eilanden ten tijde van de Tweede Wereldoorlog de inzet van de Marine op zich niet.

De acties in de Manuel Lois-Kazerne maakten deel uit van een plan dat dateerde uit de jaren 40 voor de Base Naval (Marine Basis) en daarin overwoog men - in het Arsenal (de Marinehaven) - de bouw van een pier als aanlegsteiger voor een flottielje van 12 onderzeeërs waarvoor de munitie opgeslagen moest worden in de tunnels van Guanarteme, zo benadrukt Díaz Benítez.

Franco plande technologische ondersteuning aan het Derde Rijk, en zelfs de bouw van een complex bunkersysteem op de Esplanada en op de Muelle de Virgen del Pino, voor het beschermen van onderzeeërs in geval van een luchtaanval. Ondanks het einde van het Nazidom, duurde de militaire droom van Franco voort tot aan 15 december 1947, de datum waarop men, althans op papier, een begroting goedkeurde.

De nederlaag van Hitler veranderde het toneel, vooral omdat het in het Spaanse leger aan technologische capaciteit en aan financiële middelen ontbrak om onderzeeërs te bouwen. In elk geval stagneerde de aanleg van de tunnels van Manuel Lois. De kosten voor bouwmateriaal en arbeidsloon belemmerden de voortgang van het netwerk. Maar diep van binnen woedde er een interne strijd in het kader van Franco’s macht over de financiële controle van de werkzaamheden, tussen de heersers van het Instituto Nacional del Industria (INI) en de militairen. Een interne strijd, die zich richtte op het nationale Plan, dat uitgevoerd zou worden door de Bazán-fabriek, een troetelkindje van Generalísimo Franco.

De interne strijd had een aanzienlijke invloed op de bouwtijd. Nu, de nodige decennia later, richt de aandacht zich op het meest oorlogszuchtige deel van het bouwwerk wat begraven ligt in de Barranco die een recreatieplaats geworden is voor de militairen en hun familie. Het dramatische effect van torpedomagazijn en munitieopslagplaats is gedevalueerd door het ertegenover liggende zwembad, de tennisbaan en de picknickplaats in de schaduw van Indische laurierbomen.
   
Het gebied in de monding van de Barranco heeft te lijden onder het verval van de voorzieningen, het plunderen van de industrieel-militaire installaties, het verdrogen van de groenvoorzieningen en allerhande ongecontroleerde acties.

Het nieuwe tijdperk maakt een privaat, defensief militair terrein - wat in verval is geraakt -  geschikt voor algemeen sociaal gebruik. Ook legt het een voorbeeld van militaire architectuur bloot dat eens te meer het bewijs vormt van de waarde welke de strategische ligging van de Eilanden heeft in de Atlantische Oceaan.
 
Was de door het franquismo gedane investering in de Barranco de Guanarteme – zoals die door de militaire ingenieurs  was omgedoopt - rendabel?
Días Benitez stelt, dat het - in sommige opzichten - een prachtig militair complex had kunnen zijn. “Men is er alleen maar toe gekomen, er munitie op te slaan van de kanonniers en er andere gebouwen van minder belang neer te zetten, “ zo voegt de professor toe.

Amerikanen
De tunnels zijn in de jaren 50 van de vorige Eeuw gereedgekomen toen, met het eindigen van de Tweede Wereldoorlog, voor wat betreft de efficiëntie van onderzeeboten het beeld veranderde met de desinteresse van de Amerikanen voor de Canarische Eilanden - die nooit zijn opgenomen in het pakket aan Amerikaanse bases in Spanje.
Men weet niet, of Franco geprobeerd heeft te onderhandelen met de Amerikanen, voor het afmeren van hun onderzeeërs in het Arsenal (de Marinehaven in Puerto de La Luz).

Wat zou er gebeurd zijn als de As (Berlijn-Rome-Tokio) niet verslagen was? Dan zou het gebruik van deze bijna 8.000 m² niet in het gedrang gekomen zijn. Maar elke gissing daarover is slechts sciencefiction en daarmee een hoofdstuk van niet te bewijzen speculaties.
 

Het Lois-labyrint wordt museum en een culturele voorziening voor de kunsten 
Van het door Franco gebouwde tunnelcomplex is de Gemeente Las Palmas de Gran Canaria momenteel een groot museum en cultureel centrum aan het maken waarmee men de rol wil benadrukken welke de strategische geografische ligging van de Canarische Archipel speelde tijdens de Wereldoorlogen van 1914-1918 en 1940-1945.

Dit is eind mei 2010 meegedeeld door Rafael Pérez, wethouder van Cultuur van de Gemeente Las Palmas de Gran Canaria, een dag nadat de persmedia foto’s en niet eerder gepubliceerde documenten openbaar hebben gemaakt over het militaire bouwwerk. Men gebruikt het enorme geschiedkundige potentieel van de tunnels, om dit te veranderen in de belangrijkste attractie van het toekomstige: Parque de Las Creaciones, op het terrein van de voormalige kazerne.

Het oude kazernecomplex van de Marine Infanterie is in 2001 door de militairen aan de stad verkocht. De Gemeente heeft aan de hand van een aantal technische rapporten  -over o.a. veiligheid; de Wet, verlangt, bijvoorbeeld, dat er om elke 25 meter nooduitgangen komen – besloten, om tot ombouw naar museum en cultureel centrum over te gaan.
 
Manuel Lois-tunnels afgesloten
Op last van de burgemeester van Las Palmas de Gran Canaria zijn de tunnels in het militaire Manuel Lois-complex afgesloten, dit om ongelukken te voorkomen.
   
Anno 2014: het 'Parque de Creaciones' (voormalig de Manuel Lois Kazerne).
 
  
 


De culturele voorziening voor audiovisuele doeleinden zal, als de huidige ombouw volgens plan verloopt, uiteindelijk eind 2016 (volledig) in gebruik kunnen zijn.

Radiouitzending
Beluister hier de Radouitzending van Radio Gáldar, van het Duitstalige Programma
'La Voz Alemana' van 28 januari 2015, waaraan de hoofdredacteur van 'Gran Canaria actueel'  heeft meegewerkt:

http://www.ivoox.com/voz-alemana-28-enero-2015-audios-mp3_rf_4011508_1.html

1-AAAAislas-canarias-91.jpg


De vergissing, om de bunker uit 1941
af te sluiten, is hersteld

LAS PALMAS DE GRAN CANARIA - woensdag 26 maart 2014 - Het personeel van de Dienst Reiniging- en Onderhoud van Playa de Las Canteras en El Confital heeft op woensdag 26 maart 2014 de puinhoop opgeruimd en de vernielingen ongedaan gemaakt, die ‘onverlaten’ daar hebben aangericht voor het afsluiten van een van de laatste mitrailleurnesten die nog zijn overgebleven in de stad, de bunker bij Las Salinas (De Zoutpannen) van El Confital.

De bunker is in 1941 gebouwd ter verdediging van de stad tijdens de Tweede Wereldoorlog.
De ingang ervan was afgesloten, om te voorkomen, dat dakloze zwervers er hun toevlucht in zouden zoeken.




“Wie de bunker wil bezoeken, treft die geopend aan. Maar men wordt uitdrukkelijk verzocht  respectvol om te gaan met het erfgoed,”  zo staat te lezen op de internetpagina:
http://www.miplayadelascanteras.com/n_items.asp?id=11579&s=1&txt=actualidad&m=1

1-AAAAislas-canarias-92.jpg


Tunnels met geschiedenis onder Taliarte

LAS PALMAS DE GRAN CANARIA - maandag 22 april 2013 - Tussen Playa del Hombre en Taliarte op een terrein wat op een verlaten wildernis lijkt, overleeft een ondergronds complex van gewone stervelingen, dat de bezoekers onderdompelt in het Canarias dat, tenminste op papier, tijdens de Tweede Wereldoorlog betwist werd door Groot Brittannië en Duitsland. Het zijn de tunnels van de kustbatterij van Melenara.

Bij ieder centimeter die iemand afdaalt in dit tunnelnetwerk, voelt men het gewicht van een geschiedenis zwaarder drukken die tegenwoordig voor velen onbekend is. Slechts weinig mensen hebben er weet van, dat in deze halve-woestijnheuvel - die het leefgebied is van een uniek in de wereld zijnde plant, de piña del mar (zee-ananas) - men in 1941 een batterij met drie kanonnen van Duitse herkomst opstelde die onderdeel uitmaakte van wat in de woorden van de geschiedkundige Juan José Díaz Benítez, “een van de grootste defensieve inspanningen is geweest in de geschiedenis van Canarias.” Het plan 'Pelgrim'


Ingang van de bunker-tunnels bij Taliarte.

De Archipel kwam in het blikveld van de Britten te staan die, bij gebrek aan Gibraltar, een basis zochten voor hun schepen en in, dat van de Duitsers die het Spanje van Franco hielpen, om de kusten van de Eilanden te versterken . Sindsdien heeft het veel geregend, maar, gelukkig, is die infrastructuur bewaard gebleven, hoewel deze er schandalig verwaarloosd bij ligt. Het is Díaz Benítez die zich inzet voor het herstel ervan voor educatieve en zelfs toeristische doeleinden.


Tunnel van de kustbatterij van Melenara, Taliarte.

De lerares milieuzaken, Nieves Pulido, kwam er in 2007 toe, om een studie te verrichten, om dit militaire complex te veranderen in een informatiecentrum, maar alles is de droom gebleven in de slaap der rechtvaardigen.

img1229v.large.jpg

Feit is, dat tegenwoordig alleen, duisternis, afval en graffiti heersen in de tunnels waar gedurende de jaren van de Europese Oorlog Spaanse militairen liepen. Ze waren belast met de batterij, die voorzien was van de Krupp-kanonnen model 1902, gekocht in Duitsland en die eerder gebuikt waren op een Duits passagiersschip die ze gebruikten tijdens de Eerste Wereldoorlog, zoals men kan opmaken uit een compleet boekwerk van de Aula Cultural van de Estudios Sociedad-Ejército General Ignacio Pérez Galdós van de groepering La Zarabda voor de verdediging van het historisch erfgoed van Canarias, Die kanonnen waren stukken snelvuur geschut, die mortieren van 64 kilo konden afschieten met een bereik van 23 kilometer.



De batterij, de meest moderne die Canarias heeft gehad, begon in 1947 in onbruik te raken, maar is pas in 1966 ontwapend. Tegenwoordig is alleen het geraamte ervan nog over.
1-AAAAislas-canarias-92.jpg


Een Canarische spion in Londen

Een biografie die zich laat lezen als  een spionageroman
Diccionario Biográfico van de  Real Academia de Historia

LAS PALMAS DE GRAN CANARIA - woensdag 23 januari 2013 - Hier begint de beschrijving van een personage, dat ons terugbrengt  naar het wezen van het Franquismo (de Franco-dictatuur), naar de visionaire retoriek van de falangisten van het eerste uur tot aan de soldaat die sneuvelt in de strijd in het verre Rusland bij niet minder dan bijna 6o graden onder nul.
Dit is de biografie van: Miguel Piernavieja del Pozo, de falangist die Ramón Serrano Suñer naar Engeland stuurde en die in een val trapte van de contraspionage.

Een biografie die zich laat lezen als een spionageroman
Miguel Piernavieja del Pozo overleed in 1983 in Madrid en op zijn schouders rust de verantwoordelijkheid, de eerste spion- althans zo constateren de onderzoekers -die de zegevierende Caudillo (generaal Francisco Franco) naar Londen stuurde, om een steeds onzinniger wordende Hitler tevreden te stellen.

                                                           
                                                    Miguel Piernavieja del Pozo.
Als alles goed gaat, zal zijn lemma als 41ste
verschijnen in Deel XLI, van het controversiële Diccionario Biográfico van de Real Academia de Historia; een encyclopedisch werk, waar de controlecommissie bijna bovennatuurlijke inspanningen doet - soms met klinkklare mislukkingen en andere schandalen - voor het handhaven van de balans tussen de twee Spanjes.

 


V.l.n.r.: een onbekende, kapitein Zamanillo, een verpleegster, en Francisco de Miguel González, in Duitse uniformen.
Miguel Piernavieja del Pozo, in 1916 geboren in Santa Cruz de Tenerife, verschijnt hier op de lijst van drie voorgedragen kandidaten die, van laten we zeggen, behoorden tot hen die ‘de adelaarsklauw van de generalíssimo (opperbevelhebber) aaiden, om alle nougat op te eten’. Maar hij is veel meer: om te beginnen, een agent van de almachtige minister Serrano Suñer, behorend tot de Franco-kliek, adspirant grootkanselier voor het Spaanse buitenlandse beleid in het afschudden van de Tweede Wereldoorlog.

Vanwege de omstandigheden van zijn vaders carrière, is hij geboren op Tenerife. Hij was een van de kinderen uit het grote gezin van de Openbare Aanklager bij het Hooggerechtshof, Luis Piernavieja y Soto.

De bijdrage aan de Diccionario, waartoe wij toegang hebben gehad (hoewel niet tot de auteur ervan), portretteert de gedisciplineerde student als sportbeoefenaar, “maar die ook werd aangetrokken door de turbulente politieke activiteit voorafgaand aan het uitbreken van de Spaanse Burgeroorlog. “In de hoofdstad,” zo gaat de bijdrage verder,” diende hij de Falange en het Sindicato Español Universitario (SEU) (de Spaanse Universiteitsvakbond) tijdens zijn studies Rechten en Filosofie en Letteren. Een andere kwaliteit: “Hij sprak zes talen.” Na het uitbreken van de Guerra Civil (Burgeroorlog), " zat hij ondergedoken in Falange-kringen in de hoofdstad en in 1938 koos hij voor de zijde van de rebellen.


Ángel Alcázar de Velasco, op 30-jarige leeftijd.

Onder het spectrum van de overwinning, in een milieu, dat geplaveid was met opportunisten, gewapende mannen, parvenu’s, politieke gelulsvogels, misdadigers en rabiate anticommunisten, wordt Miguel Piernavieja del Pozo verzocht naar Londen te reizen, “op verzoek van de eveneens falangist zijnde Ángel Alcázar de Velasco, avonturier en notoir agent van de Duitse spionage.”
“Onze man in The City,” zegt zijn biografie, “had de bedoeling, gegevens naar Spanje over te brengen over de Duitse bombardementen op de Britse hoofdstad en bovendien, te rapporteren over hun militaire inzet. Ontmaskerd door de Britse contraspionage, keerde hij in januari 1941 naar Spanje terug.”

Of beter gezegd, na een jaar was hij een afgebrande spion, ten koste van de leiders van een organisatie van groentjes bestaande uit journalisten (Luis Calvo y Felipe Armesto) en imperialistische diplomaten zoals de hertog van Alva, José Brugada en Miguel Lojendio. Maar laten we de route volgen: “de fervente falangist,” zo vertelt Antonio César Moreno Cantano in zijn boek ‘Espionaje, neutralidad y propaganda franquista en Gran Bretaña’,  komt aan in  Londen, “als resultaat van een bizar plan wat bedacht is door Serrano Suñer en Ángel Alcázar de Velasco".  Van wie de laatstgenoemde - stierenvechter, stukjesschrijver en geheim agent in het Plan ‘Anacleto’, was beïnvloed door de almachtige minister (wat niet moeilijk was gezien zijn ijdele expansiedrang)

En de vraag, die zwaar op de lever lag, was deze, steeds volgens Moreno Castano: degene die het vuile werk moest opknappen, vertelt, dat hij Samuel Hoare, de Britse ambassadeur in Spanje, ervan overtuigd heeft, “dat hij het Franco-regime omver wilde werpen.” Om dit plan uit te voeren vond hij het nodig, dat een medewerker van hem naar Engeland zou reizen uit de nabijheid van de hertog van Alba, om steun te zoeken en zo deze samenzwering te kunnen opzetten. Hoare accepteerde het voorstel, wat ervoor zorgde, dat Piernavieja del Pozo kon rekenen op de steun van het Foreign Office. Maar wat men werkelijk wilde bereiken met deze poppenkast was, dat de Spaanse gezant zich vrij op Britse bodem zou kunnen bewegen, om zo zijn missie voor de Almogendheden te vergemakkelijken.”

Op het scherpst van de snede, net iets ouder dan twintig jaar, komt onze Canarische spion op 29 september 1940 aan in het Verenigd Koninkrijk met een vliegtuig, dat van Lissabon naar Bristol is gevlogen. Hij had een minimale ervaring (met de Vijfde Colonne in de Burgeroorlog), maar hij liep over van josé-antoniaans idealisme en was duizelig van de actie.

De gereserveerde fondsen in dat tijdperk, die bestemd waren voor geheime acties, om Hitler tevreden te stellen, waren er voldoende, “en Piernavieja installeerde zich op de zevende etage van Athenaeaum Court, een modern en luxe appartementengebouw op Piccadilly nummer 116,” zo wordt opgemerkt in een telefoongesprek door Javier Juárez, de auteur van ‘Madrid-Londres-Berlín: Espías de Franco al servicio de Hitler’ (‘Madrid-Londen-Berlijn: Spionnen van Franco in dienst van Hitler’).

Dat was in hartje centrum, dicht bij de Spaanse Ambassade, het luchtafweergeschut in Hyde Park en het regeringsgebouw van Witehall, waar de zetel was van de minister-president, het Foreign Office en het Ministerie van oorlog.

In oktober 1940 was Duitsland bezig met de operatie Seelöwe voor de invasie van het Verenigd Koninkrijk (zie:
http://nl.wikipedia.org/wiki/Operatie_Seel%C3%B6we).
De Battle of Britain was op zijn hoogtepunt, met de voortdurende verwoestende aanvallen van de Luftwaffe. Piernavieja, die de rol van journalist vervulde, legde zijn eerste contact met GW, de afkorting van de naam Gwilym Williams; het personage, dat hem in ongenade zou doen vallen, wat veroorzaakte, dat hij werd vervangen door de cantamañanas (praatjesmaker) Ángel Alcázar de Velasco.

Maar wat waren de feiten? “Voor de Abwehr [de Duitse Inlichtingendienst], was GW een onafhankelijke Welshman die men in 1939 had ingelijfd. Maar de werkelijkheid was heel anders. Achter deze façade ging een van de eerste dubbelagenten schuil die gebruikt werd door de Britse contraspionage. Dit feit maakte het de M15 mogelijk, de gangen van Piernavieja te bewaken en nadien de infiltratiepoging te voorkomen,” zo benadrukt Moreno Cantano in zijn boek.

Na zijn ontdekking, wordt onze Canarische Franco-spion Pogo in de Britse archieven. Zijn contact met GW had tot doel, te achterhalen waar de fabrieken voor oorlogsmateriaal stonden en waar de kustverdediging was opgesteld in bepaalde delen in het Zuiden van Engeland, nabij het eiland Wight. Piernavieja verstuurde zijn rapporten in onzichtbare inkt via de diplomatieke post van de Ambassade en zijn grootste succes was het naar Spanje sturen van een geactualiseerde kaart met de meest door de bombardementen getroffen plaatsen en de grootste geleden schade. De spion keerde in februari 1941 terug naar Spanje, vrijwel zeker door de druk die de Britse Regering uitoefende op de Spaanse autoriteiten, of door meningsverschillen met Alcázar de Velasco, die tegen die tijd in Londen arriveerde.

De legende verhaalt van turbulente nachten, met alcohol en vrouwen, de falangisten bezochte de beste Londense bars tot sluitingstijd gekleed in uniform met hun onderscheidingen op hun borst.” Het door Serrano Suñer bedachte apparaat werd niet uit het oog verloren en voor M15 was het duidelijk, dat de Spaanse Ambassade een slangenkuil was voor hun belangen; en dat alles vanuit een schijnbare neutraliteit. Pongo was echter overtuigd van zijn immuniteit en hij wandelde als Pedro por su casa (alsof hij de eigenaar van de tent was) binnen bij de Britse instellingen en bovendien legde hij verklaringen af voor de BBC en gaf hij interviews aan de Daily Press en de Sunday Graphic.  Zijn dagen in The City waren geteld.

Op 3 februari 1941 gaat Miguel Piernavieja scheep (met een ticket, dat is betaald door de Ambassade in Madrid) op een vrachtschip, dat op weg naar Gibraltar lastig wordt gevallen door Duitse onderzeeboten. En aldus eindigt zijn korte ervaring in de Spaanse spionage. Was het een uitzetting? De journalist Luis Calvo, metgezel in het legioen, spreekt over druk vanuit de Britse Regering op Spanje. Anderen zien de lange arm van de invloedrijke Alcázar de Velasco, zijn vervanger, die meteen al niet aarzelde uitspraken te doen over het gebrek aan professionaliteit van Piernavieja en zijn voorliefde voor feesten. In zijn memoires schrijft hij het vertrek toe aan de flirt met een zekere Elizabeth, een niet bestaande (althans in -archieven) agente van de M15. Een eerder feit toont aan, dat het tegenhouden van de jonge falangist veel meer te maken had met ruzies in de riolen van het franquismo.

Javier Juárez realiseert zich wat Pogo te wachten staat in de hoofdstad. “Enkele dagen na zijn aankomst in Madrid komen midden in de nacht enkele politieagenten naar zijn woning en arresteren hem - samen met enkele leden van zijn familie - en brengen deze over naar de politiecellen van het Directoraat Veiligheid, aan de Puerta del  Sol.
“De zaak kreeg,” zo merkt de schrijver op, “afmetingen van een schandaal, omdat onder de gevangenen zich zijn vader bevond, de uit Vallesco afkomstige Piernavieja y Soto, de Officier van Justitie van het Hooggerechtshof.” Hij die vertegenwoordiger was van de Spaanse overheid in de koloniale periode van Cuba (waar hij trouwde met de Cubaanse Carmen del Pozo y de la Cuesta) moest touwtrekken in de ondergrondse van het Ministerie van Inlichtingen, om in vrijheid gesteld te worden. “Wat betekende dit machtsvertoon? Dacht Franco misschien aan een operette, dat de spion naar Londen gegaan was, om steun te zoeken voor het plegen van een staatsgreep op zijn regime? Daar is nog steeds geen antwoord op.

Minder transparant is wat er zich de dagen daarna heeft afgespeeld, wat niet is opgehelderd in het Diccionario Biográfico, waar geen enkele bevreemdende gebeurtenis wordt genoemd.
In elk geval toont Juárez een mogelijke route: Miguel zou hebben weten te ontsnappen en zou in het verborgene enkele weken door Madrid hebben gezworven, door straten vol met informanten die voor een aanwijzing goed werden beloond. Op 31 maart stuurt het Britse Consulaat in Madrid een brief naar het Foreign Office met informatie over de gebeurtenissen en verzekert, dat hij de Duitse Ambassade ingevlucht zou zijn.
De navolgende tegenstrijdige informatie over Piernavieja del Pozo plaatst hem vechtend in Rusland in de gelederen van de Blauwe Divisie. Volgens de Diccionario Biográfico, blijft hij ingelijfd bij de Brancardiers-divisie van de Compagnie, waar hij zich bezig houdt met de evacuatie van gewonden aan de fronten van Possad en Ottenski.

In het nostalgische veteranenblog ‘Memoriablau’ van de División Azul (Duits: Blaue Division = een Eenheid van Spaanse vrijwilligers), dicht men Piernavieja een niet zo discrete rol toe. Hij verschijnt in het zogenoemde heldenepos van het Ilmen-meer, waar de Ski-Compagnie er in slaagde steun te verlenen aan een eenheid van het Duitse leger. De Spanjaarden staken- onder leiding van de felle Muños Grande, bij temperaturen van bijna min 60 graden een bevroren hel over van 30 kilometer. De Canario was een van de overlevenden, hij verloor er een long en, zo kunnen we ons voorstellen, een deel van zijn idealen. Paradoxaal genoeg stelpte de ijzige kou en de torenhoge sneeuw de bloeding. Hier zou voor Piernavieja een minder oorlogszuchtige periode beginnen, geïntegreerd in het staatsapparaat van Franco en ondergaand in de sport. Misschien heeft hij wel een paso doble gedanst toen hij eindelijk een uitweg zag.

Een groepsfoto van militairen in Riga, Litouwen, brengt ons terug bij Miguel Piernavieja del Pozo. Hier herstelt hij van zijn dodelijke verwonding en hij leert er ook zijn echtgenote kennen, de verpleegster Dzidra Rozitis Pampe.
De uniformen zijn Duits. De geschiedkundige van de Universiteit van Las Palmas de Gran Canaria, Juan José Díaz Benítez, legt dit uit.
“Na hun aankomst in Grafenwöhr werden ze ingelijfd bij de vrijwilligers, omdat de División Azul (zie; http://nl.wikipedia.org/wiki/Blauwe_divisie) al geïntegreerd was in het Duitse leger als de Divisie Infanterie nummer 50. Vandaar de eed van trouw aan de Führer. De uniformen die de vrijwilligers droegen bij het verlaten van Spanje, waren van het Spaanse leger. Op de foto zijn ze in het buitenland.”


Cagigal Gutiérrez.

Van Riga naar de Overheid
Als de oorlog is afgelopen, “richt hij zijn activiteiten op het bestuderen van de sport en verwerft hij een grote reputatie in de wereld van de journalistiek met het oprichten en het samen met Cagigal Gutiérrez leiden van lieden van ‘Citius-Altius-Fortius’ (1958); en sinds februari met de publicatie van ‘Deporte 2000’. Eveneens publiceerde hij diverse studies en essays waarin hij zijn kwaliteit van onderzoeker en sport-geschiedkundige  combineert met de pedagogie, waarbij genoemd moeten worden:‘El deporte en la literatura latina’ (1960) en ‘El libro deportivo español’ (1965). Hij was een vooraanstaand lid van de Consejo Superior de Deportes (Hoge Sportraad) en van het Instituto Nacional de Educación Física (Nationaal Instituut voor Lichamelijke Opvoeding),"zo bevestigt het Diccionario.

Zo, nu nagenoeg het hele verhaal nog een keer, maar bezien vanuit een iets ander standpunt:

        De Anacletos van Franco, kent u ze?
“Een autodidactische stierenvechter die vis met zijn vingers eet in het ‘Savoy’ Hotel en die in 1941 neerstrijkt in de Franco-Ambassade in Londen; een nep journalist die ernaar streeft slim te zijn en eindigt als nar en playboy; een medewerker die ontcijferde codes van de Ambassade doorgeeft aan M15…” Dát is het beeld wat de Britse Geheime Dienst had van de spionnen die Franco naar Londen stuurde, om informatie te verkrijgen voor Hitler-Duitsland.


De Fasiscten.

Ten tijde van de Tweede Wereldoorlog genoot de Spaanse Ambassade bij voorkeur een speciale belangstelling van de Britten, omdat de toenadering tussen het Spanje van Franco en het Duitsland van Hitler deze veranderde in een van de ‘alternatieve bases’ voor de Duitse spionage. De meest potentiële bases was de Ambassade in Londen van het fascistische Spanje, waar sommige pro-nazi diplomaten - beschermd door de diplomatieke onschendbaarheid - in relatie met andere Spanjaarden in Londen, de intentie hadden te spioneren voor Duitsland.

Wat de Britten misschien niet zouden verwachten was de slordige organisatie van de Ambassade zelf en zijn spionnen. Het feit, dat de Spaanse spionage te gunste van de Duitsers niet van groot belang is geweest, dankt men vooral aan het gemak waarmee de veiligheidsdiensten de Ambassade konden infiltreren. De Britse veiligheidsdienst ontdekte, dat men voortdurend een tegenstander van laag niveau had en, dat de beveiliging van de Ambassade verheugend zwak was.

“Het is een buitengewoon feit, dat we binnen enkele maanden, tussen eind september 1941 en medio februari 1942, niet alleen een algemene indruk hadden, maar een heel exact beeld van het spionagenetwerk van dat land,” is de mening van B1g, zoals men de veiligheidsdienst noemde die sinds 1941 belast was met het controleren van de activiteiten van de Duitse inlichtingendienst.

“Gelukkig voor ons, waren de veiligheidsmaatregelen van de Ambassade nul,” zo voegt men toe. De beste agent van M15 in de Spaanse Ambassade was een medewerker, “ die ons de gecodeerde banden gaf, versies van ontcijferde gecodeerde telegrammen, concept-rapporten van de Ambassadeur, privé brieven, aantekeningen over diners en bezoekers, en over het algemeen roddels over de leden van de Ambassade.”

In een geval, overhandigde het contact van M15 een koffer met codes voor het ontcijferen van berichten, die maandenlang geldig was. Af en toe liet een andere agent binnen de Ambassade ’s nachts leden van de veiligheidsdienst binnen, “voor discrete, kleine diefstallen.”

“De eerste golf waarvan M15 dacht, “dat dit het hart van het Spaanse spionagenetwerk was,” kwam via de Geheime Inlichtingen Dienst in de herfst van 1940. Op 27 september komt Miguel Piernavieja del Pozo aan in Londen met een spionage-opdracht, hij doet zich voor als journalist en waarnemer van het Instituut voor Politieke Studies; hij raakt onmiddellijk bekend, door in het openbaar de Duitse overwinning te voorspellen. M15 typeert Piernavieja als een jong, losbandig en onverantwoordelijk 26-jarig playboy-type, die weinig, of geen kennis van journalistiek heeft en ook niet van het Instituut voor Politieke Studies, of - zoals men hierna kan zien - van spionage.

Meteen na aankomst in Londen, maakte de jonge Spaanse spion het de M15 gemakkelijk haar taak uit te voeren, door contact te leggen met GW, een dubbelagent die de Duitse inlichtingendienst deed geloven, dat hij een fanatieke nationalist uit Wales was die voor hen werkte.
Bij zijn eerste ontmoeting - en tot verrassing van GW - overhandigde Piernavieja hen een talkpoeder-blikje met daarin £ 3.500, tegenwoordig omgerekend ruim £100.000  (€112.000,=). “waarschijnlijk het grootste geldbedrag, dat ooit aan een Britse agent is overhandigd in de 20ste Eeuw, als men de fondsen buiten beschouwing laat aan de Communistische partij en andere organisaties.

Tegen de Brit zei hij, dat een deel van het geld voor zijn persoonlijk gebruik was en het andere deel moest hij bij zich houden todat Piernavieja hem zou vragen, dit terug te geven, als hij daarom zou vragen. De man “wijdde bijna al zijn tijd aan de vrouwtjes in Café de Paris en verwierf al snel de reputatie van dronkenlap, verkwister en nar, die Madrid opriep, om tijdelijk naar Spanje terug te keren.

Tijdens een van zijn gebruikelijke ontmoetingen, heeft Piernavieja aan de dubbelspion GW uiteengezet, dat hij rechtstreeks opdrachten ontving van een agent met een hoge rang in de Abwehr, Ángel Alcázar de Velasco.
Ramón Serrano Súñer, een vriend, die dicht in de buurt van de pro-nazi minister van Buitenlandse Zaken van Franco verkeerde en die, ondanks dat hij geen Engels kende, in januari 1941 gezonden was als persattaché in de Ambassade in Londen.

Dit is de evaluatie die de veiligheidsdienst maakte van Alcázar de Velasco, de Spaanse agent die spioneerde voor de Duitsers en voor de Japanners. “Alcázar heeft een bijzonder karakter. Hij is van zigeuner-afkomst, en als kind werkt hij in Madrid als schoenpoetser. Hij is buitengewoon ambitieus, en om aan geld te komen waarmee hij zijn studie kan betalen, wordt hij stierenvechter. Hij sluit zich zonder meer aan bij de Falange en hij verzekert, dat zijn eerste politieke daad het vermoorden van een republikeinse politiecommissaris is geweest.”

Door zijn sterke persoonlijkheid raakte deze autodidactische ex-stierenvechter al snel thuis in de Spaanse kolonie en bij het ambassadepersoneel - met uitzondering van de hertog van Alva. Hij gedroeg zich op een manier die op anderen belachelijk over kwam. Hij ging naar een ondervraging in het Foreign Office in het uniform van de Falange, accepteerde een uitnodiging in een elegant hotel in Londen en stond erop de drankjes te betalen; at vis met zijn vingers in het Savoy en gaf een demonstratie stierenvechten in het Turkse badhuis. De in verlegenheid gebrachte Spaanse diplomaten pasten zich op alles aan als jaknikkers, uit angst voor de macht van Alcázar in Madrid. Bovendien heeft hij nooit geprobeerd zijn sterke pro-Duitse gevoelens te verbergen en zijn wens voor de overwinning van de Asmogendheden.

 Via een bericht van de Japanse ambassadeur in Madrid, wisten de Britten, dat Alcázar verzekerde, dat hij een netwerk van 21 spionnen had in het Verenigd Koninkrijk.


Ángel Alcázar de Velasco, op 70-jarige leeftijd.

Jaren later beweerde Alcázar, dat hij Hitler’s plaatsvervanger, Martin Borman, geholpen zou hebben uit Berlijn te vluchten en zich te verbergen in Argentinië en hij verzekerde, dat hij in 1953 een man kende die  een grote gelijkenis vertoonde met een oudere Adolf Hitler en die iedereen Führer noemde…
1-AAAAislas-canarias-92.jpg


Hield Hitler zich verborgen op Canarias?

LAS PALMAS DE GRAN CANARIA - 7 januari 2012 - Een boek, dat is gepubliceerd in Argentinië en wat in juni 2010 in Spanje is uitgekomen, onthult, dat Adolf Hitler geen zelfmoord zou hebben gepleegd maar met hulp van de geallieerden geëvacueerd is naar Barcelona en zich mogelijk verborgen heeft gehouden op de Canarische Archipel, alvorens te vluchten naar Patagonië (Argentinië).

Na gevlucht te zijn uit het brandende, nagenoeg geheel in as gelegde Berlijn en alvorens met Eva Braun te vertrekken naar Patagonië (Argentinië), heeft Adolf Hitler zich in 1945 enkele dagen in Spanje verborgen gehouden, zo verzekert de uit Buenos Aires afkomstige journalist Abel Basti in zijn boek: 'El exilio de Hitler' ('Hitler’s ballingschap').
220px-Bundesarchiv_Bild_183-S33882_Adolf_Hitler_retouched-189x300.jpg 266px-Hitler_recoloured.jpg

 Hitler in 1937 in zijn kantoor in de Rijkskanselarij (Foto: Deutsches Bundesarchiv.)

De grootste onthulling in het in Argentinië gepubliceerde boek is een geheim Duits document, dat door de auteur in Argentinië is verkregen en waarin de Führer verschijnt als een van de geëvacueerde passagiers in een vliegtuig van Oostenrijk naar Barcelona op 26 april 1945.

Volgens de officiële geschiedenis, weigerde de leider van het derde Rijk uit Berlijn te ontsnappen en op 30 april 1945 pleegde hij, samen met zijn geliefde, Eva Braun, zelfmoord in de bunker die gebouwd was onder het gebouw van de Rijkskanselarij. Hoewel hun verkoolde lichamen nooit zijn aangetroffen.

Basti, die al jaren probeert de route van de nazi’s naar Argentinié te reconstrueren, beschouwt deze versie als een “farce”, welke men “gefabriceerd” heeft, om Hitler een vrijgeleide te geven, omdat hij werd gezien als een “sleutel” in de strijd tegen het communisme na de tweede wereldoorlog.

“Ik heb er geen twijfels over, dat toen de tweede Wereldoorlog werd beëindigd, Hitler uit Duitsland vluchtte onder bescherming van de Engelsen en Amerikanen in hun bezettingssector in Berlijn, zij zijn het ook die de nederige schilder hebben gefinancierd, zodat hij Kanselier van Duitsland kon worden,” zo verzekert de journalist.

Hij spreekt zelfs van een verondersteld pact Washington-Berlijn, wat een evacuatieplan voor de Nazi’s bevatte voor personen, technologie, documenten en deviezen.

Voor Basti, schuilt het “grote geheim” van Hitler’s vlucht in de komst van een van zijn dubbelgangers naar de bunker. “Die was geknipt als een waardige dubbel in een Hollywoodfilm”, wat gebeurde in de vroege ochtend van 22 april 1945.

“Op die dag vloog de echte Hitler, samen met acht personen, onder wie Eva Braun,  naar de Oostenrijkse luchthaven van Hörsching, nabij de stad Linz, “ zo geeft  Basti aan, en benadrukt de overeenkomst van deze versie met de getuigenis van Gestapo-chef.

De Argentijnse journalist beweert, dat Hitler en zijn gevolg vier dagen in Oostenrijk verbleven en hij verwijst daarbij naar een gebeurtenis, welke hij beschouwt “als betaling voor zijn immuniteit”- het verlaten van Linz in een trein vol met door de nazi’s uit Hongarije gestolen goud. “Meer dan een zogenaamd toeval, geeft dit de indruk, dat het gaat om  een overeengekomen leverantie,” zo benadrukt de journalist.

Net als Müller, die aan de CIA onthulde, dat Hitler naar Spanje heeft weten te ontsnappen, beweert Abel Basti, dat Hitler op 26 april 1945 naar Barcelona vertrok.

Ontmoetingen in Cantabrië
Daartoe publiceert Basti  in zijn boek een  officiële geheime mededeling, volgens welke Hitler voorkomt op de passagierslijst van een vliegtuig, dat van Hörsching naar Barcelona is gevlogen door de piloot Werner Baumbach, die in 1953 in Argentinië is overleden.

 “De aanwezigheid van Hitler in  Spanje is me nu bevestigd door een oude pater Jezuiet, wiens familie bevriend was met de nazi-leider. En ook heb ik verklaringen welke verwijzen naar ontmoetingen met zijn gevolg in een herberg genaamd ‘Las Quebrantas’, in Cantabrië”, zo laat Basti weten.

Het boek bevat ook een document van de Britse geheime dienst, dat onthult, “dat een convooi nazi-onderzeeërs, met instemming van de Verenigde Staten, enkele dagen later uit Spanje is vertrokken en, na een technische tussenstop op de Canarische Eilanden, de reis vervolgde naar het zuiden van Argentinië

“In een van deze onderzeeërs reisden Hitler en Eva Braun,” zo benadrukt Basti, die ervan overtuigd is, dat het paar in Patagonië ergens in juli/augustus 1945 van boord is gegaan, nota bene onder bescherming van president Edelmiro Farrell en Juan Domingo Perón, zijn toenmalige minister van Oorlog,” zo concludeert Basti.
overzichtskaartje-patagonie_large.jpg

Patagonië
Patagonië is een gebied in Zuid-Amerika, gelegen ten zuiden van de rivier de Colorado (41ste breedtegraad) tot aan de Straat Magellaan. Het gebied strekt zich uit over zowel Chili als Argentinië.

In Chili beslaat Patagonië de regio’s Los Lagos, Aysen en Magallanes en het Chileense Antarctica. In Argentinië beslaat het de provincies Neuquén, Rio Nero, Chubut en Santa Cruz. Er zijn echter geen duidelijke grenzen vastgelegd. Volgens sommigen behoort ook Vuurland tot Patagonië.

De Portugese ontdekkingsreiziger Ferdinand Magellaan (Portugees: Fernão de Magalhães, Spaans: Hernando de Magallanes, geboren in Sabrosa in de lente van 1480 – overleden te Mactan op 27 april 1521) was de eerste Europeaan die Patagonië aandeed, tijdens zijn reis om de wereld in 1520. Volgens Antonio Pigafetta, die de ontdekkingen van Magellaan op schrift stelde, noemde Magellaan het gebied “Patagão”.

Pigafetta meldde in zijn verslag, dat men daar reusachtige mensen aantrof. Daarom wordt verondersteld, dat Patagonië zoiets betekent als: ‘Land van grote voeten’.

Nederlandse, Engelse en Spaanse avonturiers volgden het spoor van Magellaan in de daarop volgende jaren. In 1616 noemde Willem Corneliszoon Schouten het meest zuidelijke puntje van Chili ‘Kaap Hoorn’, naar zijn woonplaats Hoorn.

Het klimaat in Patagonië wordt beïnvloed door de aanwezigheid van de Andes. De door de westenwinden aangevoerde wolken worden door de hoge bergen tegengehouden, zodat daar zeer veel neerslag valt. Het land ten oosten van de Andes krijgt daarom zeer weinig neerslag. Dit Argentijnse gebied is daardoor een steppegebied, het is leeg en schraal. Enkel schapen kunnen daar overleven. Schapenteelt en de productie van wol op uitgestrekte vlakten is er dan ook de enige economische activiteit van betekenis. Bovendien waait er steeds een sterke wind, die het leven er weinig aangenaam maakt.

Plaatsen in Patagonië zijn onder andere Puerto Madryn, Punta Arenas, Puerto Natales, San Carlos de Bariloche en El Calafate.

In Patagonië ligt onder andere de Perito Moreno-gletsjer en het Argentino-meer en het Viedma-meer. Verder de nationale parken Los Glaciares, Tierra del Fuego, Nationaal park Nahuel Huapi en Torres del Paine. Valdés is een schiereiland waar onder andere walvissen en zeeleeuwen voorkomen. Ook is er Cueva de las Manos.

        Nogmaals de vraag:  'Was Hitler op Canarias?’
Het onderstaande artikel is geschreven door de Grancanarische onderwijzer en journalist Jaime Rubio Rosales:


Jaime Rubio Rosales.

"Deze intrigerende vraag komt weer bij me op tijdens het debat wat dezer dagen is ontstaan over FBI-documenten die onlangs zijn vrijgegeven door de CIA en die duidelijk spreken over de aanwezigheid van Hitler in Zuid-Amerika na 1945.

Waarom deze vragen over deze openbaringen uitgerekend nu?
De CIA – die niet bestond tijdens de Tweede Wereldoorlog – heeft momenteel besloten FBI-documenten te openbaren waardoor het bijna onmogelijk is vol te houden, dat Hitler in 1945 in Berlijn is gestorven waarbij  rekening gehouden moet worden met de diverse bewijzen die in de afgelopen jaren zijn aangedragen door onderzoekers. Laten we enkele ervan  bekijken.

Beginnen we met  studies die zijn verricht door wetenschappers van de Universiteit van Connecticut, die  het DNA bestudeerd hebben van een stukje schedel van Hitler. Zij hebben vastgesteld, dat de schedel die de Russen bewaren, die van een jonge vrouw is en, daarom niet die van de Duitse dictator is.

Dit  heeft de chef-archivaris van de voormalige KGB (tegenwoordig FSB) Yuri Jristóforov gedaan die zich haastte te zeggen, dat men in 1970 de overblijfselen van Hitler en Eva Braun vernietigde, maar, dat men een stukje van zijn schedel bewaard heeft en, dat men in 2002 het een Amerikaanse wetenschapper heeft toegestaan, voor een televisiereportage op  het Geschiedeniskanaal, dit botmateriaal te bestuderen terwijl men hem ook toestond dit te filmen.

De archeoloog Nick Ballentoni heeft toen gebruik gemaakt van de onzorgvuldigheid van een van  de medewerkers van het Russische Staatsarchief, door enkele schilfers van Hitler’s schedel te nemen. Het lijkt erop, dat deze wetenschapper de monsters heeft gegeven aan de Universiteit van Connecticut voor een DNA-studie en, uit die analyse heeft men geconcludeerd, dat deze schedel niet die van Hitler kan zijn, omdat deze duidelijk van een vrouw is.

Dit lijkt op een typisch verhaal van Dan Brown, maar we weten, dat de werkelijkheid vaak vreemder is dan fictie. De Russen hebben, uiteraard, gezegd, dat geen enkele Universiteit hen toestemming heeft gevraagd, om deze studie te verrichten, hoewel men erkent, dat men het Ballentoni  heeft toegestaan, om de resten van de schedel en de onderkaak te bestuderen.

Bovendien zijn zij met zichzelf in tegenspraak, omdat ze in 1970 eerst zeggen, dat deze resten verdwenen zijn, maar als gevolg van de commotie, nadien toegeven, dat men resten van de schedel bewaard heeft.

We herinneren eraan, dat na de veronderstelde zelfmoord van Hitler en Eva Braun in Berlijn op 30 april 1945 de SS hen heeft overgoten met benzine en in brand heeft gestoken, waardoor de lijken onherkenbaar verminkt raakten, althans dit geloven we. Nu blijkt, dat dit niet het geval is geweest, maar, dat hun lichamen door de Russen op 21 februari 1946 in het geheim zijn begraven in Maagdenburg. En, dat in april 1970 Andopov opdracht heeft gegeven  hun lijken te verbranden en de as te verstrooien in de Biederitz-rivier. Interessant is, dat de Russen in 2000 Hitler’s schedel met een kogelgat tonen aan de media wereldwijd.

Maar, als hun lichamen zijn verbrand en hun as in 1970 in de rivier is verstrooid, hoe kan het dan zijn, dat Hitler’s schedel in 2000 opduikt in Moskou?

Dit wekt de indruk, dar de Russen verstrikt zijn geraakt in hun eigen beweringen en niet weten hoe zij zich hieruit moeten redden. Dit heeft geleid tot speculatie over de waarheid van de versie van het Rode Leger.

Anderzijds bevestigt de Argentijnse onderzoeker Abel Basti in zijn boek met de titel “El exilio de Hitler”  (“De verbanning van Hitler”), dat volgens de FBI, de Amerikanen in 1947 de Duitse dictator in Spanje zochten, waar deze een maand zou hebben doorgebracht.

<
Gerard Citroen met Adolf Hitler (Alias: Adolfo Schüttelmayer) in Zuid Amerika - 1954.

Dit stemt overeen met de rapporten van de FBI die de CIA in 2010 heeft vrijgegeven en waarop de Nederlands journalist Gerard de Boer beslag heeft weten te leggen…
fbi5_large.jpg

De scans van deze documenten zijn aangeleverd door Gerard de Boer.

x04-2_large.jpg 

Volgens deze documenten  zou de  voormalige Nederlandse SS-er Felipe Citroen – die in Zuid Amerika voor de KNSM werkte -  in 1955 onthuld hebben (met overhandiging van foto’s)  aan een CIA.-agent, dat hij in Colombia  maandelijks contact heeft gehad met Hitler, maar, dat men hem daar Adolfo Schüttelmayor (Adolf Schüttelmeyer) noemde en, dat deze in 1955 verhuisd is naar Argentinië.
x05-2_large.jpg

Ook onthulde Citroen, dat Hitler in 1945 in een onderzeeboot is aangekomen in Buenos Aires, waarbij hij waarschijnlijk een tussenstop heeft gemaakt op Jandia, Fuerteventura. We herinneren eraan, dat Spanje een van de landen was die betrokken waren bij de Operatie Odessa/Convento en, dat Canarias de verplichte stop was richting Argentinië voor de Italiaanse trans-Atlantische schepen die de nazileiders – voorzien van door het Vaticaan uitgegeven, valse paspoorten – vervoerden. Zoals gezegd,  maakte men de reis met de schepen van de Italiaanse C-lijndienst, die in Puerto de la Luz aanmeerden, alvorens de Atlantische Oceaan over te steken.

Dit gebeurde met Eichmann, die in juni 1950 in Puerto de La Luz aankwam met de Eugenio-C en na een maand opdook in Buenos Aires.

Uitgerekend de reis van Eichmann kan de sleutel zijn, om te begrijpen, dat de Russen en de Amerikanen Hitler in Spanje zochten nadat de Oorlog was afgelopen.

We weten nu, dat het Stalin was, die - in 194 - tegen Churchill zei, dat Hitler aan hen ontsnapt was en, dat hij geloofde, dat deze in Spanje was.

Volgens Basti is de vlucht van Hitler en Eva Braun begonnen in het Noorden van  Oostenrijk en dat zij via Italië,  in een Junker 290-vliegtuig  geland zijn in  Barcelona (daarbij de bekende route van de Operatie Convento/Odessa volgend, die ik heb uiteengezet in mijn boek: “Submarinos y arqueología Nazi en Canarias” (wat in het Nederlands vertaald is door Hans Camps, getiteld: “Nazi-duikboten en  Nazi-archeologie op Canarias”).

Vanuit Barcelona zouden ze vertrokken zijn naar een geheime locatie op de Canarische Eilanden, zeker Fuerteventura, waar de Duitsers een perfecte schuilplaats hadden, Villa Winter, op een afgelegen plaats op het schiereiland Jandia. Daar is men bijna een maand verbleven, precies zoals gebeurde met Eichmann, zoals deze tijdens zijn proces heeft verklaard.

310px-casa-winter_large.jpgDe Villa Winter op Fuerteventura, zoals deze er anno 2011 uit ziet.
Was dit een schuilplaats in de Operatie Convento/Odessa?
Hebben na de Oorlog, alvorens naar Argentinië over te steken, zich hier Hitler, Eichmann en Mengele schuilgehouden?
Het gezin Winter heeft nooit in deze villa gewoond.

Anderzijds was Canarias tijdens de Tweede Wereldoorlog een ravitailleringshaven voor de Duitse onderzeeboten, zoals de bijna 8000 m² aan recentelijk ontdekte tunnels  in de Barranco van Tamaraceite op Gran Canaria  het bewijs zijn van de plannen in het tijdperk waarvan we de silo’s kunnen zien voor de opslag van torpedo’s van de onderzeeërs.



Schematische voorstelling van de silo voor de torpedo’s  in de originele bouwtekening voor de  tunnels van Tamaraceite (Gran Canaria). Let op het stempel ‘RESERVADO’ (Strikt Geheim) op het document van de Spaanse Marine.

1274641536387-img-5106-large_large.jpg

                                   Een ruimte in de tunnels van Tamaraceite,
           met rails, geblindeerde deuren en betonwanden als een ware bunker.

We weten ook, dat de Kriegsmarine beschikte over bevoorradingsschepen, zoals de ‘Schliemann’ (onder de codenaam ‘Corrientes’) met basis in de haven van Las Palmas de Gran Canaria, die vanaf de wal ravitaillering leverde aan de nazi-duikboten.

Dit schip is in 1943  gezonken tijdens een Engelse aanval op Puerto de La Luz van Las Palmas. Bovendien frequenteerden de Duits U-boten de wateren bij Jandía, waar de lichten van  de Villa Winter hen dienden als nachtelijke gids, volgens de bekentenis van kapitein Markworth in het logboek van de U66.

subamrino-rescatado_large.jpg
           De in 1950 gelichte U-167 op weg naar Puerto de La Luz y de Las Palmas,                                                 waar het jaren later is gesloopt.

Ook weten we, dat de Engelsen, die agenten hadden die Jandía bewaakten, de U-167 bombardeerden toen die in april 1947 vanaf dit schiereiland vertrok, maar dat de kapitein van de onderzeeër erin is geslaagd, om het Las Burras-strand te bereiken in het Zuiden van Gran Canaria, waar het schip uiteindelijk is gezonken nadat de gehele bemanning was gered.

Kan Hitler in 1945 via Canarias naar Argentinië zijn gereisd, zoals de uit Buenos Aires afkomstige journalist Abel Basti beweert?

Rekening houdend met de verslagen van de CIA en de FBI en, toegegeven, dat Hitler, volgens de DNA-test, aan de dood ontsnapte in Berlijn, is het gemakkelijk te denken, dat deze eilanden een verplichte halteplaats waren, en zeker, om de sprong naar Amerika te maken. De aanwijzingen zijn er, het ontbreekt ons echter aan definitieve bewijzen, maar elke dag komen we er dichter bij om dit te bereiken."
3201_large-2.jpg

Boeken
Bovenstaand  artikel is geschreven door de  leraar aan de universiteit van Las Palmas de Gran Canaria en journalist Jaime Rubio Rosales. Zijn hoogst interessante – door Hans Camps naar het Nederlands vertaalde - boeken zijn via het Internet te koop op:
www.lulu.com/browse/search.php?fListingClass=7&fSearch=Jaime+Rubio+RosalesfSearch=Jaime+Rubio+ROSALES
1-AAAAislas-canarias-92.jpg


 

kaart_canaria-5-19.jpg

aaaaLOGOMETBANNERGranCanariaActueel-2--438.jpg

yyy1208786641_smileyhuilend-25.jpg